Engels eten onderbouw flashcards

Engels eten onderbouw flashcards voor leerlingen in Nederland.

LucasVanDijke1·32 flashcards·14 vragen
onderbouwlanguagesenglish
0
Ken ik
1 / 32
0
Aan het leren
Voorkant

apple

Tik om om te draaien
Achterkant

appel

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(14 vragen)

Vraag 1 van 14

1. Wat betekent apple?

Termen in deze set(32)

apple

appel

bread

brood

water

water

chicken

kip

milk

melk

eat

eten

drink

drinken

hungry

hongerig

sweet

zoet

salty

zout

vegetable

groente

fruit

fruit

dinner

avondeten

breakfast

ontbijt

lunch

lunch

full

vol

delicious

heerlijk

cheese

kaas

cake

taart

soup

soep

egg

ei

sandwich

sandwich

fork

vork

knife

mes

spoon

lepel

plate

bord

table

tafel

cook

koken

recipe

recept

snack

snack

sugar

suiker

pepper

peper

Vragen in deze set(14)

1. Wat betekent apple?

A.appel
B.peer
C.banaan
D.kiwi

2. Welk woord betekent 'brood'?

A.bread
B.toast
C.pasta
D.rijst

3. Wat betekent 'water'?

A.water
B.sap
C.melk
D.thee

4. Welk woord betekent 'kip'?

A.chicken
B.varken
C.koe
D.vis

5. Wat betekent 'eten'?

A.eat
B.drinken
C.koken
D.snacken

6. Welk woord betekent 'melk'?

A.milk
B.kaas
C.boter
D.room

7. Wat betekent 'hongerig'?

A.hungry
B.vol
C.lekker
D.zoet

8. Welk woord betekent 'zoet'?

A.sweet
B.bitter
C.zout
D.zuur

9. Wat betekent 'groente'?

A.vegetable
B.fruit
C.vlees
D.vis

10. Welk woord betekent 'snack'?

A.snack
B.maaltijd
C.dessert
D.drank

11. Wat betekent 'heerlijk'?

A.delicious
B.vies
C.gezond
D.vers

12. Welk woord betekent 'taart'?

A.cake
B.koekje
C.gebak
D.pudding

13. Wat betekent 'koken'?

A.cook
B.bakken
C.braden
D.stoven

14. Welk woord betekent 'soep'?

A.soup
B.stoofpot
C.salade
D.saus

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.