Vocabulaire: Duits scheidbare werkwoorden
Een set van flashcards met scheidbare werkwoorden in het Duits voor leerlingen in de bovenbouw, met duidelijke vertalingen en voorbeelden om de woordenschat effectief te leren.
Quiz(15 domande)
1. Wat betekent 'aufstehen'?
Termini in questo set(20)
aufstehen
opstaan
mitkommen
meekomen
einladen
uitnodigen
fernsehen
televisie kijken
abholen
afhalen
vorbereiten
voorbereiden
ausgehen
uitgaan
zuhören
a luisteren
weggehen
weggaan
aufhören
stoppen
losfahren
vertrekken
zusammenarbeiten
samenwerken
einkaufen
inkopen
mitbringen
meebrengen
rückgängig machen
ongedaan maken
abfahren
vertrekken
anrufen
bellen
aufmachen
openmaken
vorlesen
voorlezen
mitspielen
meespelen
Domande in questo set(15)
1. Wat betekent 'aufstehen'?
2. Welk woord betekent 'uitnodigen'?
3. Wat betekent 'fernsehen'?
4. Welk woord betekent 'stoppen'?
5. Wat betekent 'weggehen'?
6. Welk woord betekent 'afhalen'?
7. Wat betekent 'mitkommen'?
8. Welk woord betekent 'uitgaan'?
9. Wat betekent 'vorbereiten'?
10. Welk woord betekent 'samenwerken'?
11. Wat betekent 'losfahren'?
12. Welk woord betekent 'meebrengen'?
13. Wat betekent 'anrufen'?
14. Welk woord betekent 'openmaken'?
15. Wat betekent 'vorlesen'?
Set correlati
Mots : Allemand négation
Allemand sein et haben fiches
Allemand articles vocabulaire
Allemand ville fiches
Allemand accusatif fiches
Allemand nourriture fiches
Vocabulaire : Allemand séparables
Allemand famille fiches
Crea il tuo set di studio
Carica un PDF, incolla le tue note o descrivi un argomento – l'IA genera schede, quiz e altro in pochi secondi.

