Sociale zekerheid en Participatiewet begrippen

Deze set begrippenkaarten behandelt belangrijke termen met betrekking tot sociale zekerheid en de Participatiewet in Nederland, gericht op hbo-studenten die de materie willen begrijpen.

FalconJulia2·56 flashcards·56 vragen
hbolawadmin
0
Ken ik
1 / 56
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is sociale zekerheid?

Tik om om te draaien
Achterkant

Een stelsel van voorzieningen die financiële bescherming biedt bij risico's zoals werkloosheid, ziekte en ouderdom.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(56 vragen)

Vraag 1 van 56

1. Wat is sociale zekerheid?

Termen in deze set(56)

Basisbegrippen Sociale Zekerheid(16)

Wat is sociale zekerheid?

Een stelsel van voorzieningen die financiële bescherming biedt bij risico's zoals werkloosheid, ziekte en ouderdom.

Wat zijn sociale premies?

Bijdragen die werknemers en werkgevers betalen voor sociale verzekeringen. Deze premies financieren de uitkeringen binnen de sociale zekerheid.

Vul de lege plaats in: De sociale zekerheid is bedoeld om _____ in moeilijke omstandigheden.

mensen te ondersteunen

Wat is het verschil tussen een sociale verzekering en een sociale voorziening?

Sociale verzekeringen zijn gebaseerd op premies, sociale voorzieningen zijn toegankelijk ongeacht premiebetaling.

Wat zijn de belangrijkste sociale verzekeringen?

- Ziektewet - Werkloosheidswet - Wajong - AOW

Waar staat AOW voor?

Algemene Ouderdomswet, een basispensioen voor ouderen in Nederland.

Waarvoor dient de Wet verhoging draagkracht?

Deze wet verhoogt de maximale draagkracht voor het betalen van sociale premies en zorgt voor een betere sociale zekerheid.

Juist of onjuist: Iedereen heeft recht op een uitkering.

Onjuist. Uitkeringen zijn afhankelijk van premies, werkverleden en specifieke voorwaarden.

Wat zijn bijstandsuitkeringen?

Financiële ondersteuning voor mensen die tijdelijk of langdurig geen inkomen hebben. Voorbeelden zijn de bijstandsuitkering en de participatiewet.

Wat is WW?

De Werkloosheidswet biedt tijdelijke financiële ondersteuning aan mensen die werkloos zijn en aan bepaalde criteria voldoen.

Vul de lege plaats in: De _____ is verantwoordelijk voor de uitvoering van de sociale zekerheid.

overheid

Wat is een zorgverzekering?

Een verplichte verzekering die de kosten dekt van medische zorg, zoals ziekenhuisbezoek en medicijnen.

Wat houdt het begrip 'participatie' in?

De actieve deelname van burgers aan de maatschappij, vaak door werk of vrijwilligerswerk, en het bevorderen van zelfredzaamheid.

Vul de lege plaats in: Kinderen hebben recht op _______ binnen de sociale zekerheid.

kinderbijslag

Wat is het doel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)?

De Wmo heeft als doel om mensen te ondersteunen bij het zelfstandig leven en deelnemen aan de samenleving.

Wat is de functie van de Sociale Verzekeringsbank (SVB)?

De SVB beheert en voert de AOW en andere sociale verzekeringen uit, en zorgt voor de uitbetaling hiervan.

Participatiewet en Werk(20)

Participatiewet

Wet die gericht is op het bevorderen van de arbeidsparticipatie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Wat is een doelgroepregister?

Lijst van personen die in aanmerking komen voor specifieke ondersteuning onder de Participatiewet.

Combinatie van werk en uitkering

Mogelijkheid om een uitkering te combineren met een (deeltijd)baan, om zo de werkervaring te vergroten.

Verplichtingen van werkgevers

Werkgevers zijn verplicht om banen te creëren voor mensen uit de doelgroep. - Inclusiviteit - Diversiteit - Sociale verantwoordelijkheid

Wat is een arbeidsbeperking?

Een fysieke of mentale beperking die invloed heeft op de mogelijkheid om te werken.

Wat zijn loonkostensubsidies?

Financiële ondersteuning voor werkgevers die iemand met een arbeidsbeperking in dienst nemen.

Wat is het arbeidsmarktperspectief?

De kans op het vinden van werk in de huidige of toekomstige arbeidsmarkt.

Wie zijn werkzoekenden?

Personen die actief op zoek zijn naar een baan en beschikbaar zijn voor werk.

Wat is een werkplekvoorziening?

Aanpassingen of hulpmiddelen op de werkplek om de werknemer te ondersteunen in zijn functie.

Wat is re-integratie?

Het proces waarbij een werknemer na ziekte of werkloosheid weer aan het werk gaat.

Wat moet je invullen voor de Participatiewet?

Een aanvraagformulier waarin persoonlijke gegevens en arbeidsverleden worden vermeld.

Wat zijn beschutte werkplaatsen?

Werkplekken voor mensen met een ernstige arbeidsbeperking in een beschermde omgeving.

Wat is het doel van de Participatiewet?

Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt helpen om volwaardig deel te nemen aan de samenleving.

Verschil tussen Wajong en Participatiewet

Wajong is voor mensen met een arbeidsbeperking vanuit de jeugd, terwijl de Participatiewet breder is en gericht op werk.

Wat zijn arbeidsovereenkomsten?

Contracten die de rechten en plichten van werkgever en werknemer vastleggen.

Opleiding en ontwikkeling bij werk

Investeren in opleidingen voor werknemers om hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten.

Wat is een uitzendbureau?

Een organisatie die werknemers plaatst bij werkgevers op tijdelijke basis.

Wat is sociaal ondernemerschap?

Ondernemingen die sociale impact combineren met economische winst, vaak gericht op inclusiviteit.

Waarom is werk zo belangrijk?

Biedt financiële stabiliteit, sociale contacten en persoonlijke ontwikkeling.

Wat zijn participatietrajecten?

Programma's die mensen helpen bij het vinden van werk, vaak met begeleiding en ondersteuning.

Uitkeringen en voorzieningen(12)

Wat is een bijstandsuitkering?

Een financiële ondersteuning voor mensen zonder inkomen, bedoeld om basisbehoeften te dekken.

Wat zijn toeslagen?

Supplementen op de inkomsten voor specifieke groepen zoals huurtoeslag en zorgtoeslag.

Waarvoor is de Wajong?

Voor jonge mensen met een arbeidsbeperking, ter ondersteuning bij werk en inkomen.

Wat is het sociaal minimumniveau?

Het wettelijk vastgestelde bedrag dat iemand nodig heeft om in basisbehoeften te voorzien.

Vul de lege plek in: Een ___ is een tijdelijke financiële hulp voor werkzoekenden.

Werkloosheidsuitkering.

Wat zijn de criteria voor een bijstandsuitkering?

- Geen eigen vermogen - Actief op zoek naar werk - In Nederland wonen.

Bijstandsuitkering vs. zorgtoeslag: wat is het verschil?

Bijstandsuitkering is voor basisinkomen; zorgtoeslag helpt met zorgkosten.

Wat is de rol van de gemeente in sociale zekerheid?

Gemeenten voeren de Participatiewet uit en verstrekken bijstandsuitkeringen.

Bijstandsuitkering: waar hangt het vanaf?

Het hangt af van: - Levenssituatie - Leeftijd - Huishoudinkomen.

Waarvoor dient de kinderbijslag?

Financiële bijdrage voor ouders ter ondersteuning van de kosten voor kinderen.

Is het waar dat een uitkering belastingvrij is?

Onjuist; uitkeringen worden belast als inkomen, dus er geldt belasting over.

Wat is het doel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)?

Ondersteuning bieden aan mensen met beperkingen, zodat zij zelfstandig kunnen blijven wonen.

Rechten en plichten(8)

Recht op bijstand

Burgers hebben recht op bijstand als ze in financiële nood verkeren. Dit omvat: - Minimaal inkomen - Tijdelijke ondersteuning - Hulp bij werkzoekenden

Wat zijn de plichten van bijstandsontvangers?

Bijstandsontvangers moeten: - Actief solliciteren - Informatie verstrekken - Meewerken aan re-integratie

Waarvoor is de Participatiewet?

De Participatiewet heeft als doel om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te ondersteunen in hun werkparticipatie. Het biedt: - Inclusieve werkgelegenheid - Bijstandsverlening

Waar staat 'WW' voor?

WW staat voor Werkloosheidswet. Dit biedt uitkering aan werklozen die recentelijk hebben gewerkt. - Tijdelijke financiële ondersteuning - Werkgeversbijdrage

Vul in: Een burger heeft recht op _______ als hij/zij geen inkomen heeft.

bijstand

Waarmee heeft de gemeente invloed op sociale zekerheid?

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor: - Toekennen van bijstand - Begeleiding van werkzoekenden - Lokale werkgelegenheid

Waar of niet waar: Een bijstandsontvanger mag elke baan weigeren.

Niet waar. Bijstandsontvangers moeten passende arbeid accepteren om recht op bijstand te houden.

Rechten vs. Plichten: geef een voorbeeld.

Recht: recht op bijstand. Plicht: actief solliciteren.

Vragen in deze set(56)

1. Wat is sociale zekerheid?

A.Een stelsel van voorzieningen die financiële bescherming biedt bij risico's zoals werkloosheid, ziekte en ouderdom.
B.Een belasting die door de overheid wordt geheven op het inkomen.
C.Een fonds voor het ondersteunen van bedrijven in financiële nood.
D.Een programma voor het opleiden van werkzoekenden.

2. Wat is de primaire doelstelling van de Participatiewet?

A.Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt helpen bij arbeidsparticipatie.
B.Zorgen voor meer uitkeringen voor werkzoekenden.
C.Het verminderen van het aantal werkzoekenden in Nederland.
D.Het verhogen van de lonen voor werknemers.

3. Wat is een bijstandsuitkering?

A.Een financiële ondersteuning voor mensen zonder inkomen.
B.Een premie voor zorgverzekering.
C.Een lening voor studiekosten.
D.Een spaarrekening voor jongeren.

4. Wat is een recht van bijstandsontvangers?

A.Recht op een minimaal inkomen
B.Recht op gratis huisvesting
C.Recht op een auto
D.Recht op een vakantie

5. Wat zijn sociale premies?

A.Bijdragen die werknemers en werkgevers betalen voor sociale verzekeringen.
B.Belastingen die door de overheid worden geïnd voor algemene uitgaven.
C.Kosten voor het aanvragen van uitkeringen.
D.Vergoedingen voor medische zorg.

6. Wat is een belangrijk kenmerk van het doelgroepregister?

A.Het registreert alleen werkzoekenden in loondienst.
B.Het is een lijst van personen die recht hebben op specifieke ondersteuning.
C.Het bevat alleen informatie over vrijwilligerswerk.
D.Het is bedoeld voor werkgevers die personeel willen aannemen.

7. Welke van de volgende uitkeringen is bedoeld voor alleenstaande ouders?

A.Bijstandsuitkering
B.Huurtoeslag
C.Kinderbijslag
D.Zorgtoeslag

8. Welke verplichting hebben bijstandsontvangers?

A.Actief solliciteren
B.Studeren aan een universiteit
C.Vrijwilligerswerk doen
D.Geen werk zoeken

9. Vul de lege plaats in: De sociale zekerheid is bedoeld om _____ in moeilijke omstandigheden.

A.mensen te ondersteunen
B.bedrijven te subsidiëren
C.de economie te stimuleren
D.belastingen te verlagen

10. Wat houdt de combinatie van werk en uitkering in?

A.Een volledige uitkering zonder werk.
B.Een uitkering die verlaagd wordt door een deeltijdbaan.
C.De mogelijkheid om een uitkering te combineren met een (deeltijd)baan.
D.Een verplichting om fulltime te werken.

11. Wat omvat de Wajong?

A.Ondersteuning voor jongeren met een arbeidsbeperking.
B.Een subsidie voor woningverbetering.
C.Een belastingvoordeel voor ouders.
D.Een uitkering voor ouderen.

12. Wat is een doel van de Participatiewet?

A.Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ondersteunen
B.Iedereen verplichten om te werken
C.Alleen ouderen ondersteunen
D.Het verlagen van uitkeringen

13. Wat is het verschil tussen een sociale verzekering en een sociale voorziening?

A.Sociale verzekeringen zijn gebaseerd op premies, sociale voorzieningen zijn toegankelijk ongeacht premiebetaling.
B.Sociale verzekeringen zijn voor ouderen, sociale voorzieningen voor jongeren.
C.Sociale verzekeringen bieden alleen ziektekosten, sociale voorzieningen bieden ook werkloosheidsuitkeringen.
D.Sociale verzekeringen zijn vrijwillig, sociale voorzieningen zijn verplicht.

14. Welke verplichtingen hebben werkgevers onder de Participatiewet?

A.Ze moeten geen mensen met een arbeidsbeperking aannemen.
B.Ze zijn verplicht om banen te creëren voor mensen uit de doelgroep.
C.Ze moeten alleen mensen met een diploma aannemen.
D.Ze hoeven geen rekening te houden met diversiteit.

15. Wat is het sociaal minimumniveau?

A.Het bedrag dat nodig is om te kunnen leven.
B.De maximale huurprijs voor sociale woningen.
C.Een richtlijn voor uitgaven aan zorg.
D.Een belastingtarief voor lage inkomens.

16. WW staat voor?

A.Werkloosheidswet
B.Wettelijk Welzijn
C.Werkgeverswet
D.Woonwet

17. Wat zijn de belangrijkste sociale verzekeringen?

A.Ziektewet, Werkloosheidswet, Wajong, AOW
B.Zorgverzekeringswet, Bijstandsuitkering, Wmo, AOW
C.Wajong, Kinderbijslag, WW, AOW
D.Ziektewet, WW, Bijstandsuitkering, Zorgverzekering

18. Wat is een arbeidsbeperking?

A.Een tijdelijke handicap die geen invloed heeft op het werk.
B.Een fysieke of mentale beperking die het werk beïnvloedt.
C.Een situatie waarin iemand geen werkervaring heeft.
D.Een type contract voor tijdelijke werknemers.

19. Wat is een werkloosheidsuitkering?

A.Een tijdelijke financiële hulp voor werkzoekenden.
B.Een subsidie voor bedrijven die personeel aannemen.
C.Een belastingvoordeel voor werkenden.
D.Een lening voor het starten van een bedrijf.

20. Een burger heeft recht op _______ als hij/zij geen inkomen heeft.

A.bijstand
B.collegegeld
C.een auto
D.werk

21. Waar staat AOW voor?

A.Algemene Ouderdomswet
B.Afgestemde Ondersteuningswet
C.Actieve Ouderen Wet
D.Aanvullende Ondersteuningswet

22. Wat zijn loonkostensubsidies?

A.Subsidies voor uitkeringen van werkzoekenden.
B.Financiële ondersteuning voor werkgevers die iemand met een arbeidsbeperking aannemen.
C.Hulp voor werknemers die een opleiding volgen.
D.Belastingvoordelen voor werkgevers.

23. Wat zijn de belangrijkste criteria voor het ontvangen van een bijstandsuitkering?

A.Leeftijd, vermogen en woonplaats.
B.Inkomen, vermogen en actief werkzoekend zijn.
C.Opleidingsniveau, leeftijd en gezinssamenstelling.
D.Werkervaring, inkomen en woonlasten.

24. Wat is een verantwoordelijkheid van de gemeente binnen de sociale zekerheid?

A.Toekennen van bijstand
B.Verhogen van lonen
C.Organiseren van sportevenementen
D.Bieden van hypotheekleningen

25. Waarvoor dient de Wet verhoging draagkracht?

A.Deze wet verhoogt de maximale draagkracht voor het betalen van sociale premies.
B.Deze wet verlaagt de belastingen voor ondernemers.
C.Deze wet zorgt voor extra uitkeringen aan alleenstaande ouders.
D.Deze wet voorkomt fraude in de sociale zekerheid.

26. Wat betekent arbeidsmarktperspectief?

A.De kans op een promotie binnen het huidige werk.
B.De mogelijkheid om een beter salaris te krijgen.
C.De kans op het vinden van werk in de huidige of toekomstige arbeidsmarkt.
D.De percentage werklozen in Nederland.

27. Wat is een belangrijk verschil tussen bijstandsuitkering en zorgtoeslag?

A.Bijstandsuitkering is voor basisinkomen, zorgtoeslag voor zorgkosten.
B.Zorgtoeslag is voor ouderen, bijstandsuitkering voor jongeren.
C.Bijstandsuitkering is belastingvrij, zorgtoeslag niet.
D.Zorgtoeslag is alleen voor gezinnen, bijstandsuitkering niet.

28. Waar of niet waar: Een bijstandsontvanger mag elke baan weigeren.

A.Niet waar
B.Waar
C.Soms waar
D.Onbekend

29. Juist of onjuist: Iedereen heeft recht op een uitkering.

A.Onjuist. Uitkeringen zijn afhankelijk van premies, werkverleden en specifieke voorwaarden.
B.Juist. Elke inwoner heeft recht op een uitkering ongeacht hun situatie.
C.Onjuist. Alleen mensen met een vast contract komen in aanmerking.
D.Juist. Alle uitkeringen zijn voor iedereen toegankelijk.

30. Wie worden beschouwd als werkzoekenden?

A.Mensen die niet beschikbaar zijn voor werk.
B.Personen die actief op zoek zijn naar een baan.
C.Alleen mensen met een juridische status.
D.Mensen die met pensioen zijn.

31. Welke instantie is verantwoordelijk voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen?

A.Gemeente
B.Belastingdienst
C.UWV
D.Zorgverzekeraars

32. Wat is een voorbeeld van een recht versus een plicht?

A.Recht op bijstand; plicht om te solliciteren
B.Recht op vakantie; plicht om te werken
C.Recht op gezondheidszorg; plicht om belasting te betalen
D.Recht op een huis; plicht om te sparen

33. Wat zijn bijstandsuitkeringen?

A.Financiële ondersteuning voor mensen die tijdelijk of langdurig geen inkomen hebben.
B.Leningen die worden verstrekt aan werkzoekenden.
C.Vergoedingen voor welzijnsorganisaties.
D.Beloningen voor vrijwilligerswerk.

34. Wat is een werkplekvoorziening?

A.Een regeling voor ziektekosten.
B.Aanpassingen of hulpmiddelen op de werkplek voor ondersteuning.
C.Een type contract voor werkzoekenden.
D.Een opleiding voor werknemers.

35. Waar hangt de hoogte van een bijstandsuitkering vanaf?

A.Levenssituatie, leeftijd en gezinssamenstelling.
B.Opleiding, werkervaring en huurstijlen.
C.Woonplaats, inkomen en spaargeld.
D.Belastingtarieven, zorgkosten en woonlasten.

36. Wat is WW?

A.De Werkloosheidswet biedt tijdelijke financiële ondersteuning aan mensen die werkloos zijn.
B.De Wet Werkende Ouderen biedt extra ondersteuning aan oudere werknemers.
C.De Wet Werk en Zekerheid regelt arbeidscontracten.
D.De Wet Werkervaringsplaatsen biedt stages aan.

37. Wat houdt re-integratie in?

A.Het proces waarbij iemand voor altijd uit de arbeidsmarkt stapt.
B.Het proces van terugkeren naar werk na ziekte of werkloosheid.
C.Een manier om een opleiding te volgen terwijl je werkt.
D.De mogelijkheid om tijdelijk werk te doen.

38. Wat is het doel van de kinderbijslag?

A.Financiële steun voor kinderen.
B.Een belastingvoordeel voor ouders.
C.Ondersteuning voor alleenstaande ouders.
D.Hulp bij studiekosten.

39. Vul de lege plaats in: De _____ is verantwoordelijk voor de uitvoering van de sociale zekerheid.

A.overheid
B.werkgevers
C.vakbonden
D.verzekeraars

40. Wat moet iemand invullen voor de Participatiewet?

A.Een formulier voor belastingaangifte.
B.Een aanvraagformulier met persoonlijke gegevens en arbeidsverleden.
C.Een document voor vrijwilligerswerk.
D.Een aanvraag voor een uitkering zonder voorwaarden.

41. Is het waar dat uitkeringen belastingvrij zijn?

A.Onjuist, uitkeringen zijn belast als inkomen.
B.Juist, uitkeringen zijn vrijgesteld van belasting.
C.Onjuist, alleen bepaalde toeslagen zijn belastingvrij.
D.Juist, alle uitkeringen zijn belastingvrij.

42. Wat is een zorgverzekering?

A.Een verplichte verzekering die de kosten dekt van medische zorg.
B.Een verzekering die alleen tandheelkundige kosten dekt.
C.Een vrijwillige verzekering voor alternatieve geneeswijzen.
D.Een verzekering voor langdurige zorg.

43. Wat zijn beschutte werkplaatsen?

A.Werkplekken voor mensen zonder enige beperking.
B.Specifieke werkplekken voor mensen met een ernstige arbeidsbeperking.
C.Plaatsen waar mensen tijdelijk kunnen verblijven.
D.Opleidingscentra voor werkzoekenden.

44. Wat is het doel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)?

A.Ondersteuning bieden aan mensen met beperkingen.
B.Financiële hulp voor ouderen.
C.Subsidies voor woningverbetering.
D.Een uitkering voor werkzoekenden.

45. Wat houdt het begrip 'participatie' in?

A.De actieve deelname van burgers aan de maatschappij.
B.Het ontvangen van financiële steun zonder enige verplichtingen.
C.De verplichting om vrijwilligerswerk te doen.
D.De afwezigheid van sociale verplichtingen.

46. Wat is het doel van de Participatiewet?

A.De uitkeringen voor werkzoekenden verhogen.
B.Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt helpen om volwaardig deel te nemen aan de samenleving.
C.Alleen mensen met een diploma aan werk helpen.
D.Het verminderen van het aantal werkzoekenden.

47. Vul de lege plaats in: Kinderen hebben recht op _______ binnen de sociale zekerheid.

A.kinderbijslag
B.onderwijsvergoeding
C.gezondheidszorg
D.woonlastenvergoeding

48. Wat is het belangrijkste verschil tussen Wajong en de Participatiewet?

A.Wajong is voor mensen met een arbeidsbeperking vanuit de jeugd, Participatiewet is breder.
B.Wajong biedt alleen uitkeringen, Participatiewet alleen werk.
C.Wajong is alleen voor ouderen, Participatiewet voor jongeren.
D.Er is geen verschil tussen beide wetten.

49. Wat is het doel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)?

A.De Wmo heeft als doel om mensen te ondersteunen bij het zelfstandig leven.
B.De Wmo regelt de gezondheidszorg voor ouderen.
C.De Wmo biedt financiële steun aan studenten.
D.De Wmo is een belastingwet voor zorgaanbieders.

50. Wat zijn arbeidsovereenkomsten?

A.Contracten voor vrijwilligerswerk.
B.Documenten die de rechten en plichten van werkgever en werknemer vastleggen.
C.Overeenkomsten zonder enige voorwaarden.
D.Contracten voor tijdelijke uitkeringen.

51. Wat is de functie van de Sociale Verzekeringsbank (SVB)?

A.De SVB beheert en voert de AOW en andere sociale verzekeringen uit.
B.De SVB controleert de belastingaangiften van burgers.
C.De SVB geeft advies aan werkgevers over sociale premies.
D.De SVB verstrekt alleen kinderbijslag.

52. Wat houdt opleiding en ontwikkeling bij werk in?

A.Het bieden van vrije tijd voor werknemers.
B.Investeren in opleidingen voor werknemers om hun kansen te vergroten.
C.Het afschaffen van opleidingseisen.
D.Een manier om werknemers te straffen.

53. Wat is een uitzendbureau?

A.Een organisatie die werknemers plaatst bij werkgevers op tijdelijke basis.
B.Een bedrijf dat alleen vrijwilligers werft.
C.Een instantie die uitkeringen verstrekt.
D.Een organisatie die scholing aanbiedt.

54. Wat is sociaal ondernemerschap?

A.Ondernemingen die zich alleen richten op winstmaximalisatie.
B.Bedrijven die sociale impact combineren met economische winst.
C.Organisaties die alleen non-profit zijn.
D.Alleen bedrijven die vrijwilligerswerk ondersteunen.

55. Waarom is werk zo belangrijk?

A.Het biedt alleen financiële stabiliteit.
B.Het is de enige manier om sociale contacten te maken.
C.Het biedt financiële stabiliteit, sociale contacten en persoonlijke ontwikkeling.
D.Werk is alleen belangrijk voor jongeren.

56. Wat zijn participatietrajecten?

A.Programma's die mensen helpen bij het vinden van werk met begeleiding.
B.Trainingen voor vrijwilligers.
C.Opleidingen zonder praktijkervaring.
D.Slechts evenementen voor werkzoekenden.

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.