Engels woordenschat voeding en landbouw flashcards
Een set flashcards voor het leren van Engelse woordenschat gerelateerd aan voeding en landbouw, perfect voor eindexamenvoorbereiding in Nederland.
Quiz(32 pytania)
1. Wat betekent ‘Agriculture’?
Pojęcia w tym zestawie(32)
Voeding(16)
food
voedsel
nutrition
voeding
healthy diet
gezond dieet
organic
biologisch
ingredients
ingrediënten
meal
maaltijd
to harvest
oogsten
fresh produce
verse producten
preservatives
conserveermiddelen
to cook
koken
sustainable farming
duurzame landbouw
seasonal
seizoensgebonden
to prepare
voorbereiden
calories
calorieën
to eat healthy
gezond eten
taste
smaak
Landbouw(16)
Agriculture
Landbouw
Crop rotation
Gewasrotatie
Fertilizer
Vervoeder
Sustainable farming
Duurzame landbouw
Harvest
Oogst
Irrigation
Irrigatie
Pesticide
Besproeingsmiddel
Soil erosion
Gronderosie
Livestock
Vee
Agronomy
Agronomie
Organic farming
Biologische landbouw
Greenhouse
Kas
Dairy farming
Melkveehouderij
Planting season
Teeltseizoen
Yield
Opbrengst
Farming equipment
Landbouwapparatuur
Pytania w tym zestawie(32)
1. Wat betekent ‘Agriculture’?
2. What does 'voedsel' mean?
3. Welk woord betekent ‘Dairy farming’?
4. Which word means 'gezond dieet'?
5. Wat is het resultaat van een goede ‘Harvest’?
6. What does 'biologisch' mean?
7. Welk woord betekent ‘Organic farming’?
8. Which word means 'ingrediënten'?
9. Wat betekent ‘Soil erosion’?
10. What does 'maaltijd' mean?
11. Welk woord betekent ‘Crop rotation’?
12. Which word means 'oogsten'?
13. Wat is de functie van ‘Fertilizer’?
14. What does 'verse producten' mean?
15. Welk woord betekent ‘Irrigation’?
16. Which word means 'conserveermiddelen'?
17. Wat betekent ‘Sustainable farming’?
18. What does 'koken' mean?
19. Welk woord betekent ‘Agronomy’?
20. Which word means 'duurzame landbouw'?
21. Wat is de betekenis van ‘Pesticide’?
22. What does 'seizoensgebonden' mean?
23. Welk woord betekent ‘Yield’?
24. Which word means 'voorbereiden'?
25. Wat betekent ‘Livestock’?
26. What does 'calorieën' mean?
27. Welk woord betekent ‘Greenhouse’?
28. Which word means 'gezond eten'?
29. Wat betekent ‘Planting season’?
30. What does 'smaak' mean?
31. Wat is een gevolg van ‘Soil erosion’?
32. What does 'gezond eten' mean?
Powiązane zestawy
Angielski A2 – Słówka: dom i rodzina
Wörter: Englisch some any much many
Englisch Abitur Zusammenfassung
Wörter: Englisch household chores
Englisch Abitur Statistik beschreiben Karteikarten
Englisch Abitur analysis verbs Karteikarten
Englisch Abitur Mediation
Wörter: Englisch if-Sätze Typ 2
Stwórz własny zestaw
Wgraj PDF, wklej notatki lub opisz temat – AI wygeneruje fiszki, quizy i więcej w kilka sekund.

