Toets: Bacteriën en virussen

Studie materiaal over bacteriën en virussen met belangrijke termen en vragen.

LuukP8·15 flashcards·12 vragen
bovenbouwbiologymicrobiology
0
Ken ik
1 / 15
0
Aan het leren
Voorkant

Wat zijn bacteriën?

Tik om om te draaien
Achterkant

Bacteriën zijn eencellige micro-organismen zonder celkern, die overal in de natuur voorkomen.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(12 vragen)

Vraag 1 van 12

1. Bacteriën zijn altijd schadelijk.

Termen in deze set(15)

Wat zijn bacteriën?

Bacteriën zijn eencellige micro-organismen zonder celkern, die overal in de natuur voorkomen.

Wat zijn virussen?

Virussen zijn geen cellen; ze zijn kleine infectieuze deeltjes die zich alleen kunnen repliceren binnen een gastheercel.

Bacteriële celwand

De celwand geeft vorm en bescherming aan bacteriën. Het bestaat uit peptidoglycaan.

Virale replicatie

Virussen repliceren zich door het binnendringen van een gastheercel en het gebruiken van de cellulaire mechanismen.

Gram-positieve bacteriën

Deze bacteriën hebben een dikke celwand die paars kleurt tijdens de Gram-kleuring.

Gram-negatieve bacteriën

Ze hebben een dunne celwand en een extra buitenmembraan, en kleuren roze tijdens de Gram-kleuring.

Antibiotica

Medicijnen die bacteriële infecties bestrijden door de groei of vermenigvuldiging van bacteriën te remmen.

Vaccins

Vaccins stimuleren het immuunsysteem om te reageren op specifieke virussen zonder de ziekte te veroorzaken.

Ziekteverwekkers

Micro-organismen zoals bacteriën en virussen die ziekten kunnen veroorzaken bij mensen, dieren of planten.

Pathogene bacteriën

Bacteriën die ziekten veroorzaken, zoals Salmonella of Streptococcus.

Verschil tussen bacteriën en virussen

Bacteriën zijn zelfstandig en kunnen zich voortplanten, virussen hebben een gastheer nodig.

Infecties

Een infectie ontstaat wanneer pathogene micro-organismen het lichaam binnendringen en zich vermenigvuldigen.

Immuunsysteem

Het lichaamssysteem dat infecties bestrijdt, inclusief cellen die bacteriën en virussen herkennen en aanvallen.

Antigeen

Een stof die een immuunrespons kan opwekken, vaak een onderdeel van een bacterie of virus.

Bacteriële sporen

Rusttoestand van bacteriën die overleven in ongunstige omstandigheden, zoals extreme hitte of droogte.

Vragen in deze set(12)

1. Bacteriën zijn altijd schadelijk.

A.Waar
B.Niet waar

2. Een vaccin beschermt tegen virussen.

A.Waar
B.Niet waar

3. Wat is een kenmerk van gram-positieve bacteriën?

A.Dunne celwand
B.Dikke celwand
C.Geen celwand
D.Dynamische celwand

4. Antibiotica zijn effectief tegen virussen.

A.Waar
B.Niet waar

5. Wat is een bacteriële spore?

A.Actieve cel
B.Rusttoestand
C.Voedselbron
D.Infectieuze deeltje

6. Vaccins bevatten levende virussen.

A.Waar
B.Niet waar

7. Wat zijn pathogene bacteriën?

A.Goede bacteriën
B.Ziekteverwekkers
C.Onschadelijke bacteriën
D.Sporen

8. Immuuncellen bestrijden alleen virussen.

A.Waar
B.Niet waar

9. Antigeen is een onderdeel van het immuunsysteem.

A.Waar
B.Niet waar

10. Wat is de functie van de celwand van bacteriën?

A.Voeding
B.Bescherming
C.Energieopslag
D.Vermeerdering

11. Virussen kunnen zelfstandig leven.

A.Waar
B.Niet waar

12. Bacteriën zijn altijd eencellig.

A.Waar
B.Niet waar

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.