Duits sein en haben flashcards
Deze flashcards helpen je de Duitse werkwoorden 'sein' en 'haben' te begrijpen en te gebruiken in alledaagse situaties. Ze omvatten belangrijke woorden en zinnen die je kunt tegenkomen in gesprekken.
Quiz(14 vragen)
1. Wat betekent 'Hund'?
Termen in deze set(19)
sein
zijn
haben
hebben
Hund
hond
Katze
kat
Buch
boek
Auto
auto
fahren
rijden
gehen
gaan
schön
mooi
neu
nieuw
alt
oud
kalt
koud
heiß
heet
schnell
snel
langsam
traag
freuen
blij zijn
wissen
weten
mögen
leuk vinden
essen
eten
Vragen in deze set(14)
1. Wat betekent 'Hund'?
2. Welk woord betekent 'rijden'?
3. Wat betekent 'schön'?
4. Welk woord betekent 'hebben'?
5. Wat betekent 'neu'?
6. Welk woord betekent 'koud'?
7. Wat betekent 'essen'?
8. Welk woord betekent 'gaat'?
9. Wat betekent 'schnell'?
10. Welk woord betekent 'blij zijn'?
11. Wat betekent 'alt'?
12. Welk woord betekent 'heet'?
13. Wat betekent 'wissen'?
14. Welk woord betekent 'leuk vinden'?
Gerelateerde sets
Allemand nombres fiches
Allemand sein et haben fiches
Allemand présent fiches
Allemand famille fiches
Allemand articles vocabulaire
Mots : Allemand questions
Allemand datif fiches
Allemand salutations
Maak je eigen studieset
Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.

