Descartes cogito eindexamen oefenen

Deze spiekbrief bevat belangrijke begrippen en feiten over Descartes' cogito, gericht op eindexamenvragen in de epistemologie.

FinnFox·64 flashcards·64 questions·2 views
eindexamenphilosophyepistemology
0
Known
1 / 64
0
Learning
Front

Cogito ergo sum?

Tap to flip
Back

Ik denk, dus ik ben. Dit is de basis van Descartes' filosofie.

Tap to flip
Got it
Still learning

Quiz(64 questions)

Question 1 of 64

1. Wat betekent de uitspraak 'Cogito ergo sum'?

Terms in this Study Set(64)

Basisbegrippen van het Cogito(16)

Cogito ergo sum?

Ik denk, dus ik ben. Dit is de basis van Descartes' filosofie.

Wat betekent 'cogito'?

'Cogito' betekent 'ik denk' in het Latijn. Het verwijst naar het bewuste denken.

Wat is het fundament van kennis volgens Descartes?

Het fundament is twijfel. Door te twijfelen aan alles, komt men tot het bewijs van eigen bestaan.

Verschil tussen primaire en secundaire eigenschappen?

Primaire eigenschappen: objectieve kenmerken (gewicht, grootte). Secundaire eigenschappen: subjectieve ervaringen (kleur, geur).

Vul de lege plek in: Het cogito is een ______.

onbetwistbaar fundament voor kennis.

Wat is de betekenis van 'methodische twijfel'?

Twijfelen aan alles wat niet absoluut zeker is, om zo tot ware kennis te komen.

Waarop is het cogito gebaseerd?

Het is gebaseerd op het idee dat twijfelen zelf een vorm van denken is. Daarom ben je er.

Waarvoor dient de 'malicious demon' hypothese?

Het idee dat een kwade demon ons kan misleiden. Dit versterkt de noodzaak van het cogito.

Waar komt de uitspraak 'je pense, donc je suis' vandaan?

Het is de Franse vertaling van 'Cogito ergo sum', geïntroduceerd door Descartes.

Wat is een kritiek op het cogito?

Sommigen beweren dat het niet universeel toepasbaar is; niet iedereen denkt op dezelfde manier.

Reden van twijfel in het cogito?

Het is een methode om alle valse overtuigingen te elimineren, zodat alleen ware kennis overblijft.

Wat is een voorbeeld van een primaire eigenschap?

Bijvoorbeeld: 5 kilogram. Dit is een objectieve eigenschap van een voorwerp.

Wat is de rol van het lichaam volgens Descartes?

Het lichaam is een aparte entiteit van de geest; dit staat bekend als dualisme.

Wat betekent 'dualistisch denken'?

Het idee dat geest en lichaam twee verschillende substanties zijn die interactie hebben.

Wat is het effect van het cogito?

Het biedt een solide basis voor verdere filosofische en wetenschappelijke exploratie.

Wat is de conclusie van Descartes' cogito?

De conclusie is dat het bestaan van de denkende subject als zeker kan worden aangenomen.

Argumentatieve Structuur(16)

Cogito ergo sum

Betekent 'Ik denk, dus ik ben'. Fundamentele uitspraak van Descartes.

Wat is de eerste zekerheid volgens Descartes?

De eerste zekerheid is dat het denken zelf bestaat; het bestaan van de zelf die denkt.

Vul de lege plek in: Het verwijt van _______ is een kritiek op het cogito.

Scepticisme

Waarop baseert Descartes zijn bewijsvoering?

Op het onbetwijfelbare karakter van de eigen gedachten en het bestaan ervan.

Waarin verschilt Descartes' methodisch twijfel van scepticisme?

Methodisch twijfel is een strategie om tot zekerheid te komen; scepticisme betwijfelt alles zonder doel.

Wat betekent 'helder en duidelijk' voor Descartes?

Ideeën moeten zo evident zijn dat ze niet betwijfeld kunnen worden.

True or False: Descartes verwierp alle zintuiglijke waarnemingen.

False - Hij twijfelde aan de betrouwbaarheid, maar verwierp ze niet volledig.

Argumentatie van Descartes: stap 1?

Twijfelen aan alles wat niet zeker is.

Wat is de rol van God in Descartes' bewijsvoering?

God garandeert de waarheid van heldere en duidelijke ideeën.

Vul in: Descartes' methodologie is gebaseerd op _______.

Reden

Wat zijn de twee soorten ideeën volgens Descartes?

Aanwezige ideeën en verworven ideeën.

Wat concludeert Descartes over de geest?

De geest is beter bekend dan het lichaam; het is immaterieel.

Oorzaak → Gevolg: Wat is het gevolg van het cogito?

Bevestiging van het bestaan van de denkende zelf.

Wat is de 'tweevoudige substantie' in Descartes' denken?

Geest en lichaam zijn twee verschillende substanties.

Wat is een kritiek op Descartes' cogito?

Dat het geen solide basis biedt voor kennis over de buitenwereld.

Wat is de rol van twijfel in Descartes' denken?

Het is een methode om tot zekere kennis te komen.

Historische Context(16)

Wie was René Descartes?

Een Franse filosoof, wiskundige en wetenschapper, geboren in 1596.

Wat is het cogito?

De uitspraak 'Ik denk, dus ik ben' ('Cogito, ergo sum') is centraal in Descartes' filosofie.

Wat is rationalisme?

Een filosofische stroming die reden en logica als belangrijkste bronnen van kennis beschouwt.

Wie zijn tijdgenoten van Descartes?

- Thomas Hobbes - Baruch Spinoza - Blaise Pascal

Descartes vs. Hobbes: Opvatting over kennis?

Descartes benadrukt rede, Hobbes legt de nadruk op zintuiglijke ervaring.

Wat was Descartes' invloed op wiskunde?

Ontwikkeling van de analytische meetkunde, verbinding tussen algebra en geometrie.

Waarvoor staat 'Cogito, ergo sum'?

Het idee dat het bestaan van de denker bewezen kan worden door het denken zelf.

Fundament van Descartes' twijfel?

Radicale twijfel over alles wat niet zeker is: basis voor zijn filosofie.

Wat was de rol van het mechanisme in Descartes' denken?

Natuur werd gezien als een machine; alles kan verklaard worden door mechanische wetten.

Wat is de 'dualisme' in Descartes' filosofie?

Scheiding tussen geest (res cogitans) en lichaam (res extensa).

Wat is de invloed van Descartes op moderne wetenschap?

Hij legde de basis voor wetenschappelijke methoden gebaseerd op scepticisme en razernij.

Was Descartes een empirist?

Onwaar, hij was een rationalist die het belang van de rede benadrukte.

Wat is de circulaire redenatie in Descartes' denken?

Kennis van God vereist er goedkeuring voor de waarheid van onze ideeën.

Invloed van Descartes op Spinoza?

Spinoza bouwde voort op Descartes' ideeën, maar met een pantheïstische benadering.

Wat zijn de 'Meditaties'?

Een reeks filosofische teksten waarin Descartes zijn ideeën over bestaan en kennis uiteenzet.

Wat was de invloed van Descartes op de filosofie?

Descartes introduceerde methodische twijfel, leidde tot rationalisme en beïnvloedde denkers zoals Spinoza en Leibniz. Hij vestigde ideeën over de scheiding van lichaam en geest (dualisme). Zijn werk inspireerde de ontwikkeling van de moderne wetenschap en epistemologie.

Toepassingen en Kritieken(16)

Toepassing van het cogito in moderne psychologie?

Het cogito wordt gebruikt om zelfbewustzijn en identiteit te onderzoeken.

Waarop richt Descartes' scepticisme zich?

Op de betrouwbaarheid van zintuiglijke waarnemingen.

Waarin verschilt het cogito van empirisme?

Cogito: denken = bestaan. Empirisme: ervaring = kennis.

Wat zegt Kant over het cogito?

Kant vindt dat het niet voldoende is voor kennis; er zijn a priori concepten nodig.

Fill in the blank: 'Ik denk, dus ____.'

ik ben.

Is het cogito universeel toepasbaar?

Onjuist. Critici zeggen dat niet iedereen kan denken.

Wat is een hedendaagse kritiek op het cogito?

Het negeert de sociale en culturele context van kennis.

Descartes' invloed op informatica?

Zijn ideeën over reductie en analyse vormen basis voor algoritmisch denken.

Wat is een voorbeeld van toepassing in ethiek?

Het cogito helpt bij het definiëren van morele verantwoordelijkheid.

Hoe wordt het cogito gezien in postmodernisme?

Als verouderd; subjectiviteit en waarheid zijn contextafhankelijk.

Wat is de relatie tussen cogito en existentie?

Het cogito bevestigt de existentie van de denkende subject.

Wat zegt Heidegger over het cogito?

Hij bekritiseert het voor zijn individualisme, negerend de 'zijn' context.

Wat is een voorbeeld van het cogito in kunst?

Zelfportretten als uiting van zelfbewustzijn en reflectie.

Wat is een directe toepassing in onderwijs?

Stimuleert kritisch denken en reflectie bij leerlingen.

Is het cogito tijdloos?

Deels waar; het blijft relevant, maar krijgt kritiek in nieuwe contexten.

Descartes vs. Hume: hoe verschilt hun kijk op kennis?

Descartes: rationeel. Hume: empirisch, door ervaringen gevormd.

Questions in this Study Set(64)

1. Wat betekent de uitspraak 'Cogito ergo sum'?

A.Ik denk, dus ik ben.
B.Ik voel, dus ik ben.
C.Ik zie, dus ik ben.
D.Ik hoor, dus ik ben.

2. Wat betekent de uitspraak 'Cogito ergo sum'?

A.Ik denk, dus ik ben.
B.Ik voel, dus ik ben.
C.Ik weet, dus ik ben.
D.Ik zie, dus ik ben.

3. Wat is een toepassing van het cogito in de moderne psychologie?

A.Het onderzoek naar zelfbewustzijn en identiteit.
B.De analyse van zintuiglijke waarneming.
C.Het meten van emotionele intelligentie.
D.De ontwikkeling van psychofarmaca.

4. Wie ontwikkelde de analytische meetkunde?

A.René Descartes
B.Isaac Newton
C.Galileo Galilei
D.Thomas Hobbes

5. Wat is volgens Descartes de eerste zekerheid?

A.Het bestaan van de denkende zelf.
B.Het bestaan van materiële objecten.
C.De betrouwbaarheid van zintuigen.
D.Het bestaan van God.

6. Welke eigenschap valt onder primaire eigenschappen volgens Descartes?

A.Het gewicht van een voorwerp.
B.De kleur van een muur.
C.De geur van een bloem.
D.De smaak van een maaltijd.

7. Waarop richt Descartes' scepticisme zich?

A.De geloofwaardigheid van zintuiglijke waarnemingen.
B.De logica van wiskundige stellingen.
C.De existentie van materiële objecten.
D.De objectiviteit van wetenschappelijk onderzoek.

8. Wat betekent de uitspraak 'Cogito, ergo sum'?

A.Ik denk, dus ik ben
B.Ik zie, dus ik ben
C.Ik voel, dus ik ben
D.Ik weet, dus ik ben

9. Wat is een kritiek op het cogito?

A.Het biedt geen solide basis voor kennis over de buitenwereld.
B.Het is te moeilijk te begrijpen.
C.Het is niet relevant voor moderne filosofie.
D.Het is alleen een emotionele uitspraak.

10. Wat is de rol van methodische twijfel in Descartes' filosofie?

A.Het helpt bij het vinden van onbetwistbare waarheden.
B.Het bevordert religieuze overtuigingen.
C.Het zorgt voor sociale zekerheid.
D.Het leidt tot morele beslissingen.

11. Hoe verschilt het cogito van empirisme?

A.Cogito: denken = bestaan; Empirisme: ervaring = kennis.
B.Cogito: ervaring = bestaan; Empirisme: denken = kennis.
C.Cogito: bestaan = waarneming; Empirisme: denken = ervaring.
D.Cogito: waarneming = kennis; Empirisme: bestaan = denken.

12. Welke denker legde de nadruk op zintuiglijke ervaring?

A.Baruch Spinoza
B.René Descartes
C.Thomas Hobbes
D.Gottfried Wilhelm Leibniz

13. Wat betekent 'helder en duidelijk' in Descartes' denken?

A.Ideeën moeten niet betwijfeld kunnen worden.
B.Ideeën moeten eenvoudig zijn.
C.Ideeën moeten aantrekkelijk zijn.
D.Ideeën moeten populair zijn.

14. Wat betekent 'cogito' in het Latijn?

A.Ik denk.
B.Ik voel.
C.Ik weet.
D.Ik zie.

15. Wat zegt Kant over het cogito?

A.Het is niet voldoende voor kennis zonder a priori concepten.
B.Het bevestigt de subjectieve ervaring als basis voor kennis.
C.Het is de enige manier om waarheid te bereiken.
D.Het negeert de rol van de zintuigen in kennis.

16. Wat is een kenmerk van Descartes' dualisme?

A.Verbinding tussen geest en lichaam
B.Scheiding tussen geest en lichaam
C.Integratie van kennis en ervaring
D.Focus op empirisme

17. Wat is de rol van God in Descartes' bewijsvoering?

A.God garandeert de waarheid van heldere en duidelijke ideeën.
B.God is de creator van de zintuigen.
C.God maakt twijfelen mogelijk.
D.God is irrelevante in zijn filosofie.

18. Wat is een kritiek op het cogito?

A.Het is niet universeel toepasbaar.
B.Het is te moeilijk te begrijpen.
C.Het is volledig waar.
D.Het heeft geen praktische toepassing.

19. Vul de lege ruimte in: 'Ik denk, dus ____.'

A.ik ben.
B.ik voel.
C.ik weet.
D.ik besta.

20. Wat was het doel van Descartes' methodische twijfel?

A.Om alles te accepteren
B.Om verwarring te veroorzaken
C.Om betrouwbare kennis te vinden
D.Om empiristische ideeën te ondersteunen

21. Wat is de betekenis van methodisch twijfelen?

A.Twijfelen aan alles om tot zekerheid te komen.
B.Aannemen dat alles onwaar is.
C.Alles accepteren zonder twijfel.
D.Twijfelen als doel op zich.

22. Welke eigenschap is een voorbeeld van een secundaire eigenschap?

A.De kleur van een appel.
B.Het gewicht van een boek.
C.De hoogte van een gebouw.
D.De lengte van een tafel.

23. Is het cogito universeel toepasbaar?

A.Onjuist, critici zeggen dat niet iedereen kan denken.
B.Juist, het is toepasbaar voor alle mensen.
C.Juist, het geldt voor alle levende wezens.
D.Onjuist, alleen voor westerse filosofieën.

24. Welk idee is kenmerkend voor rationalisme?

A.Kennis komt voornamelijk uit ervaring
B.Kennis komt voornamelijk uit rede en logica
C.Kennis is altijd subjectief
D.Kennis is onveranderlijk

25. Welke uitspraak over de geest is waar volgens Descartes?

A.De geest is immaterieel en beter bekend dan het lichaam.
B.De geest is alleen een product van de hersenen.
C.De geest is materieel en meetbaar.
D.De geest bestaat niet.

26. Wat is het effect van het cogito?

A.Het biedt een solide basis voor kennis.
B.Het leidt tot religieuze overtuigingen.
C.Het bevordert sociale cohesie.
D.Het verwart mensen.

27. Wat is een hedendaagse kritiek op het cogito?

A.Het negeert sociale en culturele context van kennis.
B.Het is te afhankelijk van zintuiglijke waarneming.
C.Het veronderstelt een absoluut waarheidsconcept.
D.Het is te simplistisch voor complexe ethische vraagstukken.

28. Wie was geen tijdgenoot van Descartes?

A.Blaise Pascal
B.Baruch Spinoza
C.David Hume
D.Thomas Hobbes

29. Wat zijn de twee soorten ideeën volgens Descartes?

A.Aanwezige ideeën en verworven ideeën.
B.Theoretische ideeën en praktische ideeën.
C.Klare ideeën en vage ideeën.
D.Zintuiglijke ideeën en rationele ideeën.

30. Wat is de betekenis van de 'malicious demon' hypothese?

A.Het idee dat we bedrogen kunnen worden.
B.Het geloof in bovennatuurlijke wezens.
C.Een theorie over het universum.
D.Een uiting van creatief denken.

31. Wat is Descartes' invloed op informatica?

A.Zijn ideeën over reductie en analyse vormen de basis voor algoritmisch denken.
B.Zijn werk leidde tot de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie.
C.Zijn theorieën helpen bij het programmeren van complexe systemen.
D.Zijn filosofie weerhoudt informatici van creatief denken.

32. Wat is de rol van het mechanisme in Descartes' denken?

A.De natuur is chaotisch
B.De natuur kan niet worden begrepen
C.De natuur functioneert als een machine
D.De natuur is subjectief

33. Wat is de conclusie van Descartes over zintuiglijke waarnemingen?

A.Zintuiglijke waarnemingen zijn niet altijd betrouwbaar.
B.Zintuiglijke waarnemingen zijn altijd waar.
C.Zintuiglijke waarnemingen zijn volledig onbelangrijk.
D.Zintuiglijke waarnemingen zijn de enige bron van kennis.

34. Wat is de conclusie van Descartes' cogito?

A.Het bestaan van de denkende subject is zeker.
B.Het lichaam en geest zijn één.
C.Alles is twijfelachtig.
D.Ware kennis is onbereikbaar.

35. Wat is een voorbeeld van toepassing in ethiek van het cogito?

A.Het helpt bij het definiëren van morele verantwoordelijkheid.
B.Het biedt een basis voor utilitaristische principes.
C.Het rechtvaardigt egoïsme als moreel gedrag.
D.Het ontkent de rol van emoties in ethische beslissingen.

36. Wat is geen gevolg van Descartes' invloed op moderne wetenschap?

A.Invoering van methodische twijfel
B.Afwijzing van empirisme
C.Basis voor het scepticisme
D.Ontwikkeling van de wetenschappelijke methode

37. Wat is de 'tweevoudige substantie' in Descartes' denken?

A.Geest en lichaam zijn twee verschillende substanties.
B.Zintuigen en verstand zijn één substantie.
C.Ideeën en materie zijn dezelfde substantie.
D.Lichaam en geest zijn dezelfde substantie.

38. Wat is de betekenis van dualisme in Descartes' gedachte?

A.De scheiding van geest en lichaam.
B.De eenheid van alle dingen.
C.De afhankelijkheid van materie.
D.De homogeniteit van ervaring.

39. Hoe wordt het cogito gezien in het postmodernisme?

A.Als verouderd; subjectiviteit en waarheid zijn contextafhankelijk.
B.Als een tijdloos principe dat blijft gelden.
C.Als een belangrijk fundament voor objectieve kennis.
D.Als een onbetwistbare waarheid.

40. Wat hield de circulaire redenatie in Descartes' denken in?

A.Kennis van God is onbelangrijk
B.Kennis van God vereist ons verstand
C.Kennis is onveranderlijk
D.Kennis is altijd subjectief

41. Wat is de oorzaak van het cogito volgens Descartes?

A.Het bevestigt het bestaan van de denkende zelf.
B.Het ontkent het bestaan van de buitenwereld.
C.Het benadrukt de noodzaak van geloof.
D.Het negeert de rol van de zintuigen.

42. Wat is het fundament van kennis volgens Descartes?

A.Twijfel.
B.Geloof.
C.Ervaring.
D.Gezag.

43. Wat is de relatie tussen cogito en existentie?

A.Het cogito bevestigt de existentie van het denkende subject.
B.Het cogito ontkent de existentie van materiële dingen.
C.Het cogito stelt dat alleen zintuiglijke ervaringen bestaan.
D.Het cogito is irrelevant voor het begrip van existentie.

44. Welke van de volgende teksten zijn geen 'Meditaties' van Descartes?

A.Meditatie over de Eerste Filosofie
B.Meditatie over de Mens
C.Meditatie over de Geest
D.Meditatie over de Natuur

45. Wat is een belangrijk verschil tussen methodisch twijfelen en scepticisme?

A.Methodisch twijfelen heeft een doel; scepticisme twijfelt alles zonder doel.
B.Scepticisme is productief; methodisch twijfelen niet.
C.Methodisch twijfelen negeert feiten; scepticisme niet.
D.Er is geen verschil.

46. Wat is een voorbeeld van methodische twijfel?

A.Betwijfelen van de werkelijkheid van zintuiglijke ervaringen.
B.Geloven in de waarheid van religieuze teksten.
C.Acceptatie van alle meningen.
D.Vaststellen van feiten zonder bewijs.

47. Wat zegt Heidegger over het cogito?

A.Hij bekritiseert het voor zijn individualisme, negerend de 'zijn' context.
B.Hij steunt het als een kernprincipe van existentiële filosofie.
C.Hij negeert het in zijn eigen werk volledig.
D.Hij beschouwt het als de basis van menselijke ervaring.

48. Welk filosofisch idee is afkomstig van Baruch Spinoza?

A.Rationalisme
B.Realisme
C.Pantheïsme
D.Idealismus

49. Vul de lege plek in: Descartes baseert zijn bewijsvoering op ______.

A.Reden.
B.Emotie.
C.Geloof.
D.Zintuigen.

50. Welk van de volgende is geen primaire eigenschap?

A.De geur van een roos.
B.De massa van een gewicht.
C.De temperatuur van het water.
D.De lengte van een straat.

51. Wat is een voorbeeld van het cogito in kunst?

A.Zelfportretten als uiting van zelfbewustzijn en reflectie.
B.Abstracte schilderkunst die de realiteit negeert.
C.Kunstwerken die alleen gebaseerd zijn op gevoel.
D.Installaties die geen verband houden met de maker.

52. Wat is een belangrijk verschil tussen Descartes en Hobbes?

A.Hobbes steunde de rationalistische benadering
B.Descartes geloofde in zintuiglijke ervaringen
C.Descartes benadrukte rede, Hobbes zintuiglijke ervaring
D.Hobbes was een filosoof van de natuurwetenschap

53. Wat is de rol van twijfel in het denken van Descartes?

A.Het is een methode om tot zekere kennis te komen.
B.Het is een teken van zwakte.
C.Het is irrelevant voor de filosofie.
D.Het leidt tot cynisme.

54. Wat vertegenwoordigt het cogito in de epistemologie?

A.Een onbetwistbaar fundament voor kennis.
B.Een vorm van creatief denken.
C.Een filosofische stroming.
D.Een religieuze overtuiging.

55. Wat is een directe toepassing van het cogito in onderwijs?

A.Het stimuleert kritisch denken en reflectie bij leerlingen.
B.Het beperkt variatie in leerstijlen.
C.Het vertelt leerlingen wat ze moeten geloven.
D.Het vermindert de participatie in groepsdiscussies.

56. Wat is een kenmerk van Descartes' filosofie?

A.Afwijzing van de rede
B.Vaststelling van de subjectiviteit
C.Nadruk op methodische twijfel
D.Acceptatie van alle kennis

57. Wat is het doel van Descartes' methodisch twijfelen?

A.Zekerheid bereiken
B.Alle kennis verwerpen
C.Zintuigen vertrouwen
D.Emoties analyseren

58. Wat is een gevolg van het cogito voor de wetenschap?

A.Het moedigt een kritische benadering aan.
B.Het verwerpt empirische gegevens.
C.Het bevestigt alle bestaande theorieën.
D.Het maakt wetenschap onbelangrijk.

59. Is het cogito tijdloos?

A.Deels waar; het blijft relevant, maar krijgt kritiek in nieuwe contexten.
B.Ja, het is altijd toepasbaar.
C.Nee, het is verouderd en irrelevant.
D.Ja, het is de basis van alle kennis.

60. Wat was het belangrijkste uitgangspunt van Descartes' filosofie?

A.De waarheid kan door de rede worden vastgesteld.
B.Het bestaan van materie is onbetwistbaar.
C.Zintuiglijke ervaring is de enige bron van kennis.
D.Emoties zijn onbelangrijk voor de rationaliteit.

61. Welke uitspraak is onjuist met betrekking tot de geest en het lichaam volgens Descartes?

A.De geest is immaterieel.
B.Het lichaam is ondergeschikt aan de geest.
C.Geest en lichaam zijn één substantie.
D.De geest denkt onafhankelijk van het lichaam.

62. Wat is de functie van het cogito in de epistemologie?

A.Het biedt een onbetwistbaar fundament voor kennis.
B.Het toont aan dat alleen waarheden bestaan.
C.Het weerspiegelt de subjectieve ervaring van de geest.
D.Het verklaart de interactie tussen lichaam en geest.

63. Hoe verschilt de kijk op kennis tussen Descartes en Hume?

A.Descartes: rationeel; Hume: empirisch, door ervaringen gevormd.
B.Descartes: empirisch; Hume: rationeel.
C.Beiden zijn voorstander van een rationele benadering.
D.Beiden leggen de nadruk op zintuiglijke waarneming.

64. Welk van de volgende stellingen is een gevolg van Descartes' invloed op de filosofie?

A.De ontwikkeling van methodische twijfel.
B.De afwijzing van alle wiskundige principes.
C.Het geloof in alleen zintuiglijke ervaring.
D.De voorkeur voor emotie boven rede.

Related Study Sets

Create Your Own Study Set

Upload a PDF, paste your notes, or describe a topic – AI generates flashcards, quizzes and more in seconds.