Eindexamen kruisingen examen

Studie materiaal voor het eindexamen in biologie, specifiek over kruisingen en genetica.

SemD1·20 schede·17 domande
eindexamenbiologygenetics
0
Lo so
1 / 20
0
Sto imparando
Fronte

Wat is een gen?

Tocca per girare
Retro

Een gen is een segment van DNA dat de instructies bevat voor de synthese van een specifiek eiwit.

Tocca per girare
Lo so
Sto imparando

Quiz(17 domande)

Domanda 1 di 17

1. Wat is een fenotype?

Termini in questo set(20)

Wat is een gen?

Een gen is een segment van DNA dat de instructies bevat voor de synthese van een specifiek eiwit.

Wat betekent homozygoot?

Homozygoot betekent dat een individu twee identieke allelen voor een bepaald gen heeft.

Wat is het fenotype?

Het fenotype is de waarneembare eigenschap van een organisme, zoals kleur of vorm.

Vul in: AA x aa geeft...

F1-generatie met het genotypen Aa (alleen heterozygote nakomelingen).

Wat is het verschil tussen een dominant en recessief allel?

Een dominant allel wordt tot expressie gebracht in het fenotype, terwijl een recessief allel alleen tot expressie komt als het homozygoot is.

Wat is een punnettvierkant?

Een punnettvierkant is een diagram dat gebruikt wordt om de mogelijke genotypen van nakomelingen te voorspellen.

Wat betekent heterozygoot?

Heterozygoot betekent dat een individu twee verschillende allelen voor een bepaald gen heeft.

Wat is een allel?

Een allel is een variant van een gen dat zich op een bepaalde locus op een chromosoom bevindt.

Wat is de fenotypeverhouding van een monohybride kruising?

De fenotypeverhouding van een monohybride kruising is meestal 3:1.

Wat is de genotypen verhouding van een dihybride kruising?

De genotypen verhouding van een dihybride kruising is 1:2:1:2:4:2:1:2:1.

Wat houdt co-dominantie in?

Co-dominantie houdt in dat beide allelen in het fenotype tot uiting komen, zoals bij het AB-bloedgroep systeem.

Wat is een testkruising?

Een testkruising is een kruising van een onbekend genotypen met een homozygoot recessief individu om het genotype te bepalen.

Vul in: Incomplete dominantie geeft...

Een gemengd fenotype, zoals bij rode en witte bloemen die roze nakomelingen geven.

Wat is de rol van meiosis?

Meiose is het proces dat zorgt voor de productie van geslachtscellen met de helft van het aantal chromosomen.

Wat zijn geslachtsgebonden eigenschappen?

Eigenschappen die op de geslachtschromosomen liggen, zoals kleurblindheid, en meestal recessief zijn bij mannen.

Wat is een recombinant?

Een recombinant is een nakomeling met een nieuw combinatie van genen door kruisingsprocessen.

Wat houdt gene mapping in?

Gene mapping is het proces van het bepalen van de locatie van genen op chromosomen.

Wat is de formule voor de Hardy-Weinberg-evenwichtsverhouding?

De formule is p^2 + 2pq + q^2 = 1, waar p de frequentie van het dominante allel is en q van het recessieve.

Wat zijn polygenetische eigenschappen?

Eigenschappen die beïnvloed worden door meerdere genen, zoals huidkleur en lengte.

Wat is het belang van mutaties?

Mutaties zijn belangrijk voor variatie binnen een soort en kunnen bijdragen aan evolutie.

Domande in questo set(17)

1. Wat is een fenotype?

A.A. Genetische samenstelling
B.B. Waarneembare eigenschap
C.C. Chromosoomstructuur
D.D. Genetische mutatie

2. Wat betekent homozygoot?

A.A. Twee verschillende allelen
B.B. Twee identieke allelen
C.C. Een dominant allel
D.D. Een recessief allel

3. Wat is de verhouding van fenotypes bij een monohybride kruising?

A.A. 1:1
B.B. 2:1
C.C. 3:1
D.D. 1:2:1

4. Verschil tussen dominante en recessieve allelen?

A.A. Dominante allelen zijn altijd zichtbaar
B.B. Recessieve allelen zijn sterker
C.C. Beide zijn hetzelfde
D.D. Dominante allelen worden nooit doorgegeven

5. Wat gebeurt er bij co-dominantie?

A.A. Alleen één allel is zichtbaar
B.B. Beide allelen zijn zichtbaar
C.C. Geen enkele allel is zichtbaar
D.D. Allelen zijn gelijk

6. Wat is een testkruising?

A.A. Kruising van twee homozygoten
B.B. Kruising met onbekend genotypen
C.C. Kruising met een heterozygoot
D.D. Geen van bovenstaande

7. Wat is het doel van meiosis?

A.A. Cellen delen
B.B. Chromosomen verdubbelen
C.C. Productie van geslachtscellen
D.D. Eiwitten synthetiseren

8. Wat zijn polygenetische eigenschappen?

A.A. Eigenschappen door één gen
B.B. Eigenschappen door meerdere genen
C.C. Eigenschappen zonder genetische invloed
D.D. Eigenschappen door omgevingsfactoren

9. Wat houdt mutatie in?

A.A. Verandering in DNA
B.B. Verandert fenotype
C.C. Is altijd schadelijk
D.D. Komt nooit voor

10. Wat is een allel?

A.A. Een type eiwit
B.B. Een DNA-segment
C.C. Een variant van een gen
D.D. Een chromosoom

11. Wat houdt gene mapping in?

A.A. Het bepalen van genlocaties
B.B. Het maken van eiwitten
C.C. Het voorspellen van fenotypes
D.D. Het verminderen van variatie

12. Wat is de formule voor Hardy-Weinberg-evenwicht?

A.A. p + q = 1
B.B. p^2 + 2pq + q^2 = 1
C.C. 2p + 2q = 1
D.D. p - q = 0

13. Wat is een recombinant?

A.A. Een type allel
B.B. Een nakomeling met nieuwe gencombinaties
C.C. Een chromosoom
D.D. Een dominante eigenschap

14. Wat is de rol van het milieu in genetica?

A.A. Geen invloed
B.B. Beïnvloedt fenotypes
C.C. Beïnvloedt genotypen
D.D. Verandert DNA

15. Wat zijn geslachtsgebonden eigenschappen?

A.A. Eigenschappen op autosomen
B.B. Eigenschappen op geslachtschromosomen
C.C. Eigenschappen zonder chromosomen
D.D. Eigenschappen van alle organismen

16. Wat is een voorbeeld van incomplete dominantie?

A.A. Rode en witte bloemen
B.B. AB-bloedgroepen
C.C. Heterozygoten
D.D. Homozygoten

17. Wat zijn de producten van een dihybride kruising?

A.A. 2 fenotypes
B.B. 4 genotypen
C.C. 9 fenotypes
D.D. 16 genotypen

Set correlati

Crea il tuo set di studio

Carica un PDF, incolla le tue note o descrivi un argomento – l'IA genera schede, quiz e altro in pochi secondi.