Levend of niet begrippen

Levend of niet begrippen in de biologie. Wat is leven en wat is niet leven?

NoahV9·13 tarjetas·10 preguntas
onderbouwbiologycell_biology
0
Lo sé
1 / 13
0
Aprendiendo
Frente

Wat is een levend organisme?

Toca para voltear
Reverso

Een levend organisme kan groeien, zich voortplanten en reageren op prikkels.

Toca para voltear
Lo sé
Aprendiendo

Quiz(10 preguntas)

Pregunta 1 de 10

1. Is een auto levend?

Términos en este set(13)

Wat is een levend organisme?

Een levend organisme kan groeien, zich voortplanten en reageren op prikkels.

Noem een voorbeeld van een niet-levend ding.

Een steen is niet levend omdat het niet groeit of zich voortplant.

Wat heeft leven nodig?

Leven heeft energie, water, en een geschikte omgeving nodig om te overleven.

Is een plant levend?

Ja, een plant is levend omdat het groeit, zich voortplant en reageert op licht.

Is vuur levend?

Nee, vuur is niet levend. Het kan niet groeien of zich voortplanten.

Wat betekent 'metabolisme'?

Metabolisme is het geheel van chemische reacties in een organisme dat energie omzet.

Vullen de volgende zin in: Een virus is _____.

Een virus is niet levend omdat het geen cellen heeft en zich niet zelfstandig kan voortplanten.

Wat is een kenmerk van leven?

Een kenmerk van leven is het vermogen om zich aan te passen aan de omgeving.

Is een schimmels levend?

Ja, schimmels zijn levend. Ze groeien, voeden zich en reproduceren.

Wat is het verschil tussen levend en niet-levend?

Levende dingen hebben levensprocessen, niet-levende dingen niet.

Is een bacterie levend?

Ja, bacteriën zijn levend. Ze groeien, delen zich en reageren op omgevingsfactoren.

Verandert een hond in iets niet-levends?

Nee, een hond blijft levend totdat het sterft.

Dierlijke en plantaardige cellen zijn _____.

Dierlijke en plantaardige cellen zijn levend omdat ze functies van leven vervullen.

Preguntas en este set(10)

1. Is een auto levend?

A.Ja
B.Nee
C.Misschien
D.Alleen als het rijdt

2. Kan een bacterie zich voortplanten?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen onder bepaalde omstandigheden
D.Alleen bij hoge temperaturen

3. Is een steen een levend organisme?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Als het nat is

4. Wat is een voorbeeld van niet-leven?

A.Een plant
B.Een hond
C.Een computer
D.Een schimmel

5. Leven heeft energie nodig. Waar komt dat vandaan?

A.Van voedsel
B.Van computers
C.Van stenen
D.Van lucht

6. Is vuur een levend organisme?

A.Ja
B.Nee
C.Als het brandt
D.Alleen in de lucht

7. Wat doet een levend organisme?

A.Reageert op prikkels
B.Staat stil
C.Blijft altijd hetzelfde
D.Wordt niet groter

8. Is een virus levend?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen in een gastheer
D.Alleen als het zich voortplant

9. Groeit een plant?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Alleen als het regent

10. Wat is een kenmerk van leven?

A.Kan bewegen
B.Kan groeien
C.Is altijd groot
D.Is altijd groen

Sets relacionados

Crea tu propio set de estudio

Sube un PDF, pega tus notas o describe un tema – la IA genera tarjetas, quizzes y más en segundos.