Engels woordenschat conflict en diplomatie

Studiekaartjes over belangrijke woorden en uitdrukkingen met betrekking tot conflict en diplomatie in het Engels, gericht op het eindexamen. Deze kaarten helpen leerlingen om hun woordenschat te vergroten en belangrijke termen te begrijpen die vaak voorkomen in examenvragen.

NoahV1·24 flashcards·24 vragen
eindexamenlanguagesenglish
0
Ken ik
1 / 24
0
Aan het leren
Voorkant

conflict

Tik om om te draaien
Achterkant

conflict

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(24 vragen)

Vraag 1 van 24

1. What does 'escalation' mean?

Termen in deze set(24)

Basis termen in conflicten(12)

conflict

conflict

war

oorlog

peace treaty

vredesverdrag

negotiation

onderhandeling

escalation

escalatie

ceasefire

wapenstilstand

combat

gevecht

diplomacy

diplomatie

hostilities

vijandelijkheden

alliance

bondgenootschap

reconciliation

verzoening

territory

territorium

Diplomatieke processen(12)

diplomacy

diplomatie

negotiation

onderhandeling

bilateral relations

bilaterale betrekkingen

treaty

verdrag

diplomatic immunity

diplomatiek onschendbaarheid

mediator

bemiddelaar

summit

topontmoeting

consensus

consensus

embassy

ambassade

foreign policy

buitenlands beleid

conflict resolution

conflictoplossing

protocol

protocol

Vragen in deze set(24)

1. What does 'escalation' mean?

A.escalatie
B.verzoening
C.wapenstilstand
D.vredesverdrag

2. What does 'diplomacy' mean?

A.diplomatie
B.onderhandeling
C.verdrag
D.protocol

3. Which word means 'oorlog'?

A.conflict
B.diplomatie
C.war
D.alliance

4. Which word means 'onderhandeling'?

A.treaty
B.negotiation
C.consensus
D.summit

5. What does 'ceasefire' mean?

A.wapenstilstand
B.vijandelijkheden
C.onderhandeling
D.territorium

6. What does 'bilateral relations' mean?

A.bilaterale betrekkingen
B.diplomatic immunity
C.foreign policy
D.conflict resolution

7. Which word means 'bondgenootschap'?

A.reconciliation
B.alliance
C.diplomacy
D.combat

8. Which word means 'verdrag'?

A.treaty
B.embassy
C.mediator
D.protocol

9. What does 'negotiation' mean?

A.onderhandeling
B.escalatie
C.vredesverdrag
D.hostilities

10. What does 'diplomatic immunity' mean?

A.diplomatiek onschendbaarheid
B.consensus
C.foreign policy
D.summit

11. Which word means 'vijandelijkheden'?

A.combat
B.hostilities
C.conflict
D.diplomacy

12. Which word means 'bemiddelaar'?

A.mediator
B.consensus
C.treaty
D.negotiation

13. What does 'diplomacy' mean?

A.diplomatie
B.verzoening
C.oorlog
D.territorium

14. What does 'summit' mean?

A.topontmoeting
B.embassy
C.negotiation
D.protocol

15. Which word means 'territorium'?

A.territory
B.escalation
C.combat
D.peace treaty

16. Which word means 'consensus'?

A.bilateral relations
B.protocol
C.treaty
D.consensus

17. What does 'combat' mean?

A.gevecht
B.onderhandeling
C.wapenstilstand
D.verzoening

18. What does 'embassy' mean?

A.ambassade
B.foreign policy
C.conflict resolution
D.summit

19. Which word means 'vredesverdrag'?

A.peace treaty
B.escalation
C.combat
D.diplomacy

20. Which word means 'buitenlands beleid'?

A.conflict resolution
B.foreign policy
C.diplomatic immunity
D.treaty

21. What does 'reconciliation' mean?

A.verzoening
B.oorlog
C.conflict
D.vijandelijkheden

22. What does 'conflict resolution' mean?

A.conflictoplossing
B.bilateral relations
C.embassy
D.negotiation

23. Which word means 'conflict'?

A.war
B.diplomacy
C.conflict
D.alliance

24. Which word means 'protocol'?

A.protocol
B.mediator
C.diplomatie
D.verdrag

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.