Lichamelijk onderzoek hart en longen

Deze set bevat belangrijke termen en begrippen met betrekking tot lichamelijk onderzoek van het hart en de longen, essentieel voor studenten geneeskunde in Nederland.

DaanDeBoerdl·64 flashcards·64 vragen
womedicineclinical
0
Ken ik
1 / 64
0
Aan het leren
Voorkant

Wat is een ECG?

Tik om om te draaien
Achterkant

Een elektrocardiogram (ECG) registreert de elektrische activiteit van het hart. Het laat zien hoe snel en regelmatig het hart klopt.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(64 vragen)

Vraag 1 van 64

1. Wat is het belangrijkste doel van de anamnese tijdens een lichamelijk onderzoek?

Termen in deze set(64)

Hartonderzoek(16)

Wat is een ECG?

Een elektrocardiogram (ECG) registreert de elektrische activiteit van het hart. Het laat zien hoe snel en regelmatig het hart klopt.

Wat meet je met een echocardiografie?

Echocardiografie gebruikt echogeluiden om beelden van het hart te maken, waardoor de structuur en functie zichtbaar worden.

Noem twee indicaties voor hartonderzoek.

- Pijn op de borst - Vermoeidheid of kortademigheid

Hartslagfrequentie → indicatie van?

De hartslagfrequentie geeft informatie over de hartfunctie en kan wijzen op mogelijke afwijkingen zoals aritmieën.

Wat is een holtermonitor?

Een holtermonitor is een draagbaar apparaat dat de hartactiviteit gedurende 24-48 uur continu registreert.

Vulnerabele plaque versus stabiele plaque.

Vulnerabele plaque is makkelijker te scheuren en kan leiden tot een hartaanval, terwijl stabiele plaque minder kans heeft om te ruptureren.

Wat is de betekenis van een verhoogde troponinewaarde?

Een verhoogde troponinewaarde kan wijzen op een hartinfarct of andere hartspierbeschadiging.

Vul de lege ruimte in: De normale hartslag in rust is tussen de _____ slagen per minuut.

60 en 100 slagen per minuut.

Wat gebeurt er bij een stress-test?

Bij een stress-test wordt het hart belast tijdens lichamelijke activiteit om de hartfunctie en eventuele ischemie te evalueren.

Wat is een stenose?

Een stenose is een vernauwing van een bloedvat of hartklep, wat de bloedstroom kan belemmeren.

Wat is een ventriculaire aritmie?

Een ventriculaire aritmie is een onregelmatige hartslag die begint in de ventrikels en kan leiden tot ernstige complicaties.

Waar staat de afkorting 'CAD' voor?

CAD staat voor coronaire arteriële ziekte, een aandoening waarbij de kransslagaders vernauwd zijn.

Wat is een echografie?

Een echografie is een beeldvormende techniek die geluidsgolven gebruikt om beelden van interne organen, zoals het hart, te maken.

Wat meet je met een bloeddrukmeting?

Een bloeddrukmeting meet de druk in de bloedvaten, wat cruciaal is voor het beoordelen van de hartfunctie.

Hartgeluiden: S1 versus S2.

S1 is het geluid van de sluiting van de AV-kleppen, terwijl S2 het geluid is van de sluiting van de aorta- en pulmonaliskleppen.

Wat is een myocardinfarct?

Een myocardinfarct is een hartaanval veroorzaakt door een blokkade in de bloedtoevoer naar de hartspier, wat leidt tot schade aan het hartweefsel.

Longonderzoek(16)

Spirometrie → definitie?

Een test die de longcapaciteit en luchtstroom meet tijdens in- en uitademing.

Wat meet een peak flow meter?

De maximale uitademingssnelheid, belangrijk voor astmapatiënten.

Waarvoor wordt een thoraxfoto gebruikt?

Beeldvorming voor het opsporen van longafwijkingen zoals infecties of tumoren.

Waar staat FEV1 voor?

Forced Expiratory Volume in 1 seconde; een maat voor de luchtstroomcapaciteit.

Longfunctieonderzoek is belangrijk omdat…

het helpt bij het diagnosticeren van aandoeningen zoals COPD en astma.

Wat is het verschil tussen obstructieve en restrictieve longziekten?

Obstructief: luchtwegvernauwing. Restrictief: beperking in longvolume.

Wat zijn de symptomen van een longembolie?

Kortademigheid, pijn op de borst, en soms hoesten met bloed.

Wat meet men bij een bronchoscopie?

Directe visualisatie van de luchtwegen en mogelijke afname van biopten.

Wat is de betekenis van de term 'hyperventilatie'?

Versneld en diep ademhalen, vaak met hypoxie als gevolg.

Wat is de rol van een longarts?

Diagnose en behandeling van longziekten en ademhalingsproblemen.

Vul de lege plek in: COPD is een chronische _____ ziekte.

obstructieve

Is het waar dat longkanker alleen bij rokers voorkomt?

Niet waar, het kan ook bij niet-rokers voorkomen door andere risicofactoren.

Welke test meet de longcapaciteit?

Spirometrie, een essentieel onderdeel van longfunctieonderzoek.

Wat zijn de belangrijkste indicaties voor longonderzoek?

- Aanhoudende hoest - Kortademigheid - Pijn op de borst

Wat is de functie van de alveoli?

Gasuitwisseling tussen zuurstof en kooldioxide in de longen.

Wat wordt gemeten bij een diffusiestudie?

De capaciteit van de longen om zuurstof en kooldioxide uit te wisselen.

Fysiek Onderzoek(16)

Wat is een anamnese?

Een gestructureerd gesprek waarin de arts informatie verzamelt over de medische voorgeschiedenis van de patiënt.

Wat is inspectie in het lichamelijk onderzoek?

Het visueel beoordelen van het lichaam, waarbij kenmerken zoals kleur, vorm en beweging worden waargenomen.

Wat is palpatie?

Het aanraken van het lichaam om afwijkingen, pijn of andere kenmerken te voelen.

Wat houdt percussie in?

Het kloppen op de huid om geluidsgolven te creëren, die informatie geven over de onderliggende structuren.

Wat is auscultatie?

Het luisteren naar interne geluiden van het lichaam, meestal met een stethoscoop, om de functie van organen te beoordelen.

Vul de lege plek in: De __________ is essentieel voor het beoordelen van ademhalingsgeluiden.

stethoscoop

Vergelijk palpatie en inspectie.

Palpatie: voelen. Inspectie: kijken.

Wat is een vitale functie?

Belangrijke parameters zoals hartslag, bloeddruk, ademfrequentie en temperatuur die de lichaamsfunctie meten.

Waarom is positionering van de patiënt belangrijk?

Het zorgt voor een nauwkeurige beoordeling en vergemakkelijkt de toegang tot verschillende lichaamsdelen.

Wat zijn de belangrijkste vitale functies?

- Hartslag - Bloeddruk - Ademfrequentie - Temperatuur

Wat betekent 'symptomatisch' in een lichamelijk onderzoek?

Het duidt op het onderzoeken van symptomen die de patiënt ervaart, zoals pijn of kortademigheid.

Wat zijn 'objectieve gegevens'?

Meetbare en waarneembare informatie zoals bloeddruk, hartslag en laboratoriumresultaten.

Wat is het doel van een lichamelijk onderzoek?

Het vaststellen van de gezondheidstoestand van de patiënt en het identificeren van mogelijke aandoeningen.

Wat zijn 'subjectieve gegevens'?

Informatie die door de patiënt wordt gegeven, zoals klachten en symptomen.

Wat is het belang van goede communicatie tijdens het onderzoek?

Het bevordert de vertrouwensband en zorgt ervoor dat de patiënt zich op zijn gemak voelt.

Vul de lege plek in: De __________ is de standaardmethode voor het meten van bloeddruk.

sphygmomanometer

Pathologie(16)

Wat is hypertensie?

Verhoogde bloeddruk. Dit kan leiden tot: - Hartfalen - Nierziekten - Beroerte

Wat is een hartinfarct?

Afsluiting van een kransslagader, wat resulteert in: - Verminderde bloedtoevoer - Hartspierbeschadiging

Wat is COPD?

Chronische obstructieve longziekte, gekenmerkt door: - Verlies van longfunctie - Moeite met ademhalen

Wat is astma?

Chronische ontsteking van de luchtwegen, leidt tot: - Aanhoudende hoest - Kortademigheid - Piepen

Wat is een longaandoening?

Generieke term voor ziekten die de longen aantasten, zoals: - Pneumonie - Longfibrose

Wat zijn de symptomen van hartfalen?

Typische symptomen zijn: - Vermoeidheid - Kortademigheid - Oedeem (vochtretentie)

Wat zijn symptomen van hartklepaandoeningen?

Bijvoorbeeld: - Verminderde inspanningstolerantie - Hartgeruis - Oedeem (vochtretentie)

Vul in: Pneumonie is een infectie van de _____.

longen.

Wat is de oorzaak van pulmonale hypertensie?

Verhoogde druk in de longslagaders door: - Hartziekten - Longziekten - Obesitas

Wat is een embolie?

Afsluiting van een bloedvat door een stolsel, kan leiden tot: - Longembolie - Hartinfarct

Wat is de behandeling voor astma?

Behandelingen zijn onder andere: - Inhalatoren - Corticosteroïden - Vermijden van triggers

Wat zijn de risicofactoren voor hartziekten?

Belangrijke risicofactoren zijn: - Roken - Hoge bloeddruk - Diabetes

Wat zijn de symptomen van een longembolie?

Symptomen kunnen zijn: - Plotselinge kortademigheid - Pijn op de borst - Hoesten met bloed

Waaruit bestaat een hartonderzoek?

Elementen van een hartonderzoek: - Anamnese - Lichamelijk onderzoek - ECG - Echocardiografie

Wat is longfibrose?

Verharding en littekenvorming van longweefsel, leidt tot: - Verminderde longcapaciteit - Kortademigheid

Waarvoor staat de afkorting ECG?

Elektrocardiogram, een test die de elektrische activiteit van het hart meet.

Vragen in deze set(64)

1. Wat is het belangrijkste doel van de anamnese tijdens een lichamelijk onderzoek?

A.Het verzamelen van medische geschiedenis
B.Het uitvoeren van inspectie
C.Het meten van vitale functies
D.Het luisteren naar hartgeluiden

2. Wat is de belangrijkste oorzaak van hartfalen?

A.Coronaire hartziekte
B.Astma
C.Pneumonie
D.Diabetes

3. Wat is het doel van een ECG?

A.De elektrische activiteit van het hart registreren
B.De bloeddruk meten
C.De hartkleppen onderzoeken
D.De zuurstofsaturatie bepalen

4. Wat is de primaire doelstelling van spirometrie?

A.Het meten van longcapaciteit en luchtstroom
B.Het bepalen van longinfecties
C.Het screenen op longkanker
D.Het evalueren van hartfunctie

5. Welke techniek wordt gebruikt om de grootte en consistentie van interne organen te beoordelen?

A.Auscultatie
B.Inspectie
C.Palpatie
D.Percussie

6. Wat is een kenmerk van COPD?

A.Verlies van longfunctie
B.Verhoogde bloeddruk
C.Hartkloppingen
D.Vermoeidheid

7. Wat geeft een verhoogde bloeddruk aan?

A.Mogelijke hypertensie
B.Een normale hartfunctie
C.Een lage cholesterolwaarde
D.Een goede longfunctie

8. Welke indicatie wijst meestal op de noodzaak voor een peak flow meter?

A.Aanhoudende hoofdpijn
B.Astma-aanvallen
C.Hoesten zonder koorts
D.Pijn op de borst

9. Welk van de volgende is GEEN onderdeel van een lichamelijk onderzoek?

A.Anamnese
B.Diagnose
C.Inspectie
D.Auscultatie

10. Wat is een veelvoorkomende oorzaak van astma-aanvallen?

A.Allergieën
B.Hoge cholesterol
C.Diabetes
D.Hypertensie

11. Wat is een indicatie voor het gebruik van een holtermonitor?

A.Patiënten met onregelmatige hartslagen
B.Patiënten zonder symptomen
C.Patiënten met hoge bloeddruk
D.Patiënten met goede uithoudingsvermogen

12. Wat kan een thoraxfoto helpen uitsluiten?

A.Hartfalen
B.Longontsteking
C.Diabetes
D.Bloedarmoede

13. Wat is de rol van de sphygmomanometer?

A.Ademhaling meten
B.Bloeddruk meten
C.Hartslag registreren
D.Temperatuur meten

14. Welke aandoening wordt gekenmerkt door een vernauwing van de luchtwegen?

A.Astma
B.Longfibrose
C.Pneumonie
D.Embolie

15. Wat gebeurt er bij een echocardiografie?

A.Beelden van het hart worden gemaakt met echogeluiden
B.Bloeddruk wordt gemeten
C.Hartgeluiden worden beluisterd
D.Hartslagfrequentie wordt geteld

16. Welke van de volgende termen beschrijft FEV1 het beste?

A.Maximale zuurstofopname
B.Volume uitgeademd in 1 seconde
C.Totale longcapaciteit
D.Longvolume bij rust

17. Waarom is het belangrijk om de patiënt goed te positioneren tijdens het lichamelijk onderzoek?

A.Voor betere communicatie
B.Om een nauwkeurige beoordeling te maken
C.Voor een snellere behandeling
D.Om de patiënt te kalmeren

18. Wat is een typische complicatie van een hartinfarct?

A.Hartfalen
B.Astma
C.Hypertensie
D.Pneumonie

19. Welke term beschrijft een vernauwing van een bloedvat?

A.Aritmie
B.Stenose
C.Aneurysma
D.Ischemie

20. Waarom is longfunctieonderzoek essentieel in de klinische praktijk?

A.Het is een verplicht onderdeel van elk medisch onderzoek
B.Het helpt bij het vaststellen van de longgezondheid
C.Het diagnosticeert hartziekten
D.Het meet de lichaamstemperatuur

21. Wat wordt verstaan onder auscultatie?

A.Het voelen van de hartslag
B.Het luisteren naar interne geluiden
C.Het visueel beoordelen van de huid
D.Het meten van de lichaamstemperatuur

22. Wat is een mogelijke oorzaak van pulmonale hypertensie?

A.Longziekten
B.Verhoogde cholesterol
C.Verkeersongelukken
D.Diabetes

23. Wat is de normale hartslagfrequentie in rust?

A.50-70 slagen per minuut
B.60-100 slagen per minuut
C.100-120 slagen per minuut
D.40-60 slagen per minuut

24. Wat is een belangrijk kenmerk van obstructieve longziekten?

A.Beperkingen in longvolume
B.Luchtwegvernauwing
C.Afname van longcapaciteit
D.Verhoogde longcompliance

25. Welk type gegevens worden als subjectief beschouwd?

A.Bloeddrukmetingen
B.Patiëntklachten
C.Laboratoriumresultaten
D.Hartslagmetingen

26. Wat beschrijft een longembolie het beste?

A.Afsluiting van een longslagader door een bloedstolsel
B.Vernauwing van de luchtwegen
C.Verharding van het longweefsel
D.Infectie van de longen

27. Wat is een myocardinfarct?

A.Een blokkade in een slagader
B.Een hartaanval door verminderde bloedtoevoer
C.Een onregelmatige hartslag
D.Een infectie van het hartweefsel

28. Welke van de volgende symptomen is NIET typisch voor een longembolie?

A.Kortademigheid
B.Pijn op de borst
C.Hoesten met bloed
D.Verlies van eetlust

29. Vul de lege plek in: __________ is het proces van het aantasten van de borstkas om hartgeluiden te horen.

A.Palpatie
B.Inspectie
C.Auscultatie
D.Percussie

30. Welke van de volgende symptomen is een teken van een longziekte?

A.Kortademigheid
B.Hoofdpijn
C.Maagpijn
D.Huiduitslag

31. Wat meet je met een stress-test?

A.Hartfunctie tijdens inspanning
B.Longfunctie in rust
C.Bloeddruk in rust
D.Hartgeluiden tijdens rust

32. Wat is het doel van een bronchoscopie?

A.Beoordelen van de hartfunctie
B.Visualiseren van de luchtwegen
C.Meten van bloeddruk
D.Detecteren van maagzweren

33. Wat is het verschil tussen palpatie en percussie?

A.Palpatie is voelen; percussie is luisteren.
B.Palpatie is kijken; percussie is voelen.
C.Palpatie is meten; percussie is inspectie.
D.Palpatie is alleen voor de huid; percussie is voor organen.

34. Wat is een mogelijke oorzaak van hartklepaandoeningen?

A.Rheumatische koorts
B.Hoge bloeddruk
C.Astma
D.Allergieën

35. Wat geeft een verhoogde troponinewaarde aan?

A.Normale hartfunctie
B.Hartspierbeschadiging
C.Goede zuurstofsaturatie
D.Laag cholesterol

36. Wat wordt als hyperventilatie beschouwd?

A.Langzame ademhaling
B.Normale ademhaling
C.Versneld en diep ademhalen
D.Ademhaling met een rustiger tempo

37. Welke van de volgende opties beschrijft het beste 'objectieve gegevens'?

A.Gegevens die door de arts worden waargenomen
B.Gegevens die de patiënt meldt
C.Gegevens die subjectief zijn
D.Gegevens die geen metingen vereisen

38. Wat is de functie van een ECG?

A.Het meten van de elektrische activiteit van het hart
B.Het controleren van de longfunctie
C.Het bepalen van de bloeddruk
D.Het analyseren van cholesterolniveaus

39. Wat is een ventriculaire aritmie?

A.Een onregelmatige hartslag uit de boezems
B.Een onregelmatige hartslag uit de ventrikels
C.Een normale hartslag
D.Een verhoogde hartslag

40. Wat is de rol van een longarts?

A.Behandelen van hartziekten
B.Diagnose en behandeling van longproblemen
C.Chirurgische ingrepen uitvoeren
D.Behandelen van neurologische aandoeningen

41. Wat is het verband tussen vitale functies en de gezondheidstoestand van de patiënt?

A.Vitale functies zijn irrelevante gegevens.
B.Vitale functies zijn belangrijke indicatoren van de gezondheid.
C.Vitale functies worden niet gemeten tijdens het onderzoek.
D.Vitale functies zijn enkel esthetisch.

42. Welke aandoening wordt gekenmerkt door een chronische ontsteking van de luchtwegen?

A.Astma
B.Tuberculose
C.Pneumothorax
D.Longfibrose

43. Wat is het verschil tussen een vulnerabele en stabiele plaque?

A.Vulnerabele plaque is stabiel
B.Vulnerabele plaque kan scheuren en een hartaanval veroorzaken
C.Stabiele plaque veroorzaakt altijd symptomen
D.Beide zijn gelijk

44. COPD is een chronische _____ ziekte.

A.restrictieve
B.obstructieve
C.infectieuze
D.auto-immuun

45. Wat is een indicatie dat de patiënt symptomatisch is?

A.De arts voert alleen een inspectie uit.
B.De patiënt toont geen zichtbare symptomen.
C.De patiënt rapporteert pijn of ongemak.
D.De arts meet alleen vitale functies.

46. Wat is een symptoom van hypertenie?

A.Hoofdpijn
B.Verlies van eetlust
C.Haaruitval
D.Verhoogde dorst

47. Wat staat de afkorting 'CAD' voor?

A.Coronair arterieel defect
B.Coronaire arteriële ziekte
C.Chirurgische arteriële diagnose
D.Chronische arteriële dysfunctie

48. Is het waar dat longkanker alleen voorkomt bij rokers?

A.Ja, dat is waar
B.Nee, ook niet-rokers kunnen longkanker ontwikkelen
C.Ja, alleen bij zware rokers
D.Nee, alleen bij mensen boven de 50

49. Wat gebeurt er tijdens de inspectiefase van een lichamelijk onderzoek?

A.De arts neemt de anamnese af.
B.De arts voert palpatie uit.
C.De arts beoordeelt visueel het lichaam.
D.De arts meet de bloeddruk.

50. Wat is longfibrose?

A.Verharding van het longweefsel
B.Vernauwing van de luchtwegen
C.Ontsteking van de longen
D.Infectie van de luchtwegen

51. Wat is een voorbeeld van een symptoom dat hartonderzoek kan vereisen?

A.Hoofdpijn
B.Pijn op de borst
C.Misselijkheid
D.Verlies van eetlust

52. Welke test is specifiek gericht op het meten van de longcapaciteit?

A.Radiografie
B.Spirometrie
C.Longscintigrafie
D.CT-scan

53. Welk van de volgende beschrijft de juiste volgorde van een lichamelijk onderzoek?

A.Auscultatie, inspectie, palpatie
B.Inspectie, palpatie, auscultatie
C.Palpatie, auscultatie, inspectie
D.Inspectie, auscultatie, palpatie

54. Wat is een belangrijke risicofactor voor een hartinfarct?

A.Roken
B.Vermoeidheid
C.Hoge temperatuur
D.Slaaptekort

55. Wat is het doel van de auscultatie van het hart?

A.Bloeddruk meten
B.Hartgeluiden beluisteren
C.Echografie uitvoeren
D.ECG maken

56. Wat zijn veelvoorkomende indicaties voor longonderzoek?

A.Koorts en hoofdpijn
B.Aanhoudende hoest en kortademigheid
C.Maagpijn en misselijkheid
D.Huiduitslag en jeuk

57. Wat is de functie van de stethoscoop in het lichamelijk onderzoek?

A.Meten van de bloeddruk
B.Meten van de hartslag
C.Luisteren naar interne geluiden
D.Voelen van de huid temperatuur

58. Wat is een symptoom van hartklepaandoeningen?

A.Hartgeruis
B.Koorts
C.Hoofdpijn
D.Spierpijn

59. Wat is een mogelijke complicatie van een hypertensie?

A.Hartfalen
B.Verhoogde zuurstofsaturatie
C.Goede cholesterolwaarden
D.Normale hartslag

60. Wat is de rol van de alveoli in de longen?

A.Bloedcirculatie bevorderen
B.Gasuitwisseling tussen zuurstof en kooldioxide
C.Ademhalingsspieren versterken
D.Longweefsel regenereren

61. Wat is het belang van het vaststellen van vitale functies tijdens een lichamelijk onderzoek?

A.Ze zijn irrelevant voor de diagnose.
B.Ze helpen bij het identificeren van acute aandoeningen.
C.Ze zijn enkel voor esthetische doeleinden.
D.Ze zijn niet belangrijk voor de patiënt.

62. Wat is de meest voorkomende oorzaak van een hartinfarct?

A.Verhoogde cholesterolwaarden
B.Verminderde bloeddruk
C.Vervuilde lucht
D.Overmatige lichaamsbeweging

63. Wat is een belangrijke functie van een echocardiogram tijdens hartonderzoek?

A.Het visualiseren van de hartstructuur en functie
B.Het meten van de hartslagfrequentie
C.Het monitoren van de bloeddruk
D.Het registreren van de lichaamstemperatuur

64. Wat wordt gemeten tijdens een diffusiestudie?

A.De totale longcapaciteit
B.De capaciteit voor gasuitwisseling
C.De ademhalingsfrequentie
D.De maximale bloeddruk

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.