Vocabulaire: Engels can en must
Deze set bevat vocabulaire over de Engelse woorden 'can' en 'must'. Ideaal voor leerlingen in de onderbouw die hun Engelse woordenschat willen uitbreiden met alledaagse onderwerpen.
Quiz(8 questions)
1. Wat betekent 'can'?
Terms in this Study Set(19)
can
kunnen
must
moeten
I can swim
Ik kan zwemmen
You must study
Je moet studeren
can I help you?
Kan ik je helpen?
must have
moet hebben
can you see?
Kun je het zien?
must not
moet niet
I can go now
Ik kan nu gaan
You must listen
Je moet luisteren
can we play?
Kunnen we spelen?
must be careful
moet voorzichtig zijn
can I try?
Mag ik proberen?
must finish
moet afmaken
can you help me?
Kun je me helpen?
must do
moet doen
can you speak English?
Kun je Engels spreken?
must see
moet zien
can I have that?
Mag ik dat hebben?
Questions in this Study Set(8)
1. Wat betekent 'can'?
2. Welk woord betekent 'moet'?
3. Wat betekent 'I can swim'?
4. Welk woord betekent 'moet niet'?
5. Wat betekent 'can I help you?'
6. Welk woord betekent 'moet doen'?
7. Wat betekent 'must be careful'?
8. Welk woord betekent 'mag ik dat hebben?'
Related Study Sets
Angielski A2 – Słówka: dom i rodzina
Englisch Relativsätze Karteikarten
Wörter: Englisch Abitur Kommentar Aufbau
Vokabeln: Englisch Adjektivsteigerung
Englisch Abitur analysis verbs Karteikarten
Englisch Abitur Zusammenfassung
Englisch Abitur Mediation
Wörter: Englisch some any much many
Create Your Own Study Set
Upload a PDF, paste your notes, or describe a topic – AI generates flashcards, quizzes and more in seconds.

