Vocabulaire: Engels gezondheid
Deze set bevat Engelse vocabulaire gerelateerd aan gezondheid, gericht op leerlingen in de bovenbouw. Het bevat flashcards en quizvragen om de woordenschat te oefenen.
Quiz(14 vragen)
1. Wat betekent 'exercise'?
Termen in deze set(28)
health
gezondheid
exercise
oefening
nutrition
voeding
doctor
arts
patient
patiënt
injury
blessure
symptom
symptoom
treatment
behandeling
illness
ziekte
vaccine
vaccin
wellness
welzijn
stress
stress
mental health
geestelijke gezondheid
healthy
gezond
disease
aandoening
pharmacy
apotheek
first aid
eerste hulp
symptomatic
symptomatisch
rehabilitation
rehabilitatie
chronic
chronisch
acute
acuut
diagnosis
diagnose
prescription
recept
check-up
controle
surgery
chirurgie
allergy
allergie
infection
infectie
well-being
welzijn
Vragen in deze set(14)
1. Wat betekent 'exercise'?
2. Welk woord betekent 'patiënt'?
3. Wat betekent 'vaccine'?
4. Welk woord betekent 'arts'?
5. Wat betekent 'diagnosis'?
6. Welk woord betekent 'welzijn'?
7. Wat betekent 'rehabilitation'?
8. Welk woord betekent 'behandeling'?
9. Wat betekent 'check-up'?
10. Welk woord betekent 'gezond'?
11. Wat betekent 'allergy'?
12. Welk woord betekent 'injury'?
13. Wat betekent 'treatment'?
14. Welk woord betekent 'symptom'?
Gerelateerde sets
Angielski A2 – Słówka: dom i rodzina
Wörter: Englisch if-Sätze Typ 2
Englisch Abitur Mediation
Englisch reported speech
Wörter: Englisch some any much many
Englisch Relativsätze Karteikarten
Englisch Passiv Vokabeln
Englisch unregelmäßige Verben Karteikarten
Maak je eigen studieset
Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.

