Cijfergemiddelde voorbeelden

Voorbeelden van cijfergemiddelden in alledaagse situaties zoals boodschappen, reizen en weer.

LuukP0·13 flashcards·13 vragen
alledaagsmathematicsstatistics
0
Ken ik
1 / 13
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is het gemiddelde van 10, 15 en 20?

Tik om om te draaien
Achterkant

Het gemiddelde is (10 + 15 + 20) / 3 = 15.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(13 vragen)

Vraag 1 van 13

1. Wat is het gemiddelde van 30, 40 en 50?

Termen in deze set(13)

Wat is het gemiddelde van 10, 15 en 20?

Het gemiddelde is (10 + 15 + 20) / 3 = 15.

Hoe bereken je het gemiddelde van je boodschappen?

Tel alle bedragen bij elkaar op en deel door het aantal boodschappen.

Gemiddelde temperatuur deze week: 10°C, 12°C, 14°C. Wat is het gemiddelde?

Het gemiddelde is (10 + 12 + 14) / 3 = 12°C.

Wat is het gemiddelde van je kilometerstand?

Neem de kilometerstand op verschillende dagen, tel ze op en deel door het aantal dagen.

Je huurt een kamer voor €300, €350 en €400. Wat is het gemiddelde?

Het gemiddelde is (€300 + €350 + €400) / 3 = €350.

Is het gemiddelde van 5, 10, 15, 20 gelijk aan 12?

Nee, het gemiddelde is (5 + 10 + 15 + 20) / 4 = 12.5.

Vul de lege plek in: gemiddeld van 2, 4 en ___ is 3.

Het ontbrekende getal is 6, want (2 + 4 + 6) / 3 = 4.

Je hebt 8, 9 en 10 punten. Wat is je gemiddelde?

Het gemiddelde is (8 + 9 + 10) / 3 = 9.

Wat is het gemiddelde van 50km, 60km en 70km?

Het gemiddelde is (50 + 60 + 70) / 3 = 60km.

Gemiddelde uitgaven: €15, €20, €25. Gemiddelde?

Het gemiddelde is (€15 + €20 + €25) / 3 = €20.

Is het gemiddelde van 7, 8 en 9 gelijk aan 8?

Ja, het gemiddelde is (7 + 8 + 9) / 3 = 8.

Wat is het gemiddelde van je dagelijkse temperatuur: 20°C, 22°C, 24°C?

Het gemiddelde is (20 + 22 + 24) / 3 = 22°C.

Je reist 10km, 15km, 20km. Wat is het gemiddelde?

Het gemiddelde is (10 + 15 + 20) / 3 = 15km.

Vragen in deze set(13)

1. Wat is het gemiddelde van 30, 40 en 50?

A.40
B.45
C.50
D.35

2. Je hebt 5, 10, en 15 punten. Wat is het gemiddelde?

A.10
B.12
C.15
D.13

3. Gemiddelde temperatuur: 15°C, 20°C, 25°C. Wat is het gemiddelde?

A.20°C
B.22°C
C.25°C
D.21°C

4. Wat is het gemiddelde van 1, 5, 10, en 15?

A.6
B.7
C.8
D.9

5. Je hebt €100, €150 en €200. Wat is je gemiddelde uitgave?

A.150
B.175
C.200
D.100

6. Is het gemiddelde van 10, 20 en 30 gelijk aan 20?

A.Ja
B.Nee
C.Misschien
D.Onmogelijk

7. Gemiddelde kosten: €50, €75, €100. Wat is het gemiddelde?

A.75
B.80
C.85
D.70

8. Wat is het gemiddelde van 60km, 70km en 80km?

A.70
B.75
C.80
D.65

9. Gemiddelde van 2, 3, 8, 10. Wat is het gemiddelde?

A.5
B.6
C.7
D.8

10. Gemiddelde temperatuur deze week: 18, 19, 20, 21. Wat is het gemiddelde?

A.19
B.20
C.21
D.22

11. Wat is het gemiddelde van je dagelijkse uitgaven: €10, €15, €20?

A.15
B.20
C.25
D.10

12. Je hebt 5, 5, 5, en 10 punten. Wat is het gemiddelde?

A.6
B.7
C.8
D.9

13. Wat is het gemiddelde van 35, 40, 45, 50?

A.45
B.40
C.55
D.50

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.