Overhoren: Hoofdletters

Overhoren over hoofdletters in de Nederlandse taal.

BramDragon·13 Karteikarten·10 Fragen
onderbouwlanguage_artsorthography
0
Gewusst
1 / 13
0
Lerne noch
Vorderseite

Wanneer gebruik je een hoofdletter?

Tippen zum Umdrehen
Rückseite

Gebruik een hoofdletter aan het begin van een zin en bij namen.

Tippen zum Umdrehen
Gewusst
Lerne noch

Quiz(10 Fragen)

Frage 1 von 10

1. Schrijf je de naam van een stad met een hoofdletter?

Begriffe in diesem Lernset(13)

Wanneer gebruik je een hoofdletter?

Gebruik een hoofdletter aan het begin van een zin en bij namen.

Hoofdletter bij maanden?

Ja, schrijf de namen van maanden met een hoofdletter: Januari, Februari.

Hoofdletter bij dagen van de week?

Ja, de dagen van de week krijgen ook een hoofdletter: Maandag, Dinsdag.

Wat is een voorbeeld van een eigennaam?

Bijvoorbeeld: Nederland, Amsterdam en Piet. Deze woorden beginnen met een hoofdletter.

Is 'school' een eigennaam?

Nee, 'school' is geen eigennaam. Het is een algemeen woord.

Waarmee begin je een zin?

Je begint een zin altijd met een hoofdletter.

Hoofdletter bij nationaliteiten?

Ja, schrijf nationaliteiten met een hoofdletter: Nederlander, Duitser.

Wanneer schrijf je 'u' met een hoofdletter?

Als je iemand formeel aanspreekt: 'Heer, kunt u helpen?'

Vul in: De hoofdstad van Nederland is ____ .

Amsterdam. Hoofdletter omdat het een eigennaam is.

Hoofdletters in titels?

Ja, de eerste letter van elk belangrijk woord in een titel is een hoofdletter.

Is 'hond' met een hoofdletter?

Nee, 'hond' is geen eigennaam en krijgt geen hoofdletter.

Hoofdletter bij feestdagen?

Ja, schrijf feestdagen met een hoofdletter: Kerstmis, Pasen.

Wat is een goede zin?

'De zon schijnt.' begint met een hoofdletter.

Fragen in diesem Lernset(10)

1. Schrijf je de naam van een stad met een hoofdletter?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Alleen in titels

2. Bij welke van de volgende hoort een hoofdletter?

A.maandag
B.februari
C.school
D.fiets

3. Is 'scholen' een eigennaam?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Alleen in meervoud

4. Schrijf je 'u' altijd met een hoofdletter?

A.Ja, in formele situaties
B.Nee, nooit
C.Slechts in brieven
D.Alleen in titels

5. Hoofdletter bij namen van dieren?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Alleen bij huisdieren

6. Begint elke zin met een hoofdletter?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen vragen
D.Alleen uitspraken

7. Krijgt 'uiteraard' een hoofdletter?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen aan het begin van een zin
D.Alleen in titels

8. Schrijf je 'Pasen' met een hoofdletter?

A.Ja
B.Nee
C.Soms
D.Alleen in teksten

9. Is 'Juli' een maand?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen in de zomer
D.Alleen in de winter

10. Krijgt 'school' een hoofdletter?

A.Ja
B.Nee
C.Alleen bij naam van de school
D.Alleen in zinnen

Ähnliche Lernsets

Eigenes Lernset erstellen

Lade ein PDF hoch, füge Notizen ein oder beschreibe ein Thema – KI erstellt Karteikarten, Quizze und mehr in Sekunden.