Engels verwarrende woorden affect en effect woordenlijst
Deze woordenlijst helpt leerlingen om het verschil tussen de Engelse woorden 'affect' en 'effect' te begrijpen, inclusief gerelateerde termen en voorbeelden. Het is bedoeld voor eindexamenleerlingen die zich voorbereiden op hun taalvaardigheden.
Quiz(48 vragen)
1. Wat betekent 'Affect'?
Termen in deze set(48)
Affect en Effect(16)
Affect
Beïnvloeden
Effect
Effect
To affect
Beïnvloeden
To have an effect on
Een effect hebben op
Emotional affect
Emotionele beïnvloeding
Causal effect
Causaal effect
Affective disorders
Affectieve stoornissen
Side effect
Bijwerking
Affectation
Affectatie
Positive effect
Positief effect
Negative affect
Negatieve beïnvloeding
After effect
Nasleep
Affected by
Beïnvloed door
Immediate effect
Direct effect
To show affect
Affect tonen
To produce an effect
Een effect produceren
Gerelateerde Woorden(20)
causation
oorzaak
influence
invloed
impact
impact
response
reactie
reaction
reactie
change
verandering
result
resultaat
consequence
gevolg
stimulus
prikkel
emotional
emotioneel
affectation
affectatie
affecting
beïnvloedend
effectiveness
effectiviteit
effectual
effectief
alter
veranderen
diminish
afnemen
enhance
versterken
modify
wijzigen
trigger
triggeren
significant
significant
Voorbeelden en Toepassingen(12)
The weather can affect your mood.
Het weer kan invloed hebben op je humeur.
The new law had a positive effect on the community.
De nieuwe wet had een positief effect op de gemeenschap.
Her speech will affect public opinion.
Haar toespraak zal de publieke opinie beïnvloeden.
The medicine had no noticeable effect on his condition.
De medicijnen hadden geen merkbaar effect op zijn toestand.
Changes in temperature can affect the growth of plants.
Veranderingen in temperatuur kunnen de groei van planten beïnvloeden.
The effect of the changes was immediate.
Het effect van de veranderingen was onmiddellijk.
Stress can negatively affect your health.
Stress kan je gezondheid negatief beïnvloeden.
The economic policy had a significant effect on employment rates.
Het economisch beleid had een significant effect op de werkloosheidscijfers.
Loud noises can affect your ability to concentrate.
Harde geluiden kunnen je concentratievermogen beïnvloeden.
The effect of pollution on the environment is alarming.
Het effect van vervuiling op het milieu is alarmerend.
Her kindness will affect the way others see her.
Haar vriendelijkheid zal de manier waarop anderen haar zien beïnvloeden.
The long-term effects of this decision are still unknown.
De langetermijneffecten van deze beslissing zijn nog onbekend.
Vragen in deze set(48)
1. Wat betekent 'Affect'?
2. What does 'affect' mean?
3. What does 'causation' mean?
4. Welke term betekent 'een effect hebben op'?
5. Which word means 'effect'?
6. Which word means 'invloed'?
7. Welke term verwijst naar 'emotionele beïnvloeding'?
8. The changes can affect the local economy. What does 'affect' mean in this context?
9. What does 'impact' mean?
10. Wat betekent 'Effect' in het Nederlands?
11. What is the meaning of 'effect' in the sentence: 'The effect of the new policy is still being studied'?
12. Which word means 'reactie'?
13. Wat houdt een 'bijwerking' in?
14. Loud music can affect your hearing. What does 'affect' imply here?
15. What does 'reaction' mean?
16. Welke term staat voor 'positief effect'?
17. Which word means 'immediate effect'?
18. Which word means 'verandering'?
19. Hoe noem je 'negatieve beïnvloeding'?
20. The effect of the new drug was surprising. What does 'effect' mean here?
21. What does 'result' mean?
22. Wat is een 'nasleep'?
23. What does 'affect' mean in the phrase 'to affect someone's decision'?
24. Which word means 'gevolg'?
25. Wat betekent 'to have an effect on'?
26. The effect of climate change is evident. Which word fits best?
27. What does 'stimulus' mean?
28. Welke term betekent 'beïnvloed door'?
29. Stress can negatively affect performance. What does 'affect' mean in this context?
30. Which word means 'emotioneel'?
31. Wat is een 'direct effect'?
32. The long-term effects of pollution are serious. What does 'effects' refer to?
33. What does 'affectation' mean?
34. Wat betekent 'to show affect'?
35. What does 'affect' imply in the context of 'weather can affect crops'?
36. Which word means 'beïnvloedend'?
37. Welke term verwijst naar 'affectieve stoornissen'?
38. What does 'effectiveness' mean?
39. Wat betekent 'to produce an effect'?
40. Which word means 'effectief'?
41. Wat betekent 'affectatie'?
42. What does 'alter' mean?
43. Wat betekent 'bijwerking'?
44. Which word means 'afnemen'?
45. What does 'enhance' mean?
46. Which word means 'wijzigen'?
47. What does 'trigger' mean?
48. Which word means 'significant'?
Gerelateerde sets
Angielski A2 – Słówka: dom i rodzina
Wörter: Englisch some any much many
Englisch Abitur analysis verbs Karteikarten
Englisch Abitur Mediation
Wörter: Englisch household chores
Englisch Abitur Statistik beschreiben Karteikarten
Englisch Relativsätze Karteikarten
Wörter: Englisch if-Sätze Typ 2
Maak je eigen studieset
Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.

