Sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel samenvatting

Deze spiekbrief bevat belangrijke begrippen en feiten over het sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel, essentieel voor de eindexamens biologie in Nederland.

Levi2010·76 flashcards·76 vragen
eindexamenbiologyhuman_biology
0
Ken ik
1 / 76
0
Aan het leren
Voorkant

Wat reguleert het sympathisch zenuwstelsel?

Tik om om te draaien
Achterkant

Het sympathisch zenuwstelsel reguleert de 'vecht- of vluchtreactie', verhoogt hartslag en bloeddruk.

Tik om om te draaien
Ken ik
Aan het leren

Quiz(76 vragen)

Vraag 1 van 76

1. Wat is de belangrijkste rol van het sympathisch zenuwstelsel?

Termen in deze set(76)

Algemene functies(16)

Wat reguleert het sympathisch zenuwstelsel?

Het sympathisch zenuwstelsel reguleert de 'vecht- of vluchtreactie', verhoogt hartslag en bloeddruk.

Wat is een functie van het parasympathisch zenuwstelsel?

Het parasympathisch zenuwstelsel bevordert rust, spijsvertering en herstel van het lichaam.

Vul in: Het ... zenuwstelsel activeert de 'vecht- of vluchtreactie'.

sympathisch

Waarvoor staat ANS?

Autonoom Zenuwstelsel, bestaande uit het sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel.

Waar reageert het sympathisch zenuwstelsel op?

Stressvolle situaties, verhoogde alertheid en energieverbruik.

Waarvoor zorgt het parasympathisch zenuwstelsel?

Het zorgt voor ontspanning, lagere hartslag en stimulatie van spijsvertering.

Waar bevindt zich het centrum voor het ANS?

In de hersenstam en het ruggenmerg.

Waar verschillen sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel in?

Sympathisch: activeren; Parasympathisch: ontspannen.

Sympathisch zenuwstelsel - functie?

Verhoogt hartslag, verwijdt pupillen, remt spijsvertering.

Parasympathisch zenuwstelsel - effect op hartslag?

Verlaagt hartslag en bevordert herstel.

Wat zijn neurotransmitters van het sympathisch zenuwstelsel?

Adrenaline en noradrenaline.

Waar reageren adrenerge receptoren op?

Op adrenaline en noradrenaline.

Waar zijn cholinerge receptoren gevoelig voor?

Voor acetylcholine, de belangrijkste neurotransmitter van het parasympathisch systeem.

Wat activeert het sympathisch zenuwstelsel?

Fysieke activiteit, stress, angst.

Wat is de rol van acetylcholine?

Het is de neurotransmitter die de parasympathische activiteit bevordert.

Wat gebeurt er bij sympathische activatie?

Hartslag stijgt, ademhaling versnelt, energie wordt vrijgemaakt.

Sympathisch zenuwstelsel(20)

Sympathisch zenuwstelsel functie?

Activeert 'vecht of vlucht' respons. Verhoogt hartslag, verwijdt luchtwegen.

Wat is de hoofdneurotransmitter?

Norepinefrine (noradrenaline) is de belangrijkste neurotransmitter.

Sympathisch zenuwstelsel en hartslag.

Verhoogt hartslag door stimulatie van de sinusknoop.

Waar reageert het sympathisch zenuwstelsel op?

Stress, gevaar, emotionele prikkels. Actievere toestand.

Wat gebeurt er bij stress?

Adrenaline wordt vrijgegeven, verhoogt energie en alertheid.

Sympathisch versus parasympathisch?

Sympathisch: activeert; Parasympathisch: ontspant.

Invloed op spijsvertering?

Remt spijsvertering, bloed naar spieren. Efficiënter bij vechten of vluchten.

Wat doet het bij ademhaling?

Verhoogt ademhalingsfrequentie en verwijdt bronchiën.

Sympathisch zenuwstelsel en pupillen?

Verbetert zicht; pupillen verwijden voor meer lichtinval.

Wat stimuleert het sympathisch zenuwstelsel?

Bloeddrukverhogende mechanismen door vasoconstrictie.

Functie van zweetklieren?

Geactiveerd, helpt bij temperatuurregulatie onder stress.

Veroorzaakt de sympathicus?

Snelle energieproductie, hogere glucose in bloed.

Sympathische innervatie van organen?

Hart, longen, lever, en bijnieren.

Wat is het 'vecht of vlucht' mechanisme?

Lichaam bereidt zich voor op acuut gevaar of stress.

Wat beïnvloedt het sympathisch zenuwstelsel?

Hormonale reacties, verhoogde adrenaline niveaus.

Waar vindt sympathische activatie plaats?

In het ruggenmerg, T1 tot L2 segmenten.

Wat leidt tot verhoogde bloedtoevoer?

Vasodilatatie van spieren tijdens sympathische activiteit.

Wat is de rol van adrenaline?

Verhoogt hartslag, stimuleert energieproductie uit vetten en suikers.

Invloed op speekselklieren?

Vermindert speekselproductie tijdens stress.

Vasoconstrictie veroorzaakt door?

Sympathische zenuwactiviteit verhoogt bloeddruk door vernauwing bloedvaten.

Parasympathisch zenuwstelsel(20)

Wat zijn de belangrijkste functies van het parasympathisch zenuwstelsel?

Regulatie van rust- en herstelprocessen, verlaging hartslag, stimulatie spijsvertering.

Neurotransmitter van het parasympathisch zenuwstelsel?

Acetylcholine is de belangrijkste neurotransmitter.

Waarvoor zorgt het parasympathisch zenuwstelsel?

Het zorgt voor ontspanning, herstel en behoud van energie.

Vul in: Het parasympathisch zenuwstelsel activeert ________ van de spijsvertering.

de functies

Waar bevinden zich de zenuwen van het parasympathisch zenuwstelsel?

In het hersenstam en het sacraal ruggenmerg.

Verdubbelde hartslag is __________.

Onjuist; het parasympathisch zenuwstelsel verlaagt de hartslag.

Effect van acetylcholine op het hart?

Verlaagt de hartfrequentie en verhoogt de effectiviteit van het hart.

Wat stimuleert het parasympathisch zenuwstelsel?

Spijsvertering, speekselproductie, en urinevorming.

Wat gebeurt er bij activatie van het parasympathisch zenuwstelsel?

Vermindering van ademhalingsfrequentie en verlaging van bloeddruk.

Verschil tussen parasympathisch en sympathisch zenuwstelsel?

Parasympathisch: rust, herstel. Sympathisch: vechten of vluchten.

Vul in: Het parasympathisch zenuwstelsel is ook wel ________.

het 'rust en vertering' systeem.

Effect van parasympathische stimulatie op de pupil?

Vernauwing (miosis) van de pupil.

Wat doet het parasympathisch zenuwstelsel met de ademhaling?

Het vertraagt de ademhaling.

Waar leidt activatie van het parasympathisch zenuwstelsel toe?

Tot verhoging van de spijsvertering en opname van voedingsstoffen.

Wat remt het parasympathisch zenuwstelsel?

Activiteiten die energie verbruiken, zoals de vecht- of vluchtrespons.

Wat doet het parasympathisch zenuwstelsel met de hartspier?

Het bevordert ontspanning en vermindert de hartslag.

Gevolgen van parasympathische activering voor de bloedvaten?

Bloedvaten verwijden en bloeddruk daalt.

Is het parasympathisch zenuwstelsel altijd actief?

Ja, het is altijd in balans met het sympathisch zenuwstelsel.

Wat zijn effecten op de blaas bij parasympathische stimulatie?

Stimuleert blaascontractie en bevordert urineren.

Rol van het parasympathisch zenuwstelsel bij de spijsvertering?

Verhoogt de doorbloeding van spijsverteringsorganen en stimuleert enzymsecretie.

Vergelijkingen en interacties(20)

Sympathisch zenuwstelsel functie

Verhoogt de hartslag en bloeddruk, stimuleert energieproductie.

Parasympathisch zenuwstelsel functie

Verlaagt de hartslag, bevordert spijsvertering en rust.

Sympathisch vs. Parasympathisch

Sympathisch: 'vecht of vlucht'. Parasympathisch: 'rust en herstel'.

Neurotransmitter sympathisch zenuwstelsel

Noradrenaline is de belangrijkste neurotransmitter.

Neurotransmitter parasympathisch zenuwstelsel

Acetylcholine is de belangrijkste neurotransmitter.

Sympathisch zenuwstelsel activatie

Actief bij stressvolle situaties, verhoogt alertheid.

Parasympathisch zenuwstelsel activatie

Actief tijdens rust, bevordert herstel en welzijn.

Verschil in pupilreactie

Sympathisch: verwijdt de pupillen. Parasympathisch: vernauwt de pupillen.

Verschil in spijsvertering

Sympathisch: remt spijsvertering. Parasympathisch: stimuleert spijsvertering.

Sympathisch effect op ademhaling

Versnelt de ademhaling voor meer zuurstofopname.

Parasympathisch effect op ademhaling

Vertraagt ademhaling voor ontspanning.

Wat stimuleert het sympathisch zenuwstelsel?

Fysieke activiteit en stressreacties.

Wat stimuleert het parasympathisch zenuwstelsel?

Rust, ontspanning en herstelprocessen.

Oorzaak → Effect bij sympathisch

Oorzaak: stress; Effect: verhoogde hartslag.

Oorzaak → Effect bij parasympathisch

Oorzaak: ontspanning; Effect: lagere bloeddruk.

Invloed op zweetklieren

Sympathisch: stimuleert; Parasympathisch: geen effect.

Invloed op urineproductie

Sympathisch: remt urineproductie; Parasympathisch: stimuleert urineproductie.

Stressreactie en hersenen

Sympathisch: verhoogde activiteit in de amygdala.

Rust en herstel in hersenen

Parasympathisch: verhoogde activiteit in de hippocampus.

Sympathisch zenuwstelsel heeft invloed op:

- Hartslag - Bloeddruk - Ademhaling - Spijsvertering

Vragen in deze set(76)

1. Wat is de belangrijkste rol van het sympathisch zenuwstelsel?

A.Activeert de 'vecht of vlucht' respons
B.Bevordert spijsvertering
C.Verlaagt hartslag
D.Stimuleert slaap

2. Wat gebeurt er als het sympathisch zenuwstelsel actief is?

A.Hartslag stijgt
B.Hartslag daalt
C.Spijsvertering versnelt
D.Ontspanning treedt op

3. Wat is de belangrijkste neurotransmitter van het sympathisch zenuwstelsel?

A.Noradrenaline
B.Acetylcholine
C.Dopamine
D.Serotonine

4. Wat is de belangrijkste neurotransmitter van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Acetylcholine
B.Noradrenaline
C.Dopamine
D.Serotonine

5. Welke neurotransmitter is het meest betrokken bij het sympathisch zenuwstelsel?

A.Acetylcholine
B.Serotonine
C.Norepinefrine
D.Dopamine

6. Wat is de belangrijkste neurotransmitter van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Serotonine
B.Acetylcholine
C.Dopamine
D.Adrenaline

7. Welke functie heeft het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Verhoogt de hartslag
B.Stimuleert spijsvertering
C.Versnelt ademhaling
D.Verhoogt bloeddruk

8. Wat stimuleert het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Vechten of vluchten
B.Spijsvertering
C.Stressreacties
D.Adrenalineafgifte

9. Wat is het effect van het sympathisch zenuwstelsel op de hartslag?

A.Verlaagt de hartslag
B.Beïnvloedt de hartslag niet
C.Verhoogt de hartslag
D.Vermindert het hartritme

10. Welke van de volgende reacties is niet geassocieerd met het sympathisch zenuwstelsel?

A.Verhoogde hartslag
B.Uitbreiding van de bronchiën
C.Verlaging van de spijsvertering
D.Verhoogde speekselproductie

11. Wat gebeurt er met de pupillen wanneer het sympathisch zenuwstelsel actief is?

A.Ze vernauwen
B.Ze verwijden
C.Ze blijven gelijk
D.Ze knipperen

12. Wat gebeurt er met de hartslag bij activatie van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Hartslag stijgt
B.Hartslag daalt
C.Hartslag blijft gelijk
D.Hartslag fluctueert

13. Waarop reageert het sympathisch zenuwstelsel?

A.Rustige situaties
B.Stress en gevaar
C.Slapen
D.Eten

14. Wat reguleert het parasympathisch zenuwstelsel voornamelijk?

A.Vecht- of vluchtreactie
B.Spijsvertering
C.Hartfrequentie verhoging
D.Adrenalineproductie

15. Wat is een effect van het parasympathisch zenuwstelsel op de ademhaling?

A.Versnelt de ademhaling
B.Vertraagt de ademhaling
C.Verandert de ademhaling niet
D.Verhoogt zuurstofopname

16. Welke functie heeft het parasympathisch zenuwstelsel met betrekking tot de pupil?

A.Vernauwing
B.Verwijdering
C.Geen effect
D.Verandering in kleur

17. Wat gebeurt er in het lichaam wanneer er stress is?

A.Verlaagde adrenaline niveaus
B.Geen verandering
C.Adrenaline wordt vrijgegeven
D.Verhoogde speekselproductie

18. Wat is de belangrijkste functie van het sympathisch zenuwstelsel?

A.Rust en herstel bevorderen
B.Energie mobiliseren
C.Spijsvertering stimuleren
D.Hartslag verlagen

19. Welke situatie activeert voornamelijk het sympathisch zenuwstelsel?

A.Tijdens slaap
B.Bij stress
C.Tijdens ontspanning
D.Bij meditatie

20. Wat remt het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Spijsvertering
B.Energieverbruikende activiteiten
C.Hartslag
D.Ademhaling

21. Wat is het verschil tussen het sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel?

A.Sympathisch ontspant, parasympathisch activeert
B.Sympathisch activeert, parasympathisch ontspant
C.Geen verschil
D.Beide hebben dezelfde functie

22. Waarvoor staat de afkorting ANS?

A.Algemeen Neuraal Systeem
B.Autonoom Nervensysteem
C.Autonoom Zenuwstelsel
D.Actief Neuraal Stelsel

23. Wat is het effect van het parasympathisch zenuwstelsel op de hartslag?

A.Verhoogt de hartslag
B.Verlaagt de hartslag
C.Verandert de hartslag niet
D.Houdt de hartslag constant

24. Bij welke activiteit is het parasympathisch zenuwstelsel voornamelijk actief?

A.Sporten
B.Slapen
C.Vecht- of vluchtreactie
D.Intensieve training

25. Hoe beïnvloedt het sympathisch zenuwstelsel de spijsvertering?

A.Verbetert spijsvertering
B.Remt spijsvertering
C.Heeft geen effect
D.Versnelt spijsvertering

26. Wat is een effect van het parasympathisch zenuwstelsel op de ademhaling?

A.Versnelt de ademhaling
B.Vertraagt de ademhaling
C.Versterkt de stressreactie
D.Verhoogt de hartslag

27. Welk systeem is verantwoordelijk voor de 'vecht of vlucht'-reactie?

A.Parasympathisch zenuwstelsel
B.Sympathisch zenuwstelsel
C.Centrala zenuwstelsel
D.Perifere zenuwstelsel

28. Welke van de volgende effecten is NIET gerelateerd aan het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Verhoogde spijsvertering
B.Verhoogde hartslag
C.Vernauwing van de pupil
D.Verlaagde ademfrequentie

29. Wat doet het sympathisch zenuwstelsel met de ademhaling?

A.Vermindert ademhalingsfrequentie
B.Verhoogt ademhalingsfrequentie
C.Heeft geen effect
D.Vertraagt ademhaling

30. Wat activeert voornamelijk het sympathisch zenuwstelsel?

A.Rustige meditatie
B.Fysieke activiteit
C.Diepe slaap
D.Eten van een maaltijd

31. Welke neurotransmitter is dominant in het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Serotonine
B.Noradrenaline
C.Acetylcholine
D.Adrenaline

32. Wat doet het parasympathisch zenuwstelsel met de bloedvaten?

A.Verwijdert ze
B.Verwijdert de binnenwand
C.Verwijdt ze
D.Verstopt ze

33. Wat is het effect van het sympathisch zenuwstelsel op de pupillen?

A.Pupillen vernauwen
B.Geen effect op pupillen
C.Pupillen verwijden
D.Pupillen knipperen

34. Wat zijn cholinerge receptoren?

A.Receptoren voor adrenaline
B.Receptoren voor acetylcholine
C.Receptoren voor dopamine
D.Receptoren voor noradrenaline

35. Wat is een effect van stress op het sympathisch zenuwstelsel?

A.Verlaagt de bloeddruk
B.Verhoogt de bloeddruk
C.Verlaagt de hartslag
D.Stimuleert spijsvertering

36. Wat is een effect van acetylcholine op de spijsvertering?

A.Remt de spijsvertering
B.Stimuleert enzymsecretie
C.Verhoogt de hartslag
D.Vermindert de doorbloeding van de darmen

37. Wat stimuleert het sympathisch zenuwstelsel in termen van bloeddruk?

A.Vasodilatatie
B.Vasoconstrictie
C.Bloeddruk verlagen
D.Geen effect

38. Wat is de rol van adrenaline in het sympathisch zenuwstelsel?

A.Vermindert energie
B.Verhoogt alertheid
C.Stimuleert spijsvertering
D.Vertraagt de hartslag

39. Wat doet het parasympathisch zenuwstelsel met de spijsvertering?

A.Remt spijsvertering
B.Stimuleert spijsvertering
C.Verandert niets aan spijsvertering
D.Verhoogt maagzuurproductie

40. Waar bevinden de zenuwen van het parasympathisch zenuwstelsel zich?

A.In de armen
B.In het ruggenmerg en hersenstam
C.In de benen
D.In de huid

41. Wat is de rol van zweetklieren onder invloed van het sympathisch zenuwstelsel?

A.Vermindert transpiratie
B.Activeert zweetproductie
C.Heeft geen effect
D.Verhoogt speekselproductie

42. Wat is een belangrijk kenmerk van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Stimuleert actie
B.Bevordert rust
C.Verhoogt adrenaline
D.Vertraagt de spijsvertering

43. Welke activatie heeft invloed op zweetklieren?

A.Parasympathisch zenuwstelsel
B.Sympathisch zenuwstelsel
C.Centraal zenuwstelsel
D.Geen van bovenstaande

44. Welk effect heeft het parasympathisch zenuwstelsel op de ademhaling?

A.Vertraagt de ademhaling
B.Versnelt de ademhaling
C.Maakt geen verschil
D.Verhoogt de zuurstofbehoefte

45. Wat gebeurt er met de bloedsuikerspiegel onder invloed van het sympathisch zenuwstelsel?

A.Verlaagt bloedsuiker
B.Verhoogt bloedsuiker
C.Geen effect
D.Reguleert bloedsuiker

46. Wat gebeurt er bij sympathische activatie?

A.Hartslag daalt
B.Energie wordt opgeslagen
C.Bloeddruk stijgt
D.Spijsvertering versnelt

47. Wat is een effect van het sympathisch zenuwstelsel op de urineproductie?

A.Stimuleert urineproductie
B.Remt urineproductie
C.Verandert niets aan urineproductie
D.Verhoogt urineproductie

48. Wat doet het parasympathisch zenuwstelsel met de blaas?

A.Remt blaascontractie
B.Stimuleert blaascontractie
C.Heeft geen effect
D.Verhoogt blaascapaciteit

49. Wat typeert de 'vecht of vlucht' mechanisme?

A.Rust en herstel
B.Voorbereiding op gevaar
C.Spijsvertering optimaliseren
D.Slaapregulatie

50. Wat is een effect van het sympathisch zenuwstelsel op de pupillen?

A.Pupillen vernauwen
B.Pupillen verwijden
C.Pupillen blijven gelijk
D.Pupillen knipperen

51. Bij welke activiteit is het parasympathisch zenuwstelsel vooral actief?

A.Intense training
B.Slaap
C.Stressvolle situaties
D.Werk

52. Wat is de rol van het parasympathisch zenuwstelsel bij herstel?

A.Stimuleert stressreacties
B.Verhoogt energieverbruik
C.Bevordert ontspanning en herstel
D.Vermindert spijsvertering

53. Wat beïnvloedt het sympathisch zenuwstelsel in stresssituaties?

A.Verhoogde eetlust
B.Bloeddrukverlagende mechanismen
C.Hormonale reacties
D.Rustige hartslag

54. Waar bevindt zich het centrum voor het autonoom zenuwstelsel?

A.In de ledematen
B.In de hersenstam en ruggenmerg
C.In de lever
D.In de longen

55. Wat is een verschil in effect tussen sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel?

A.Beide verhogen de hartslag
B.Sympathisch verlaagt bloeddruk
C.Parasympathisch verhoogt spijsvertering
D.Sympathisch stimuleert slaap

56. Wat gebeurt er bij de activatie van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Verhoogde bloeddruk
B.Verhoogde hartslag
C.Verminderde ademhalingsfrequentie
D.Verminderde spijsvertering

57. Waar vindt de sympathische activatie doorgaans plaats?

A.In de hersenen
B.In het ruggenmerg
C.In de lever
D.In de spieren

58. Wat is een verschil tussen sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel?

A.Sympathisch bevordert herstel, parasympathisch activeert
B.Sympathisch activeert, parasympathisch bevordert herstel
C.Sympathisch verlaagt hartslag, parasympathisch verhoogt
D.Sympathisch stimuleert spijsvertering, parasympathisch remt

59. Wanneer de amygdala actiever is, wat betekent dit voor het zenuwstelsel?

A.Parasympathisch is actief
B.Sympathisch is actief
C.Geen van beide
D.Beide zijn inactief

60. Vul in: Het parasympathisch zenuwstelsel wordt ook wel ________ genoemd.

A.Vecht- of vlucht systeem
B.Rust en vertering systeem
C.Energie verbruik systeem
D.Stress systeem

61. Wat leidt tot verhoogde bloedtoevoer tijdens sympathische activiteit?

A.Vasoconstrictie van spieren
B.Vasodilatatie van spieren
C.Verminderde bloeddruk
D.Afname van hartslag

62. Welk van de volgende processen wordt voornamelijk bevorderd door het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Spijsvertering
B.Verhoogde hartslag
C.Stressreactie
D.Versnelling van de ademhaling

63. Wat is het effect van stress op de ademhaling?

A.Vertraagt
B.Verhoogt
C.Verandert niets
D.Reguleert

64. Wat is het effect van parasympathische stimulatie op de hartspier?

A.Verhoogt de hartspanning
B.Bevordert ontspanning
C.Vertraagt de bloedstroom
D.Verhoogt de zuurstofbehoefte

65. Wat is de rol van adrenaline tijdens een sympathische reactie?

A.Vermindert het metabolisme
B.Verhoogt de hartslag
C.Verlaagt bloeddruk
D.Bevordert slaap

66. Welke van de volgende is géén functie van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Stimuleert spijsvertering
B.Verhoogt hartslag
C.Vermindert stress
D.Bevorderd herstel

67. Welk effect heeft het parasympathisch zenuwstelsel op de spijsvertering?

A.Verlaagt de doorbloeding van spijsverteringsorganen
B.Verhoogt de doorbloeding van spijsverteringsorganen
C.Heeft geen effect
D.Remt enzymsecretie

68. Wat is het effect van het sympathisch zenuwstelsel op de speekselklieren tijdens stress?

A.Verhoogt speekselproductie
B.Vermindert speekselproductie
C.Geen effect
D.Stimulatie van speekselproductie

69. Wat is een effect van het sympathisch zenuwstelsel op de bloeddruk?

A.Verlaagt de bloeddruk
B.Verhoogt de bloeddruk
C.Geen effect
D.Verandert de bloeddruk niet

70. Wat is de belangrijkste functie van het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Activeren van de vecht- of vluchtrespons
B.Regulatie van rust- en herstelprocessen
C.Verhoogde adrenalineproductie
D.Versnellen van de hartslag

71. Vasoconstrictie veroorzaakt door het sympathisch zenuwstelsel heeft welk effect?

A.Vermindert de bloeddruk
B.Verhoogt de bloeddruk
C.Stimuleert spijsvertering
D.Vertraagt de hartslag

72. Wat is een gevolg van de activatie van het sympathisch zenuwstelsel tijdens een stressvolle situatie?

A.Verhoogde hartslag
B.Verminderde ademhaling
C.Verhoogde spijsvertering
D.Vernauwing van de pupillen

73. Wat is het effect van het parasympathisch zenuwstelsel op de hartslag tijdens een ontspannende situatie?

A.Het verlaagt de hartslag
B.Het verhoogt de hartslag
C.Het houdt de hartslag gelijk
D.Het varieert de hartslag

74. Welke van de volgende effecten is NIET het resultaat van sympathische zenuwstelselactiviteit?

A.Verhoogde hartslag
B.Verwijding van de luchtwegen
C.Verhoogde spijsvertering
D.Vermindering van speekselproductie

75. Welke van de volgende functies is NIET gerelateerd aan het parasympathisch zenuwstelsel?

A.Stimuleert spijsvertering
B.Vertraagt hartslag
C.Verhoogt alertheid
D.Stimuleert urineproductie

76. Bij welke van de volgende situaties is het parasympathisch zenuwstelsel waarschijnlijk actief?

A.Tijdens een spannende sportwedstrijd
B.Tijdens een rustige eetpauze
C.Tijdens een gevaarlijke achtervolging
D.Tijdens een drukke werkdag

Gerelateerde sets

Maak je eigen studieset

Upload een PDF, plak je notities of beschrijf een onderwerp – AI genereert flashcards, quizzen en meer in seconden.