Tentamen: Strafprocesrecht rechten van de verdachte

Deze begrippenlijst biedt een overzicht van belangrijke termen en concepten binnen het strafprocesrecht en de rechten van de verdachte, wat essentieel is voor studenten rechten in Nederland.

Liam2008·56 flashcards·56 vragen
wolawcriminal
0
Ken ik
1 / 56
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is strafprocesrecht?

Tik om om te draaien
Achterkant

Strafprocesrecht regelt de juridische procedures rondom strafzaken, van arrestatie tot uitspraak.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(56 vragen)

Vraag 1 van 56

1. Wat garandeert het recht op een eerlijk proces?

Termen in deze set(56)

Algemene begrippen strafprocesrecht(16)

Wat is strafprocesrecht?

Strafprocesrecht regelt de juridische procedures rondom strafzaken, van arrestatie tot uitspraak.

Wat zijn de bronnen van het strafprocesrecht?

De belangrijkste bronnen zijn: - Wetboek van Strafvordering - jurisprudentie - rechtsdogmatiek.

Wat betekent de term 'vermoeden van onschuld'?

Dit principe houdt in dat een verdachte onschuldig is totdat het tegendeel bewezen is.

Vul de lege plek in: 'De _______ is verantwoordelijk voor de vervolging van strafbare feiten.'

Openbaar Ministerie (OM)

Wat zijn de doelen van het strafproces?

De doelen zijn: - waarheidsvinding - handhaving van de rechtsorde - rechtsbescherming van de verdachte.

Waaruit bestaat de strafrechtelijke procedure?

De procedure bestaat uit: - Vooronderzoek - Hoofdprocedure - Beroep.

Wat is een dagvaarding?

Een dagvaarding is een officieel document dat de verdachte oproept voor de rechter.

Wat is de rol van de rechter?

De rechter beoordeelt de zaak, hoort de partijen, en doet een uitspraak op basis van de wet.

Waar dient een strafrechtelijk onderzoek voor?

Het onderzoek heeft als doel om feiten vast te stellen en bewijs te verzamelen voor een rechtszaak.

Wat is een requisitoir?

Het requisitoir is de uiteenzetting van de openbare aanklager waarin de aanklacht en bewijsvoering worden gepresenteerd.

Is het recht op verdediging absoluut?

Ja, het recht op verdediging is een fundamenteel recht. Verdachten hebben recht op juridische bijstand.

Wat is de functie van de voorlopige hechtenis?

Voorlopige hechtenis dient om te voorkomen dat de verdachte de rechtsgang belemmert of vlucht.

Wat is een vrijspraak?

Een vrijspraak betekent dat de rechter oordeelt dat er onvoldoende bewijs is voor schuld.

Vergelijk straf en maatregelen.

Straf is een sanctie voor een delict, terwijl maatregelen gericht zijn op behandeling of beveiliging.

Wat is hoger beroep?

Hoger beroep is de procedure waarbij een uitspraak van een lagere rechter wordt aangevochten bij een hogere rechter.

Definieer 'slachtoffer'.

Een slachtoffer is de persoon die schade heeft ondervonden door een strafbaar feit.

Rechten van de verdachte(20)

Recht op een eerlijk proces

Iedere verdachte heeft het recht op een eerlijk proces zoals vastgelegd in artikel 6 van het EVRM.

Wat zijn de rechten van de verdachte?

De rechten omvatten: - Recht op informatie - Recht op bijstand van een advocaat - Recht op zwijgrecht

Waarborg voor onschuldpresumptie?

Verdachten worden geacht onschuldig te zijn totdat hun schuld bewezen is. Dit is een fundamenteel beginsel in het strafrecht.

Waaruit bestaat het recht op verdediging?

Verdachten hebben recht op juridische bijstand en op het voeren van een actieve verdediging tegen de beschuldigingen.

Wat is het recht op zwijgen?

Verdachten hoeven niet mee te werken aan hun eigen veroordeling. Dit recht voorkomt zelfincriminatie.

Recht op toegang tot bewijs?

Verdachten hebben het recht om toegang te krijgen tot het bewijs dat tegen hen wordt gebruikt. Dit is essentieel voor een goede verdediging.

Wat zijn de voorwaarden voor voorlopige hechtenis?

Voorlopige hechtenis is mogelijk bij: - Vluchtgevaar - Herhaling van strafbare feiten - Belemmering van onderzoek

Waarborg voor privacy?

Verdachten hebben recht op respect voor hun privéleven. Dit houdt in dat persoonlijke informatie zorgvuldig behandeld moet worden.

Wat is het recht op beroep?

Verdachten hebben het recht om in beroep te gaan tegen een uitspraak van de rechter. Dit biedt een extra controle op de rechtspraak.

Wat betekent rechtsbijstand?

Rechtsbijstand houdt in dat een verdachte hulp krijgt van een advocaat, die hen ondersteunt in het strafproces.

Voorwaarden voor contact met een advocaat?

Verdachten mogen vanaf het eerste moment contact opnemen met een advocaat, vooral tijdens verhoor.

Wat is de rol van de rechter?

De rechter waarborgt een eerlijk proces en zorgt ervoor dat de rechten van de verdachte worden gerespecteerd.

Wat zijn de gevolgen van een schending van rechten?

Een schending kan leiden tot bewijsuitsluiting of zelfs niet-ontvankelijkheid van de aanklacht.

Wat is een getuigenis?

Een getuigenis is de verklaring van een persoon die iets heeft waargenomen dat relevant is voor de zaak.

Recht op een onafhankelijke rechter?

Verdachten hebben recht op een onafhankelijke en onpartijdige rechter, wat essentieel is voor een eerlijk proces.

Wat is het belang van transparantie?

Transparantie in het strafproces waarborgt dat de verdachte op de hoogte is van de aanklacht en het bewijs.

Verschil tussen voorlopige en definitieve hechtenis?

Voorlopige hechtenis is tijdelijk en vóór de veroordeling, terwijl definitieve hechtenis volgt na uitspraak.

Waarom is het recht op vertaling belangrijk?

Dit recht zorgt ervoor dat niet-Nederlands sprekende verdachten de procedures en documenten begrijpen.

Wat is de functie van een advocaat?

De advocaat verdedigt de belangen van de verdachte en biedt juridische bijstand gedurende het proces.

Recht op vrije keuze van advocaat?

Ja, de verdachte heeft het recht om zijn eigen advocaat te kiezen. Dit bevordert de verdediging en waarborgt het recht op een eerlijk proces. - Vrijheid van keuze - Belang van vertrouwen - Effect op verdediging

Procedurele aspecten(12)

Wat is de inleidende zitting?

De inleidende zitting is het eerste formele moment in de rechtszaak waar de aanklacht wordt voorgelezen en de verdachte zich kan uitspreken.

Verschil tussen voorlopige hechtenis en gevangenhouding?

Voorlopige hechtenis is een maatregel om iemand vast te houden voordat de zaak is behandeld. Gevangenhouding is de formele opsluiting na een veroordeling.

Waar dient de rechter-commissaris voor?

De rechter-commissaris houdt toezicht op het vooronderzoek. Hij bepaalt bijvoorbeeld of er voldoende bewijs is voor vervolging.

Procedurele stappen in het strafproces:

- Aangifte - Vooronderzoek - Inleidende zitting - Hoofdverhandeling - Vonnis - Hoger beroep

Waar gaat het bij de pleitnota om?

De pleitnota is een schriftelijk stuk waarin de advocaat zijn standpunten en argumenten uiteenzet ter ondersteuning van de verdediging.

Vervang het lege veld: De ___ is verantwoordelijk voor de openbare aanklacht.

De officier van justitie is verantwoordelijk voor de openbare aanklacht.

Waarvoor dient een dagvaarding?

Een dagvaarding is een officiële uitnodiging voor een rechtszitting waarin de verdachte op de hoogte wordt gesteld van de aanklacht.

Waar houdt de rechtbank zich mee bezig?

De rechtbank beoordeelt de rechtszaak, hoort getuigen, en neemt een beslissing op basis van de feiten en het recht.

Wat is de rol van de raadsman?

De raadsman is de advocaat van de verdachte. Hij of zij begeleidt de verdachte en biedt juridische bijstand tijdens het proces.

Wat is een schikking?

Een schikking is een overeenkomst tussen de verdachte en de officier van justitie om een zaak buiten de rechter om op te lossen.

Waar gaat de hoger beroep procedure over?

Het hoger beroep is de mogelijkheid om tegen een vonnis in beroep te gaan bij een hogere rechtbank. Dit kan leiden tot een herziening van de zaak.

Waarin verschilt de strafrechter van de civiele rechter?

De strafrechter behandelt strafzaken, terwijl de civiele rechter zich richt op geschillen tussen partijen en schadevergoeding.

Bewijsmateriaal en bewijsrecht(8)

Wat is bewijsmateriaal?

Bewijsmateriaal zijn gegevens of objecten die gebruikt worden om de waarheid van een feit aan te tonen. Het kan bestaan uit documenten, getuigenverklaringen, forensische gegevens, enz.

Waarvoor dient het bewijsrecht?

Het bewijsrecht regelt hoe bewijs mag worden verzameld en gepresenteerd in een rechtszaak. Het waarborgt ook de eerlijkheid en de rechten van de verdachte.

Waar moet bewijs aan voldoen?

Bewijs moet relevant, toelaatbaar en betrouwbaar zijn. - Relevantie: moet betrekking hebben op de zaak. - Toelaatbaarheid: moet voldoen aan wettelijke eisen. - Betrouwbaarheid: moet geloofwaardig zijn.

Is getuigenis altijd toelaatbaar?

Onjuist, getuigenis kan worden afgewezen als deze niet relevant is of als de getuige niet betrouwbaar is.

Vul de lege plek in: Een __________ is een bewijsstuk dat rechtstreeks verband houdt met de zaak.

bewijsstuk

Vergelijk direct bewijs en indirect bewijs.

Direct bewijs ondersteunt onmiddellijk een feit. Indirect bewijs vereist aanvullende conclusies om tot een feit te komen. Voorbeeld: Direct bewijs - videobeelden; Indirect bewijs - vingerafdrukken.

Wat zijn de gevolgen van onrechtmatig verkregen bewijs?

Onrechtmatig verkregen bewijs kan worden uitgesloten van gebruik in de rechtszaak. Dit kan de zaak van de aanklager verzwakken.

Noem een voorbeeld van forensisch bewijs.

Forensisch bewijs kan zijn: - DNA-analyse - Vingerafdrukken - Ballistiek - Digitale gegevens

Vragen in deze set(56)

1. Wat garandeert het recht op een eerlijk proces?

A.De mogelijkheid om zonder advocaat te procederen
B.De rechtsgang moet openbaar zijn
C.Er mag geen bewijs worden gepresenteerd
D.De verdachte moet altijd aanwezig zijn

2. Wat is het doel van forensisch bewijs?

A.Het vaststellen van feiten met behulp van wetenschappelijke methoden.
B.Het beïnvloeden van getuigenverklaringen.
C.Het verbergen van informatie voor de verdediging.
D.Het verhogen van de straffen.

3. Wat is de functie van de inleidende zitting?

A.Het voorlezen van de aanklacht en het geven van de verdachte de kans om zich uit te spreken.
B.Het presenteren van bewijs door de aanklager.
C.Het beëindigen van de rechtszaak.
D.Het bepalen van de strafmaat.

4. Wat regelt het strafprocesrecht?

A.De juridische procedures rondom strafzaken.
B.De burgerlijke rechten van de verdachte.
C.De voorwaarden voor detentie.
D.De taken van de politie in strafzaken.

5. Wat betekent het recht op informatie voor de verdachte?

A.De verdachte moet alle informatie aan de autoriteiten geven
B.De verdachte heeft recht op een samenvatting van de aanklacht
C.De verdachte hoeft niet te weten wat de beschuldigingen zijn
D.De verdachte mag alleen via de advocaat communiceren

6. Welk van de volgende is GEEN voorbeeld van bewijsmateriaal?

A.Getuigenverklaringen
B.DNA-analyse
C.Persoonlijke meningen
D.Vingerafdrukken

7. Wat is een belangrijk kenmerk van voorlopige hechtenis?

A.Het is een maatregel die kan worden opgelegd voordat de zaak is behandeld.
B.Het is dezelfde maatregel als gevangenhouding.
C.Het betekent dat de verdachte niet meer kan worden vervolgd.
D.Het is alleen mogelijk bij lichte overtredingen.

8. Welke van de volgende is géén bron van het strafprocesrecht?

A.Wetboek van Strafvordering
B.Jurisprudentie
C.Rechtsdogmatiek
D.Burgerlijk Wetboek

9. Wat is de rol van de advocaat tijdens het proces?

A.De advocaat bepaalt de schuld van de verdachte
B.De advocaat vertegenwoordigt de belangen van de verdachte
C.De advocaat is verantwoordelijk voor het bewijs
D.De advocaat mag niet spreken tijdens de zitting

10. Wat is een kenmerk van indirect bewijs?

A.Het ondersteunt onmiddellijk een feit.
B.Het vereist interpretatie om een conclusie te trekken.
C.Het is altijd toelaatbaar in de rechtszaal.
D.Het is gebaseerd op wettelijke documenten.

11. Wat is de rol van de rechter-commissaris?

A.Hij houdt toezicht op het vooronderzoek en beoordeelt bewijs.
B.Hij is de hoofdrolspeler in de rechtszaak.
C.Hij vertegenwoordigt de verdachte.
D.Hij beslist over de strafmaat.

12. Wat wordt bedoeld met het 'vermoeden van onschuld'?

A.Een verdachte is onschuldig tot het tegendeel bewezen is.
B.Alle verdachten krijgen altijd vrijstelling.
C.Verdachten hebben geen recht op een advocaat.
D.De rechter kan niet veroordelen zonder getuigen.

13. Wat is het recht op zwijgen?

A.De verdachte kan geen getuigen oproepen
B.De verdachte hoeft geen verklaring af te leggen
C.De verdachte moet zijn schuld bekennen
D.De verdachte kan alleen in beroep gaan

14. Wat zijn de gevolgen van het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs?

A.Het bewijs kan worden uitgesloten van de rechtszaak.
B.Het bewijs wordt altijd als geldig beschouwd.
C.Het bewijs verhoogt automatisch de kans op veroordeling.
D.Het bewijs leidt tot een snellere rechtsgang.

15. Welke stap volgt na de inleidende zitting?

A.Hoofdverhandeling
B.Vonnis
C.Hoger beroep
D.Aangifte

16. Wie is verantwoordelijk voor de vervolging van strafbare feiten?

A.Openbaar Ministerie (OM)
B.De rechter
C.De advocaat van de verdachte
D.De politie

17. Wat zijn de voorwaarden voor voorlopige hechtenis?

A.De verdachte moet een strafblad hebben
B.Er moet sprake zijn van een vluchtgevaar of herhaling
C.De verdachte moet vrijwillig in hechtenis gaan
D.De verdachte moet tijdelijk in een andere stad verblijven

18. Welke van de volgende beschrijvingen past het beste bij direct bewijs?

A.Het vereist logisch redeneren om een conclusie te trekken.
B.Het demonstreert direct een feit zonder verdere uitleg.
C.Het komt vaak voort uit getuigenverklaringen.
D.Het is altijd in strijd met het bewijsrecht.

19. Wat bevat een pleitnota?

A.De argumenten en standpunten van de verdediging.
B.De juridische kosten voor de verdachte.
C.Een samenvatting van de getuigenverklaringen.
D.De strafmaat die de rechter zal opleggen.

20. Wat is een doel van het strafproces?

A.Versterking van de rechtsorde.
B.Ontslag van de verdachte.
C.Vermijden van rechtsbescherming.
D.Beperking van juridische bijstand.

21. Wat is het belang van de onschuldpresumptie?

A.Iedere verdachte wordt automatisch vrijgesproken
B.Verdachten worden geacht onschuldig totdat schuld bewezen is
C.Verdachten kunnen geen beroep doen op hun rechten
D.De rechter mag geen bewijs verzamelen

22. Wat betekent 'relevant bewijs' in een rechtszaak?

A.Het bewijs heeft geen enkele relatie tot de zaak.
B.Het bewijs moet helpen bij het vaststellen van de waarheid van de zaak.
C.Het bewijs is altijd toelaatbaar.
D.Het bewijs is alleen geldig als het schriftelijk is.

23. Wie is verantwoordelijk voor de openbare aanklacht?

A.De officier van justitie.
B.De rechter.
C.De advocaat van de verdachte.
D.De politie.

24. Welke fase hoort NIET bij de strafrechtelijke procedure?

A.Hoofdprocedure
B.Appelprocedure
C.Vooronderzoek
D.Beroep

25. Wat houdt het recht op toegang tot bewijs in?

A.De verdachte mag geen documenten inzien
B.De verdachte heeft recht om het bewijs tegen hem te bekijken
C.Alle bewijs moet geheim blijven
D.De advocaat bepaalt wat de verdachte mag zien

26. Welke van de volgende opties beschrijft het bewijsrecht het beste?

A.Het regelt de toelating van bewijs in een rechtszaak.
B.Het bepaalt de straffen voor misdrijven.
C.Het biedt rechten aan de slachtoffers.
D.Het is alleen van toepassing op civiele zaken.

27. Wat is het doel van een dagvaarding?

A.Een officiële uitnodiging voor een rechtszitting.
B.Een verzoek om bewijs van getuigen.
C.Een document dat de strafmaat aankondigt.
D.Een verklaring van de rechter.

28. Wat is de functie van een dagvaarding?

A.De verdachte oproepen voor de rechter.
B.Het vaststellen van de strafmaat.
C.Het verzamelen van bewijs.
D.Het horen van getuigen.

29. Wat is de functie van de rechter in het strafproces?

A.De rechter beslist over de schuld van de verdachte
B.De rechter waarborgt een eerlijk proces en respect voor rechten
C.De rechter kan de verdachte straffen zonder bewijs
D.De rechter vertegenwoordigt de aanklager

30. Wat is een voorbeeld van bewijs dat kan worden afgewezen?

A.Getuigenverklaring van een onbetrouwbare getuige.
B.Documenten die zijn verzameld volgens de wet.
C.Forensisch bewijs verkregen met toestemming.
D.Videobeelden die zijn gefilmd met toestemming.

31. Wat doet de rechtbank tijdens een rechtszaak?

A.Beoordeelt de zaak en neemt een beslissing.
B.Geeft juridische adviezen aan de verdachte.
C.Bepaalt de kosten van de rechtszaak.
D.Verzamelt bewijs voor de aanklager.

32. Wat is de rol van de rechter in een strafzaak?

A.Beoordelen van de zaak en uitspraak doen.
B.Onderzoeken van alle feiten.
C.Vertegenwoordigen van de verdachte.
D.Vervangen van het Openbaar Ministerie.

33. Wat is een mogelijke gevolg van schending van rechten?

A.De verdachte wordt automatisch vrijgelaten
B.Bewijs kan worden uitgesloten of aanklacht niet-ontvankelijk
C.De rechter kan de strafeis verhogen
D.De advocaat kan geen beroep doen

34. Wat is de rol van de raadsman?

A.De juridische bijstand verlenen aan de verdachte.
B.De rechter adviseren over de zaak.
C.De getuigen vertegenwoordigen.
D.De aanklager ondersteunen.

35. Wat is de hoofdfunctie van een strafrechtelijk onderzoek?

A.Feiten vaststellen en bewijs verzamelen.
B.Straffen van de verdachte.
C.Het opstellen van juridische documenten.
D.Het maken van afspraken met de verdachte.

36. Wat is het recht op beroep?

A.De verdachte kan niet in beroep gaan
B.De verdachte kan een hogere straf eisen
C.De verdachte heeft het recht om een uitspraak aan te vechten
D.De verdachte moet voor een andere rechter verschijnen

37. Wat is het doel van een schikking?

A.Een overeenkomst om een zaak buiten de rechter om op te lossen.
B.Een uitspraak van de rechter.
C.Een verzoek om hoger beroep.
D.Een aanklacht tegen de verdachte.

38. Wat houdt een requisitoir in?

A.De uiteenzetting van de openbare aanklager.
B.De pleidooi van de verdediging.
C.De uitspraak van de rechter.
D.De getuigenverklaring.

39. Wat houdt 'rechtsbijstand' in?

A.De verdachte moet zelf onderzoek doen
B.De verdachte krijgt hulp van een advocaat
C.De verdachte heeft geen recht op juridische hulp
D.De verdachte kan alleen online hulp krijgen

40. Wat gebeurt er in de hoger beroep procedure?

A.De zaak kan opnieuw worden beoordeeld door een hogere rechtbank.
B.De verdachte kan zijn strafmaat verlagen.
C.De aanklager moet nieuwe bewijsstukken aanleveren.
D.De rechter kan de verdachte vrijlaten.

41. Is het recht op verdediging absoluut?

A.Ja, het is een fundamenteel recht.
B.Nee, alleen in ernstige zaken.
C.Ja, maar alleen voor volwassenen.
D.Nee, het kan beperkt worden.

42. Wat is het recht op onafhankelijke rechter?

A.De rechter mag persoonlijke banden hebben met de verdachte
B.De rechter moet onpartijdig zijn en onafhankelijk van invloeden
C.De rechter is ook de aanklager
D.De rechter kan geen beslissingen nemen

43. Waarin verschilt een strafrechter van een civiele rechter?

A.Een strafrechter behandelt strafzaken, een civiele rechter geschillen tussen partijen.
B.Een strafrechter kan geen getuigen horen, een civiele rechter wel.
C.Een strafrechter is altijd een jury, een civiele rechter niet.
D.Een strafrechter bepaalt altijd de straf, een civiele rechter geen schadevergoeding.

44. Wat is het doel van voorlopige hechtenis?

A.Voorkomen dat de verdachte de rechtsgang belemmert.
B.Straf opleggen voordat de zaak is behandeld.
C.De duur van het proces te verkorten.
D.Verhinderen dat de verdachte getuigen beïnvloedt.

45. Wat is de betekenis van getuigenis in het strafproces?

A.Een getuigenis is nooit relevant voor de zaak
B.Een getuigenis is de verklaring van iemand over wat hij heeft waargenomen
C.Getuigenissen worden altijd uitgesloten
D.Getuigenissen zijn alleen geldig als ze schriftelijk zijn

46. Wat betekent een vrijspraak?

A.Onvoldoende bewijs voor schuld.
B.De verdachte is schuldig bevonden.
C.De zaak is geseponeerd.
D.De verdachte heeft afstand gedaan van zijn recht.

47. Wat is de functie van de privacy waarborg voor de verdachte?

A.Alle persoonlijke informatie is openbaar
B.Persoonlijke gegevens moeten met zorg behandeld worden
C.De verdachte hoeft niks privé te houden
D.Privacy is niet relevant in het strafproces

48. Wat is het verschil tussen straf en maatregelen?

A.Straf is een sanctie; maatregelen zijn gericht op behandeling.
B.Straf is altijd gevangenis; maatregelen zijn altijd boetes.
C.Straf heeft geen juridische basis; maatregelen wel.
D.Straf is tijdelijk; maatregelen zijn permanent.

49. Wat is de belangrijkste reden voor het recht op vertaling?

A.Om juridische processen te vertragen
B.Om ervoor te zorgen dat niet-Nederlands sprekende verdachten alles begrijpen
C.Om de verdachte te straffen
D.Om alleen de aanklager te helpen

50. Wat houdt hoger beroep in?

A.Het aanvechten van een uitspraak bij een hogere rechter.
B.Een verzoek om vrijlating van voorlopige hechtenis.
C.Een kort geding bij de rechtbank.
D.Een klacht tegen de politie.

51. Wat is het verschil tussen voorlopige en definitieve hechtenis?

A.Voorlopige hechtenis is permanent, definitieve niet
B.Definitieve hechtenis is tijdelijk, voorlopige niet
C.Voorlopige hechtenis is voor de veroordeling, definitieve na uitspraak
D.Er is geen verschil tussen beide

52. Definieer 'slachtoffer'.

A.Persoon die schade heeft ondervonden door een strafbaar feit.
B.De verdachte in een strafzaak.
C.Iemand die als getuige optreedt.
D.Een persoon die hulp verleent aan de verdachte.

53. Wat houdt het recht op vrije keuze van advocaat in?

A.De verdachte kan alleen een door de overheid aangewezen advocaat kiezen
B.De verdachte mag zelf zijn advocaat kiezen
C.De advocaat moet altijd een vriend van de verdachte zijn
D.De verdachte hoeft geen advocaat te hebben

54. Wat is een belangrijk aspect van het recht op verdediging?

A.Verdachten hebben recht op juridische bijstand.
B.Verdachten moeten altijd zelf hun verweer voeren.
C.Verdachten kunnen nooit een advocaat kiezen.
D.Verdachten mogen geen documenten inzien.

55. Welke van de volgende opties is géén recht van de verdachte?

A.Recht op een eerlijk proces.
B.Recht op tegenstrijdige verklaringen.
C.Recht op bijstand van een advocaat.
D.Recht op privacy.

56. Wat is het effect van een schending van het recht op informatie?

A.De verdachte kan worden vrijgesproken.
B.De verdachte kan verzoeken om rechtsbijstand.
C.Bewijs kan worden uitgesloten.
D.De uitspraak kan niet worden beïnvloed.

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.