Duits lichaamsdelen
Deze set bevat woorden en zinnen gerelateerd aan lichaamsdelen in het Duits, gericht op bovenbouwleerlingen.
Quiz(16 vragen)
1. Wat betekent 'der Kopf'?
Termen in deze set(23)
der Kopf
het hoofd
der Arm
de arm
das Bein
het been
die Hand
de hand
das Auge
het oog
der Fuß
de voet
die Schulter
de schouder
der Rücken
de rug
der Bauch
de buik
die Nase
de neus
der Mund
de mond
die Ohren
de oren
das Herz
het hart
die Zähne
de tanden
die Stirn
het voorhoofd
der Hals
de hals
das Gesicht
het gezicht
die Wange
de wang
der Zeh
de teen
die Lippe
de lip
der Ellbogen
de elleboog
das Kinn
de kin
die Fußsohle
de voetzool
Vragen in deze set(16)
1. Wat betekent 'der Kopf'?
2. Welk woord betekent 'de buik'?
3. Wat betekent 'die Nase'?
4. Welk woord betekent 'de voet'?
5. Wat betekent 'das Auge'?
6. Welk woord betekent 'de schouder'?
7. Wat betekent 'die Zähne'?
8. Welk woord betekent 'de rug'?
9. Wat betekent 'das Herz'?
10. Welk woord betekent 'de hand'?
11. Wat betekent 'der Ellbogen'?
12. Welk woord betekent 'de teen'?
13. Wat betekent 'die Ohren'?
14. Welk woord betekent 'de lip'?
15. Wat betekent 'die Stirn'?
16. Welk woord betekent 'de kin'?
Gerelateerde sets
Allemand sein et haben fiches
Allemand famille fiches
Mots : Allemand négation
Allemand articles vocabulaire
Mots : Allemand modaux
Allemand ville fiches
Allemand accusatif fiches
Allemand salutations
Maak je eigen studieset
Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.

