Tentamen: Experimenteel design en controlevariabelen

Deze begrippenlijst behandelt experimenteel design en controlevariabelen in de psychologie, met nadruk op fundamentele termen en concepten die van belang zijn voor het begrijpen van wetenschappelijk onderzoek.

NoahV0·64 flashcards·64 vragen
wopsychologygeneral
0
Ken ik
1 / 64
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is experimenteel design?

Tik om om te draaien
Achterkant

Experimenteel design is een onderzoeksopzet waarbij de onderzoeker variabelen manipuleert om het effect op andere variabelen te bestuderen.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(64 vragen)

Vraag 1 van 64

1. Wat is de belangrijkste eigenschap van een experimenteel design?

Termen in deze set(64)

Basisconcepten van experimenteel design(16)

Wat is experimenteel design?

Experimenteel design is een onderzoeksopzet waarbij de onderzoeker variabelen manipuleert om het effect op andere variabelen te bestuderen.

Onafhankelijke variabele → ...

De onafhankelijke variabele is de variabele die door de onderzoeker wordt gemanipuleerd om te zien welk effect dit heeft op de afhankelijke variabele.

Afhankelijke variabele: Wat bepaalt het?

De afhankelijke variabele is het resultaat of de uitkomst die onderzocht wordt en die afhankelijk is van de onafhankelijke variabele.

Wat zijn controlevariabelen?

Controlevariabelen zijn factoren die constant gehouden worden in een experiment om de invloed van de onafhankelijke variabele te isoleren.

Troebel of zwart-wit: Wat is het verschil?

Troebel: geen duidelijke oorzaak-gevolgrelatie. Zwart-wit: duidelijke relatie tussen onafhankelijke en afhankelijke variabelen.

Voorbeeld van een experiment met controlevariabelen:

Bij het testen van een medicijn, controleer je leeftijd, geslacht en gezondheidstoestand van de deelnemers om onnauwkeurigheid te voorkomen.

Wat meet je met een steekproef?

Een steekproef meet de eigenschappen van een bepaalde populatie door een representatieve subset van die populatie te onderzoeken.

Normering in experimenteel design?

Normering zorgt ervoor dat de manier van dataverzameling en -analyse consistent is, wat de betrouwbaarheid van de resultaten verhoogt.

Waar is randomisatie voor nodig?

Randomisatie zorgt ervoor dat elke deelnemer een gelijke kans heeft om toegewezen te worden aan een experimentele of controlegroep.

True or False: Een experimenteel ontwerp is altijd beter dan een observationeel ontwerp.

False. Hoewel experimenteel ontwerp vaak meer controle biedt, is observationeel ontwerp nuttig voor het bestuderen van natuurlijke gedragspatronen.

Wat is een hypothetische construct?

Een hypothetisch construct is een concept dat niet direct waarneembaar is, zoals intelligentie of motivatie, en dat gemeten moet worden via indicatoren.

Wat zijn de stappen in experimenteel design?

1. Hypothese formuleren 2. Variabelen definiëren 3. Steekproef selecteren 4. Experiment uitvoeren 5. Data analyseren

Wat is een dubbelblind experiment?

In een dubbelblind experiment weten noch de deelnemers, noch de onderzoekers wie in de experimentele of controlegroep zit, om bias te minimaliseren.

Effect van plaatsboog: Wat is dat?

Het placebo-effect treedt op wanneer deelnemers veranderingen ervaren in hun toestand, alleen omdat ze geloven dat ze een behandeling krijgen.

Invloed van variabele bij correlatie?

Bij correlatie is er een relatie tussen twee variabelen, maar dit betekent niet dat de ene de oorzaak is van de andere.

Wat is een pilotstudie?

Een pilotstudie is een vooronderzoek dat uitgevoerd wordt om de haalbaarheid, tijd, kosten en risico’s van een experiment te testen.

Controlevariabelen en hun rol(16)

Wat zijn controlevariabelen?

Controlevariabelen zijn factoren die constant worden gehouden in een experiment om de invloed van andere variabelen te isoleren.

Waarom zijn controlevariabelen belangrijk?

Ze helpen de interne validiteit te waarborgen door te zorgen dat de resultaten niet vertekend zijn door externe invloeden.

Vul de lege ruimte in: Controlevariabelen zorgen ervoor dat _____ niet de resultaten beïnvloeden.

ongewenste variabelen

Wat is het verschil tussen controlevariabelen en onafhankelijke variabelen?

Controlevariabelen blijven constant, terwijl onafhankelijke variabelen actief worden gemanipuleerd om effecten te observeren.

Welke van de volgende is een controlevariabele? (a) Temperatuur (b) Behandeling

a) Temperatuur – Het moet constant worden gehouden om resultaten te kunnen vergelijken.

Hoe kunnen controlevariabelen onze resultaten beïnvloeden?

Als ze niet goed worden beheerd, kunnen ze de correlatie tussen onafhankelijke en afhankelijke variabelen verstoren.

Geef een voorbeeld van een controlevariabele in psychologisch onderzoek.

Leeftijd van deelnemers – Dit kan de reacties beïnvloeden en moet daarom constant worden gehouden.

Wat is de rol van controlevariabelen in experimenteel design?

Ze zorgen ervoor dat de experimenten betrouwbaar en reproduceerbaar zijn door ongewenste variabiliteit te minimaliseren.

Waar of niet waar: Controlevariabelen zijn overbodig in een goed ontworpen experiment.

Niet waar – Zonder controlevariabelen kunnen resultaten misleidend zijn.

Waarom is randomisatie belangrijk bij controlevariabelen?

Het helpt de invloed van onbekende controlevariabelen te minimaliseren door deelnemers willekeurig toe te wijzen aan groepen.

Wat gebeurt er als controlevariabelen niet worden gecontroleerd?

Dit kan leiden tot verwarring in de resultaten en een verkeerde conclusie over causale relaties.

Vergelijk een controlevariabele met een afhankelijke variabele.

Controlevariabelen worden constant gehouden; afhankelijke variabelen zijn het resultaat dat wordt gemeten.

Geef een korte uitleg van de term 'interne validiteit'.

Interne validiteit verwijst naar de mate waarin een experiment daadwerkelijk meet wat het beoogt te meten.

Vul de lege ruimte in: Een goede controlevariabele zou _____ moeten zijn.

meetbaar en constant

Wat is een mogelijke controlevariabele in een onderzoek over stressniveaus?

Slaapduur – Het kan de stressniveaus beïnvloeden en moet worden gecontroleerd.

Waarom is het belangrijk om controlevariabelen vooraf te definiëren?

Dit voorkomt verwarring tijdens de uitvoering van het experiment en zorgt voor consistentie.

Soorten experimentele designs(16)

Wat is een tussen-subjecten design?

Een experimenteel design waarbij verschillende deelnemers aan verschillende condities worden toegewezen. Dit voorkomt dat deelnemers de effecten van eerdere condities beïnvloeden.

Wat is een binnen-subjecten design?

Een experimenteel design waarbij dezelfde deelnemers aan alle condities deelnemen. Dit verhoogt de controle over individuele verschillen.

Tussen-subjecten vs. binnen-subjecten design

Tussen-subjecten: verschillende deelnemers per conditie. Binnen-subjecten: dezelfde deelnemers in alle condities.

Wat is een crossover design?

Een experimenteel design waarbij deelnemers op verschillende tijdstippen verschillende behandelingen ontvangen. Dit helpt om de effecten van tijd te controleren.

Wat is een factorial design?

Een design waarbij twee of meer onafhankelijke variabelen tegelijk worden onderzocht. Dit maakt interactie-effecten tussen variabelen zichtbaar.

Waarvoor dient een controlegroep?

Een groep die niet de experimentele behandeling ontvangt, zodat onderzoekers de effecten van de behandeling kunnen vergelijken.

Fill in the blank: In een _____ design worden deelnemers random toegewezen aan condities.

antwoord: tussen-subjecten

Wat is een gematcht design?

Een design waarbij deelnemers worden gematcht op relevante kenmerken voordat ze aan condities worden toegewezen. Dit helpt om variabiliteit te verminderen.

Wat is longitudinaal onderzoek?

Een onderzoeksdesign waarbij dezelfde deelnemers over een langere periode worden gevolgd om veranderingen in tijd te meten.

Wat is een cross-sectioneel design?

Een design waarbij op één moment gegevens van verschillende deelnemers worden verzameld om een populatie te bestuderen.

Wat zijn de voordelen van een experimenteel design?

Controle over variabelen, mogelijkheid tot causaliteit vaststellen, replicatie van studies.

Wat is een quasi-experimenteel design?

Een ontwerp dat lijkt op een experimenteel design maar geen volledige randomisatie bevat. Het wordt vaak gebruikt in echte situaties.

Wat is een enkelvoudig onderzoek?

Een design dat zich richt op één enkele groep deelnemers binnen één conditie om specifieke effecten te onderzoeken.

True or False: Een experimenteel design kan geen causaliteit aantonen.

Onjuist. Een experimenteel design kan causaliteit aantonen door gecontroleerde manipulatie van onafhankelijke variabelen.

Wat is een prior research design?

Een design waarbij eerdere studies worden gebruikt als basis voor het onderzoeken van nieuwe hypotheses, vaak door replicatie.

Onderzoek met meerdere tijdstippen wordt vaak gedaan in een _____ design.

antwoord: longitudinaal

Data-analyse en interpretatie(16)

Wat is de rol van statistische significantie?

Statistische significantie bepaalt of de resultaten waarschijnlijk niet door toeval zijn ontstaan, met een p-waarde, vaak < 0,05.

Wat betekent een p-waarde van 0,03?

Een p-waarde van 0,03 geeft aan dat er een kans van 3% is dat de waargenomen resultaten door toeval zijn verklaard.

Vul de lege plek in: De ____ geeft de spreiding van data aan.

standaarddeviatie

Wat zijn beschrijvende statistieken?

Beschrijvende statistieken samenvatten gegevens. Voorbeelden: gemiddelde, mediaan, modus, en standaarddeviatie.

True or False: Een hoge correlatie betekent altijd causaliteit.

False. Correlatie impliceert geen causaliteit; andere factoren kunnen de relatie beïnvloeden.

Vergelijk het gemiddelde en de mediaan.

Het gemiddelde is de som van gegevens gedeeld door het aantal. De mediaan is het middelste getal. Gemiddelde kan beïnvloed worden door uitschieters, mediaan niet.

Wat is een hypothese?

Een hypothese is een testbare uitspraak over een relatie tussen variabelen, vaak geformuleerd als een voorspelling.

Wat is een normaalverdeling?

Een normaalverdeling is een symmetrische verdeling waarbij de meeste waarden rond het gemiddelde liggen. Het vormt de basis voor veel statistische analyses.

Wat is een steekproef?

Een steekproef is een representatieve subset van een populatie, gebruikt om conclusies te trekken over de gehele populatie.

Vul de lege plek in: De ____ van de steekproef beïnvloedt de betrouwbaarheid van de resultaten.

grootte

Wat zijn inferentiële statistieken?

Inferentiële statistieken maken het mogelijk om conclusies te trekken over een populatie op basis van een steekproef, zoals hypothesetests en betrouwbaarheidsintervallen.

Cause → Effect: Wat is het gevolg van een te kleine steekproef?

Onbetrouwbare resultaten en een verhoogd risico op type I en type II fouten.

Wat zijn outliers?

Outliers zijn gegevenspunten die significant afwijken van de rest van de data, wat de analyses kan verstoren.

Wat is de rol van een betrouwbaarheidsinterval?

Een betrouwbaarheidsinterval geeft een bereik aan waarin de werkelijke waarde van een populatieparameter met een bepaalde zekerheid ligt, bijvoorbeeld 95%.

Hoe wordt de correlatie weergegeven?

Correlatie wordt weergegeven met de correlatiecoëfficiënt (r), variërend van -1 (perfect negatieve correlatie) tot +1 (perfect positieve correlatie).

Wat is een regressiemodel?

Een regressiemodel is een statistische techniek om de relatie tussen een afhankelijke variabele en een of meerdere onafhankelijke variabelen te analyseren en voorspellingen te maken.

Vragen in deze set(64)

1. Wat is de belangrijkste eigenschap van een experimenteel design?

A.Het manipuleren van variabelen
B.Het observeren van bestaande situaties
C.Het verzamelen van kwalitatieve data
D.Het uitvoeren van surveys

2. Wat is de functie van een betrouwbaarheidsinterval?

A.Het geeft een bereik aan waarin de populatiewaarde met zekerheid ligt.
B.Het beschrijft de gemiddelde waarde van de steekproef.
C.Het toont de spreiding van de data aan.
D.Het geeft alleen de hoogste waarde in de steekproef weer.

3. Wat type design wordt gebruikt wanneer deelnemers aan verschillende groepen worden toegewezen om variabelen te vergelijken?

A.Tussen-subjecten design
B.Binnen-subjecten design
C.Crossover design
D.Factorial design

4. Wat zijn controlevariabelen?

A.Factoren die constant worden gehouden in een experiment.
B.Variabelen die gemanipuleerd worden om effecten te observeren.
C.De resultaten die worden gemeten in een experiment.
D.De omgeving waarin het experiment wordt uitgevoerd.

5. In een experiment wordt een nieuwe onderwijsmethode getest. Wat is de onafhankelijke variabele?

A.De resultaten van de studenten
B.De traditionele onderwijsmethode
C.De nieuwe onderwijsmethode
D.De leeftijd van de studenten

6. Wat is de belangrijkste functie van descriptieve statistieken?

A.Ze samenvatten en beschrijven de gegevens.
B.Ze stellen hypotheses op voor inferentiële statistieken.
C.Ze meten de effectgrootte van een interventie.
D.Ze testen de significantie van een verband.

7. Bij welk design neemt dezelfde groep deelnemers deel aan alle condities?

A.Crossover design
B.Tussen-subjecten design
C.Binnen-subjecten design
D.Factorial design

8. Waarom zijn controlevariabelen belangrijk in een experiment?

A.Ze verhogen de externe validiteit.
B.Ze zorgen ervoor dat de resultaten niet vertekend zijn.
C.Ze maken het experiment eenvoudiger.
D.Ze verminderen de steekproefgrootte.

9. Wat is een voorbeeld van een afhankelijke variabele in een experiment over slaap en geheugen?

A.Het aantal uren slaap
B.De kwaliteit van de slaap
C.De geheugenprestaties van deelnemers
D.De leeftijd van deelnemers

10. Wat is een mogelijke uitkomst van een te hoge p-waarde?

A.Aanvaarden van de nulhypothese.
B.Verwerpen van de nulhypothese.
C.Geen effect van de onafhankelijke variabele.
D.Vertrouwen op een significant resultaat.

11. Wat is een belangrijk kenmerk van een factorial design?

A.Het onderzoekt één onafhankelijke variabele
B.Het houdt rekening met meerdere onafhankelijke variabelen
C.Het is altijd longitudinaal
D.Het heeft geen controlegroep

12. Vul de lege ruimte in: Controlevariabelen zorgen ervoor dat _____ niet de resultaten beïnvloeden.

A.ongewenste variabelen
B.onafhankelijke variabelen
C.afhankelijke variabelen
D.alle variabelen

13. Wat is het doel van controlevariabelen in een experiment?

A.Om de resultaten te manipuleren
B.Om een vergelijking te maken met andere studies
C.Om de invloed van andere factoren te isoleren
D.Om de steekproefgrootte te vergroten

14. Wat is de standaarddeviatie?

A.Een maat voor de spreiding van data rondom het gemiddelde.
B.De gemiddelde waarde van de dataset.
C.Een maat voor de richting van een relatie tussen variabelen.
D.De mediaan van een dataset.

15. Wat is een voorbeeld van een longitudinaal onderzoek?

A.Een enquête afnemen bij één groep op één tijdstip
B.Een groep deelnemers over meerdere jaren volgen
C.De effecten van een behandeling op verschillende groepen vergelijken
D.Een experiment uitvoeren met een controlegroep

16. Wat is het verschil tussen controlevariabelen en onafhankelijke variabelen?

A.Controlevariabelen zijn willekeurig gekozen.
B.Onafhankelijke variabelen blijven constant.
C.Controlevariabelen worden constant gehouden.
D.Onafhankelijke variabelen zijn altijd meetbaar.

17. Wat is een belangrijk kenmerk van een dubbelblind experiment?

A.De onderzoekers weten wie in de experimentele groep zit
B.De deelnemers weten wat de hypothese is
C.Zowel de deelnemers als de onderzoekers zijn zich niet bewust van groepsindelingen
D.Alle deelnemers krijgen dezelfde behandeling

18. Welke van de volgende opties is GEEN beschrijvende statistiek?

A.Gemiddelde
B.Mediaan
C.Correlatiecoëfficiënt
D.Modus

19. Welke van de volgende opties is géén soort experimenteel design?

A.Tussen-subjecten design
B.Binnen-subjecten design
C.Longitudinaal design
D.Quasi-experimenteel design

20. Welke van de volgende is een controlevariabele in psychologisch onderzoek?

A.De temperatuur van de kamer
B.De duur van de behandeling
C.De leeftijd van deelnemers
D.Het aantal deelnemers

21. Wat meet je met een steekproef in een experiment?

A.De totale populatie
B.De gemiddelde leeftijd
C.Een representatieve subset van de populatie
D.De effectiviteit van een medicijn

22. Wat gebeurt er als de steekproefgrootte te klein is?

A.De resultaten zijn onbetrouwbaar.
B.De correlatie is altijd sterk.
C.De resultaten zijn altijd significant.
D.De standaarddeviatie is altijd laag.

23. Wat is het belangrijkste doel van een controlegroep in een experiment?

A.De behandeling te ontvangen
B.De resultaten van de experimentele groep te vergelijken
C.Een extra variabele toe te voegen
D.Deelnemers te matchen

24. Hoe beïnvloeden controlevariabelen de resultaten van een experiment?

A.Ze maken de resultaten minder betrouwbaar.
B.Ze kunnen de correlatie verstoren.
C.Ze zijn niet relevant voor de uitkomst.
D.Ze verhogen de variabiliteit.

25. Wat is de functie van randomisatie in experimenteel design?

A.Om bias te voorkomen
B.Om de steekproefgrootte te verhogen
C.Om de resultaten te generaliseren
D.Om de hypothese te testen

26. Wat betekent een correlatiecoëfficiënt van -0,85?

A.Er is een sterke negatieve correlatie tussen de variabelen.
B.Er is een sterke positieve correlatie tussen de variabelen.
C.Er is geen correlatie tussen de variabelen.
D.De correlatie is gemiddeld.

27. Welk type design kan worden gebruikt om de effecten van tijd te controleren?

A.Tussen-subjecten design
B.Crossover design
C.Factorial design
D.Enkelvoudig onderzoek

28. Geef een voorbeeld van een controlevariabele in een experiment over leerprestaties.

A.De tijd van de dag waarop de test wordt afgenomen
B.Het aantal vragen op de test
C.De moeilijkheidsgraad van de test
D.De lengte van de vragen

29. Welke van de volgende opties beschrijft een hypothetisch construct?

A.Angst gemeten met een vragenlijst
B.De temperatuur in graden Celsius
C.De afstand in kilometers
D.De tijd in uren

30. Wat is de rol van inferentiële statistieken?

A.Ze maken conclusies over een populatie op basis van een steekproef.
B.Ze beschrijven de centrale tendentie van gegevens.
C.Ze berekenen de standaarddeviatie van een dataset.
D.Ze visualiseren de data in grafieken.

31. Wat is een gematcht design?

A.Een design zonder controle
B.Een design waarin deelnemers op relevante kenmerken worden gematcht
C.Een design met meerdere condities
D.Een design dat een enkelvoudige hypothese test

32. Wat is de rol van controlevariabelen in experimenteel design?

A.Ze vergroten de steekproefgrootte.
B.Ze minimaliseren ongewenste variabiliteit.
C.Ze verhogen de externe validiteit.
D.Ze maken het experiment complexer.

33. Wat is een belangrijk voordeel van normering in experimenteel design?

A.Het verhoogt de creativiteit van het onderzoek
B.Het maakt de analyse gemakkelijker
C.Het verhoogt de betrouwbaarheid van de resultaten
D.Het verlaagt de kosten van het onderzoek

34. Wat geeft een laag betrouwbaarheidsinterval aan?

A.Een lage zekerheid over de populatiewaarde.
B.Een hoge waarschijnlijkheid voor de populatiewaarde.
C.Een nauwkeurige schatting van de populatiewaarde.
D.Een perfecte correlatie.

35. Wat is de functie van een quasi-experimenteel design?

A.Volledige randomisatie van deelnemers
B.Verkenning zonder manipulatie
C.Toepassing in echte situaties zonder volledige controle
D.Onderzoek van één enkele groep

36. Waar of niet waar: Controlevariabelen zijn overbodig in een goed ontworpen experiment.

A.Waar
B.Niet waar
C.Afhankelijk van het experiment
D.Soms waar

37. Wat is een placebo-effect?

A.Een echte fysieke reactie op een medicijn
B.Een verandering in de toestand door geloof in behandeling
C.Een negatieve bijwerking van een medicijn
D.Een verbetering door natuurlijke herstelprocessen

38. Wat is een hypothese?

A.Een testbare uitspraak over een relatie tussen variabelen.
B.Een beschrijving van de steekproef.
C.Een samenvatting van de resultaten.
D.Een grafische weergave van data.

39. Wat is een crossover design?

A.Een design met meerdere onafhankelijke variabelen
B.Een design waarbij deelnemers niet matchen
C.Een design waarbij deelnemers verschillende behandelingen ontvangen op verschillende tijdstippen
D.Een design dat alleen longitudinaal is

40. Waarom is randomisatie belangrijk bij controlevariabelen?

A.Het vermindert de steekproefgrootte.
B.Het minimaliseert invloed van onbekende variabelen.
C.Het verhoogt de nauwkeurigheid van metingen.
D.Het maakt het experiment eenvoudiger.

41. Bij welke situatie kan correlatie niet worden beschouwd als causatie?

A.Als twee variabelen sterk met elkaar samenhangen
B.Wanneer er een duidelijk oorzakelijk mechanisme is
C.Als er een derde variabele is die beide beïnvloedt
D.Wanneer de tijdsvolgorde klopt

42. Wat is een outlier?

A.Een gegevenspunt dat significant afwijkt van de rest van de data.
B.Het gemiddelde van de dataset.
C.De mode van de dataset.
D.Een statistische test voor significantie.

43. Bij welk design zijn deelnemers random toegewezen aan condities?

A.Crossover design
B.Longitudinaal design
C.Factorial design
D.Tussen-subjecten design

44. Wat gebeurt er als controlevariabelen niet worden gecontroleerd?

A.Er is geen effect op de resultaten.
B.Dit kan leiden tot misleidende conclusies.
C.De resultaten blijven constant.
D.Dit is geen probleem in psychologisch onderzoek.

45. Wat zijn de stappen in experimenteel design?

A.Hypothese formuleren, experiment uitvoeren, data analyseren
B.Hypothese formuleren, variabelen definiëren, steekproef selecteren, experiment uitvoeren, data analyseren
C.Variabelen definiëren, hypothese formuleren, steekproef selecteren
D.Experiment uitvoeren, data analyseren, hypothese formuleren

46. Wat is de mediaan?

A.Het middelste getal in een geordende dataset.
B.De som van alle waarden gedeeld door het aantal.
C.Een maat voor de spreiding van de data.
D.De hoogste waarde in de dataset.

47. Wat is een enkelvoudig onderzoek?

A.Onderzoek met meerdere groepen
B.Onderzoek met een enkele groep binnen één conditie
C.Onderzoek met longitudinale data
D.Onderzoek zonder controlegroep

48. Vergelijk een controlevariabele met een afhankelijke variabele.

A.Controlevariabelen worden gemeten; afhankelijke variabelen blijven constant.
B.Controlevariabelen blijven constant; afhankelijke variabelen zijn het resultaat dat wordt gemeten.
C.Beide zijn onafhankelijk van elkaar.
D.Controlevariabelen zijn altijd meetbaar.

49. Welke van de volgende is GEEN controlevariabele in een medicijnstudie?

A.Leeftijd van de deelnemers
B.Geslacht van de deelnemers
C.De medicijn dosering
D.Gezondheidstoestand van de deelnemers

50. Wat geeft een hoge correlatie tussen twee variabelen aan?

A.Een sterke relatie tussen de variabelen.
B.Dat de variabelen onafhankelijk zijn.
C.Een lage kans op toeval in de gegevens.
D.Een perfect lineaire relatie.

51. Wat is de definitie van een cross-sectioneel design?

A.Onderzoek met één enkele conditie
B.Onderzoek van meerdere groepen op één tijdstip
C.Onderzoek dat veranderingen in de tijd meet
D.Onderzoek met randomisatie

52. Geef een korte uitleg van de term 'interne validiteit'.

A.De mate van controle over externe variabelen.
B.De betrouwbaarheid van de metingen.
C.De mate waarin een experiment meet wat het beoogt te meten.
D.De relevantie van de resultaten voor de echte wereld.

53. Wat is het doel van een pilotstudie?

A.Om de hypothese te testen
B.Om de haalbaarheid van het experiment te evalueren
C.Om de resultaten te generaliseren
D.Om een grote steekproef te verzamelen

54. Wat is de gemiddelde waarde?

A.De som van alle waarden gedeeld door het aantal waarden.
B.De waarde die het vaakst voorkomt.
C.De middelste waarde in een dataset.
D.De hoogste waarde in de dataset.

55. Wat zijn de voordelen van een experimenteel design?

A.Minder controle over variabelen
B.Onmogelijk om causaliteit vast te stellen
C.Mogelijkheid tot replicatie van studies
D.Geen gebruik van controlegroepen

56. Vul de lege ruimte in: Een goede controlevariabele zou _____ moeten zijn.

A.variabel en onmeetbaar
B.constant en meetbaar
C.willekeurig en subjectief
D.irrelevant voor het onderzoek

57. Wat is een primaire functie van controlevariabelen in een experimenteel onderzoek?

A.Zorgen dat de onafhankelijke variabele het enige effect heeft op de afhankelijke variabele.
B.De onafhankelijke variabele manipuleren om resultaten te beïnvloeden.
C.De steekproefgrootte vergroten om de resultaten betrouwbaarder te maken.
D.De hypotheses te formuleren voorafgaand aan het experiment.

58. Welke van de volgende stellingen is waar over correlatie?

A.Correlatie betekent niet noodzakelijkerwijs causaliteit.
B.Correlatie impliceert altijd dat één variabele een andere veroorzaakt.
C.Een correlatie van 0 betekent geen relatie.
D.Correlatie is hetzelfde als regressieanalyse.

59. Wat is een prior research design?

A.Een design dat nieuwe hypotheses zonder eerdere gegevens onderzoekt
B.Een design dat eerdere studies als basis gebruikt
C.Een design dat geen controle heeft
D.Een design dat longitudinaal moet zijn

60. Wat is een mogelijke controlevariabele in een onderzoek over stressniveaus?

A.Slaapduur
B.Stressmethoden
C.Verkregen feedback
D.Opleidingsniveau

61. In welk scenario zou een onderzoeker een pilotstudie uitvoeren?

A.Bij het testen van een nieuwe medicijn om bijwerkingen te meten.
B.Bij het onderzoeken van de relatie tussen stress en slaapkwaliteit.
C.Voordat een volledig experiment wordt uitgevoerd om de haalbaarheid van het onderzoek te beoordelen.
D.Bij het analyseren van de data van een reeds afgerond onderzoek.

62. Wat geeft een betrouwbaarheidsinterval van 95% aan?

A.De werkelijke waarde ligt met 95% zekerheid binnen dit interval.
B.De steekproefgrootte is te klein om conclusies te trekken.
C.De resultaten zijn absoluut correct en zonder twijfel.
D.De correlatie tussen de variabelen is niet significant.

63. Welke van de volgende ontwerpen is het beste geschikt om de interactie-effecten tussen twee onafhankelijke variabelen te bestuderen?

A.Factorial design
B.Crossover design
C.Enkelvoudig onderzoek
D.Quasi-experimenteel design

64. Waarom is het belangrijk om controlevariabelen vooraf te definiëren?

A.Om variabelen later aan te passen.
B.Om verwarring tijdens het experiment te voorkomen.
C.Om de steekproefgrootte te vergroten.
D.Om het experiment minder tijdrovend te maken.

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.