Geheugen flashcards

Flashcards over geheugen in de psychologie.

Mighty58·19 fiches·15 questions
bovenbouwpsychologygeneral
0
Je sais
1 / 19
0
J'apprends
Recto

Wat is geheugen?

Appuyez pour retourner
Verso

Geheugen is het mentale proces dat informatie opslaat en terughaalt.

Appuyez pour retourner
Je sais
J'apprends

Quiz(15 questions)

Question 1 sur 15

1. Wat is een voorbeeld van expliciet geheugen?

Termes dans ce set(19)

Wat is geheugen?

Geheugen is het mentale proces dat informatie opslaat en terughaalt.

Soorten geheugen?

Er zijn drie hoofdtypes: kortetermijngeheugen, langetermijngeheugen en werkgeheugen.

Kortetermijngeheugen?

Houdt informatie vast voor enkele seconden tot minuten, zoals een telefoonnummer.

Langetermijngeheugen?

Bewaart informatie voor langere tijd, van dagen tot een leven lang.

Wat is werkgeheugen?

Een actieve vorm van geheugen die informatie tijdelijk vasthoudt voor verwerking.

Hoeveel items in kortetermijngeheugen?

Ongeveer 7 plus of min 2 items, volgens Miller's Law.

Wat zijn geheugensteuntjes?

Technieken om informatie beter te onthouden, zoals acroniemen of herhaling.

Herinnering versus herkenning?

Herinnering is actieve terugroep van informatie; herkenning is het identificeren van informatie.

Wat is vergeten?

Het onvermogen om opgeslagen informatie terug te halen, vaak door interferentie.

Wat beïnvloedt geheugen?

Factoren zoals aandacht, emotie, en herhaling hebben invloed op hoe goed we onthouden.

Wat is expliciet geheugen?

Verlangt actieve herinnering van feiten en gebeurtenissen, zoals het onthouden van een examenstof.

Wat is impliciet geheugen?

Onbewust geheugen zoals vaardigheden en ervaringen, zoals fietsen of zwemmen.

Wat zijn flashbulb herinneringen?

Levendige herinneringen aan emotionele gebeurtenissen, zoals een schokkende gebeurtenis.

Wat is geheugen consolideren?

Het proces waarbij nieuwe herinneringen stabiel worden en in langetermijngeheugen worden opgeslagen.

Wat is een amnesie?

Geheugenverlies dat kan worden veroorzaakt door trauma of ziekte.

Wat is de rol van de hippocampus?

De hippocampus speelt een cruciale rol in het vormen van nieuwe herinneringen.

Wat is de serial position effect?

De neiging om de eerste en laatste items in een lijst beter te onthouden.

Wat is retroactieve interferentie?

Nieuwe informatie verstoort het herinneren van oude informatie.

Wat is proactieve interferentie?

Oude informatie beïnvloedt het leren en onthouden van nieuwe informatie.

Questions dans ce set(15)

1. Wat is een voorbeeld van expliciet geheugen?

A.Het onthouden van je verjaardag
B.Fietsen zonder na te denken
C.Je favoriete muziek
D.Automatisch ademen

2. Hoeveel items kan kortetermijngeheugen gemiddeld vasthouden?

A.1-2 items
B.5-9 items
C.10-15 items
D.15-20 items

3. Wat is een geheugensteuntje?

A.Een manier om te vergeten
B.Een techniek om beter te onthouden
C.Een soort geheugenverlies
D.Een deel van het brein

4. Wat doet de hippocampus?

A.Verantwoordelijk voor emoties
B.Vormt nieuwe herinneringen
C.Reguleert het geheugenverlies
D.Bewaart oude herinneringen

5. Wat is een flashbulb herinnering?

A.Een herinnering aan een alledaagse gebeurtenis
B.Een levendige herinnering aan een emotionele gebeurtenis
C.Een vergeten herinnering
D.Een onbewuste herinnering

6. Wat is het serial position effect?

A.Het onthouden van het midden van een lijst
B.Het beter onthouden van de eerste en laatste items
C.Het vergeten van alle items
D.Het verwarren van items

7. Wat is retroactieve interferentie?

A.Oude informatie verstoort nieuwe informatie
B.Nieuwe informatie verstoort oude informatie
C.Geen invloed op geheugen
D.Beter onthouden van oude informatie

8. Wat is proactieve interferentie?

A.Oude informatie verstoort nieuwe informatie
B.Nieuwe informatie verstoort oude informatie
C.Geen invloed op geheugen
D.Beter onthouden van nieuwe informatie

9. Wat is vergeetachtigheid?

A.Het vermogen om goed te onthouden
B.Het onvermogen om opgeslagen informatie terug te halen
C.Een soort geheugensteuntje
D.Een techniek om informatie te leren

10. Wat houdt het werkgeheugen in?

A.Langdurige opslag van herinneringen
B.Actieve verwerking van informatie
C.Het vergeten van informatie
D.Een soort geheugenverlies

11. Wat is impliciet geheugen?

A.Actieve herinnering van feiten
B.Onbewust geheugen, zoals vaardigheden
C.Geheugenverlies
D.Herinnering van emoties

12. Wat is geheugen consolideren?

A.Het vergeten van informatie
B.Het proces van het stabiel maken van herinneringen
C.Het onthouden van informatie voor een korte periode
D.Een soort geheugensteuntje

13. Wat is een voorbeeld van kortetermijngeheugen?

A.Je hele leven onthouden
B.Een telefoonnummer dat je net gehoord hebt
C.Je favoriete boek
D.Fietsen

14. Wat is amnesie?

A.Een techniek om te leren
B.Geheugenverlies door trauma of ziekte
C.Het gemakkelijker onthouden van informatie
D.Een soort geheugensteuntje

15. Wat zijn geheugensteuntjes gebruikelijk?

A.Acroniemen en herhaling
B.Vergeetachtige technieken
C.Emotionele betrokkenheid
D.Gevoelens van heimwee

Sets associés

Créez votre propre set d'étude

Téléchargez un PDF, collez vos notes ou décrivez un sujet – l'IA génère des fiches, des quiz et plus en quelques secondes.

Mis en avant sur