Portefeuilletheorie en diversificatie tentamenvragen

Een studiepakket met tentamenvragen over portefeuilletheorie en diversificatie, gericht op belangrijke concepten en terminologie binnen de financiële economie.

Pixel29·32 flashcards·32 vragen
woeconomicsfinance
0
Ken ik
1 / 32
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is portefeuilletheorie?

Tik om om te draaien
Achterkant

Portefeuilletheorie bestudeert hoe beleggers activa kunnen combineren om risico's te minimaliseren en rendement te maximaliseren.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(32 vragen)

Vraag 1 van 32

1. Wat beschrijft het concept van een efficiënte portefeuille?

Termen in deze set(32)

Basisprincipes van Portefeuilletheorie(16)

Wat is portefeuilletheorie?

Portefeuilletheorie bestudeert hoe beleggers activa kunnen combineren om risico's te minimaliseren en rendement te maximaliseren.

Definieer rendement.

Rendement is de winst of verlies van een investering, vaak uitgedrukt als percentage van de initiële investering. Formule: R=fracWinstInvestering×100\displaystyle R = \\frac{Winst}{Investering} \times 100.

Wat is het doel van diversificatie?

Het doel van diversificatie is risico te verminderen door investeringen over verschillende activa te spreiden.

True or False: Diversificatie elimineert alle risico's.

False. Diversificatie vermindert risico, maar kan systematische risico's niet elimineren.

Vul de lege plek in: Het __________ van activa vermindert de kans op grote verliezen.

spreiden

Wat is systematisch risico?

Systematisch risico is het risico dat de gehele markt beïnvloedt, zoals economische recessies. Het kan niet worden geëlimineerd door diversificatie.

Hoe wordt het rendement van een portefeuille berekend?

Het rendement van een portefeuille wordt berekend als het gewogen gemiddelde van de rendementen van de individuele activa: Rp=w1R1+w2R2+...+wnRn\displaystyle R_p = w_1R_1 + w_2R_2 + ... + w_nR_n.

Wat is een efficiënte portefeuille?

Een efficiënte portefeuille is een portefeuille die het hoogste verwachte rendement biedt voor een bepaald niveau van risico.

Wat is het concept van de efficiënte grens?

De efficiënte grens is een grafiek die de beste mogelijke rendementen toont voor een gegeven niveau van risico in een portefeuille.

Wat zijn de twee soorten risico in portefeuilletheorie?

Specifiek risico (afzonderlijk, niet-systematisch) en systematisch risico (geheel de markt).

Wat is de rol van correlatie?

Correlatie geeft aan hoe activa zich samen bewegen. Een lage of negatieve correlatie helpt het risico te verlagen bij diversificatie.

Wat is een Sharpe-ratio?

De Sharpe-ratio meet de prestaties van een portefeuille per eenheid van risico: S=fracRp−Rfσp\displaystyle S = \\frac{R_p - R_f}{\sigma_p}.

Geef een voorbeeld van een portefeuille.

Een portefeuille kan bestaan uit 70% aandelen en 30% obligaties, wat risico en rendement balanceert.

True or False: Obligaties zijn altijd minder risicovol dan aandelen.

False. Obligaties kunnen ook risico's met zich meebrengen, zoals rente- en kredietrisico.

Wat is de betekenis van beta in portefeuilletheorie?

Beta meet de volatiliteit van een aandeel ten opzichte van de markt. Een beta groter dan 1 betekent meer risico.

Wat is de Capital Asset Pricing Model (CAPM)?

CAPM bepaalt een verwacht rendement op een investering op basis van het systematische risico, volgens de formule: E(Ri)=Rf+betai(E(Rm)−Rf)\displaystyle E(R_i) = R_f + \\beta_i(E(R_m) - R_f).

Diversificatie en Risico(16)

Wat is diversificatie?

Diversificatie is het spreiden van investeringen over verschillende activa om risico te verminderen.

Vermindert diversificatie altijd risico?

Ja, door spreiding kan specifiek risico verlaagd worden, terwijl marktrisico blijft bestaan.

Wat is systematisch risico?

Risico dat de hele markt beïnvloedt, zoals economische recessies. Kan niet door diversificatie worden geëlimineerd.

Wat is onsystematisch risico?

Risico dat specifiek is voor een bedrijf of sector. Dit kan verminderd worden door diversificatie.

Geef een voorbeeld van diversificatie.

Investeren in aandelen, obligaties en vastgoed in plaats van alleen aandelen.

Wat is de invloed van correlatie op diversificatie?

Lage of negatieve correlatie tussen activa verhoogt de effectiviteit van diversificatie.

Waar staat de Sharpe-ratio voor?

Een maatstaf die het rendement per eenheid risico (standaarddeviatie) evalueert: Sharpe=Rp−RfextSDp\displaystyle Sharpe = \frac{R_p - R_f}{ ext{SD}_p}.

Wat is de optimale portefeuille?

Een portefeuille die het hoogste verwachte rendement biedt voor een gegeven risiconiveau.

Waarom is herinvestering belangrijk?

Herinvestering van winsten kan de totale rendement verhogen door samengestelde groei.

Wat is de rol van activaklassen?

Activaklassen zoals aandelen, obligaties en vastgoed bieden verschillende risiconiveaus en rendementseigenschappen.

Invloed van marktomstandigheden op diversificatie?

In tijden van marktvolatiliteit kunnen correlaties tussen activa toenemen, waardoor diversificatie minder effectief wordt.

Wat betekent 'risico-rendement trade-off'?

Hoe hoger het risico, hoe hoger het potentiële rendement. Beleggers moeten deze balans vinden.

Vul in: Diversificatie helpt om ____ te verminderen.

specifiek risico en volatiliteit.

Wat is een efficiënte grens?

Een grafiek die de best mogelijke rendementen toont voor verschillende risiconiveaus, gebaseerd op diversificatie.

Waarvoor staat de term 'beta'?

Een maat voor de gevoeligheid van een portefeuille ten opzichte van de marktschommelingen.

Vergelijk risicoloze activa en risicovolle activa.

Risicoloze activa bieden een gegarandeerd rendement, terwijl risicovolle activa potentieel hogere rendementen bieden met meer risico.

Vragen in deze set(32)

1. Wat beschrijft het concept van een efficiënte portefeuille?

A.Het biedt het hoogste rendement voor een bepaald risico.
B.Het legt de nadruk op alleen aandelen.
C.Het minimaliseert de diversificatie.
D.Het negeert systematisch risico.

2. Wat is een primaire reden voor diversificatie?

A.Het verminderen van specifiek risico.
B.Het verhogen van marktrisico.
C.Het terugdringen van liquiditeitsrisico.
D.Het maximaliseren van kosten.

3. Wat is een gevolg van diversificatie?

A.Het verhoogt het totale risico.
B.Het verlaagt het specifieke risico.
C.Het elimineert alle risico's.
D.Het maakt investeringen minder winstgevend.

4. Wat gebeurt er met het risico van een portefeuille als alle activa positief gecorreleerd zijn?

A.Het risico neemt af.
B.Het risico blijft gelijk.
C.Het risico neemt toe.
D.Het risico verandert niet.

5. Wat meet de Sharpe-ratio?

A.Prestaties per eenheid van risico.
B.Het totale rendement.
C.Het systeemrisico van de portefeuille.
D.De correlatie tussen activa.

6. Wat is de functie van de Sharpe-ratio?

A.Het berekenen van de gemiddelde kostprijs.
B.Het vergelijken van rendement en risico.
C.Het vaststellen van de marktwaarde.
D.Het bepalen van de liquiditeit.

7. Wat is systematisch risico?

A.Risico dat de gehele markt beïnvloedt.
B.Risico dat alleen individuele aandelen betreft.
C.Risico door slechte bedrijfsresultaten.
D.Risico dat volledig kan worden geëlimineerd.

8. Wat is een voorbeeld van onsystematisch risico?

A.Een economische recessie.
B.Een bedrijf dat failliet gaat.
C.Veranderingen in rentetarieven.
D.Natuurrampen.

9. Welk percentage van de portefeuille bevat aandelen in een voorbeeld van 60% aandelen en 40% obligaties?

A.60%
B.40%
C.70%
D.30%

10. Wat is het effect van diversificatie tijdens marktonzekerheid?

A.Het effect van diversificatie neemt toe.
B.Diversificatie wordt minder effectief.
C.Het risico wordt volledig geëlimineerd.
D.Er zijn geen veranderingen.

11. Welke van de volgende uitspraken is waar over correlatie?

A.Een negatieve correlatie helpt om risico te verlagen.
B.Correlatie is irrelevant bij diversificatie.
C.Correlatie leidt altijd tot hogere rendementen.
D.Correlatie is altijd positief.

12. Wat betekent de term 'systematisch risico'?

A.Risico specifiek voor een bedrijf.
B.Risico dat de gehele markt beïnvloedt.
C.Risico dat alleen ontstaat door diversificatie.
D.Risico gerelateerd aan liquiditeit.

13. Wat is de rol van de efficiënte grens?

A.Het toont de beste rendementen voor een gegeven risico.
B.Het toont alleen obligaties.
C.Het vermindert de diversificatie.
D.Het maakt investeringen minder aantrekkelijk.

14. Welke van de volgende opties is GEEN activaklasse?

A.Aandelen.
B.Obligaties.
C.Vastgoed.
D.Risicoanalyse.

15. Wat is een voorbeeld van specifiek risico?

A.Een bedrijf failliet gaat.
B.Een economische recessie.
C.Inflatie stijgt.
D.Rentevoeten dalen.

16. Wat is een efficiënte grens?

A.Een lijn die optimale rendementen toont voor gegeven risiconiveaus.
B.Een methode om kosten te minimaliseren.
C.Een categorie van risicoloze activa.
D.Een strategie voor kortetermijninvesteringen.

17. Wat betekent een beta van 1,5 voor een aandeel?

A.Het aandeel is 50% riskanter dan de markt.
B.Het aandeel heeft geen risico.
C.Het aandeel is minder riskant dan de markt.
D.Het aandeel is precies gelijk aan de markt.

18. Wat is de risico-rendement trade-off?

A.Hogere risico's leiden tot lagere rendementen.
B.Hogere risico's kunnen leiden tot hogere potentiële rendementen.
C.Er is geen verband tussen risico en rendement.
D.Risico's zijn altijd te vermijden.

19. Wat is de formule voor het rendement van een portefeuille?

A.Rp = w1R1 + w2R2 + ... + wnRn
B.Rp = Winst / Investering
C.Rp = Rf + β(E(Rm) - Rf)
D.Rp = gemiddelde(R1, R2, ..., Rn)

20. Waarom is herinvestering van winsten belangrijk?

A.Het vermindert liquiditeitsrisico.
B.Het verhoogt het totale rendement door samengestelde groei.
C.Het garandeert winst.
D.Het verliest waarde.

21. Wat is het primaire doel van portefeuilletheorie?

A.Risico minimaliseren en rendement maximaliseren.
B.Alle activa hetzelfde gewicht geven.
C.Investeren in alleen obligaties.
D.Het rendement volledig garanderen.

22. Wat betekent een lage correlatie tussen activa voor diversificatie?

A.Het maakt diversificatie minder effectief.
B.Het vermindert het totale risico.
C.Het verhoogt de kosten.
D.Het heeft geen effect.

23. Welke van de volgende is geen voordeel van diversificatie?

A.Verhoogt de kans op grote verliezen.
B.Vermindert specifiek risico.
C.Verspreidt investeringen over meerdere activa.
D.Helpt de volatiliteit van de portefeuille te verminderen.

24. Wat is het doel van diversificatie?

A.Het maximaliseren van risico.
B.Het spreiden van risico over verschillende investeringen.
C.Het verminderen van rendement.
D.Het beperken van investeringen tot één activa.

25. Wat is de betekenis van rendement?

A.De winst of het verlies van een investering.
B.De initiële investering.
C.De kosten van activa.
D.De tijdsduur van een investering.

26. Wat is een voorbeeld van een risicoloos actief?

A.Overheidsobligaties.
B.Aandelen van nieuwe technologiebedrijven.
C.Vastgoed in opkomende markten.
D.Speculatieve grondstoffen.

27. Wat betekent het als een aandeel een negatieve correlatie heeft met de markt?

A.Het aandeel beweegt in de tegenovergestelde richting van de markt.
B.Het aandeel heeft geen risico.
C.Het aandeel is volledig onafhankelijk van de markt.
D.Het aandeel altijd verliesgevend zal zijn.

28. Wat is het primaire voordeel van het investeren in verschillende activa?

A.Het verminderen van systematisch risico.
B.Het maximaliseren van liquiditeit.
C.Het verminderen van specifiek risico.
D.Het verhogen van kosten.

29. Wat doet het Capital Asset Pricing Model (CAPM)?

A.Berekent het verwachte rendement op basis van systematisch risico.
B.Verlaagt het risico van de portefeuille.
C.Elimineert alle soorten risico.
D.Geeft een vast rendement gegarandeerd.

30. Hoe kan een belegger de optimale portefeuille bepalen?

A.Door alleen in aandelen te investeren.
B.Door rendement te maximaliseren voor een gegeven risiconiveau.
C.Door risicoloze activa te kopen.
D.Door alle investeringen in één sector te concentreren.

31. Wat is het effect van een lage correlatie tussen twee activa in een portefeuille?

A.Het risico van de portefeuille wordt verlaagd.
B.De rendementen van de activa zijn altijd gelijk.
C.De activa kunnen niet samen worden verhandeld.
D.Er is geen effect op het risico van de portefeuille.

32. Wat is het effect van diversificatie op specifiek risico?

A.Het vermindert specifiek risico.
B.Het verhoogt specifiek risico.
C.Het heeft geen effect op specifiek risico.
D.Het elimineert alle risico.

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.