Engels weer onderbouw flashcards

Deze set van flashcards bevat alledaagse Engelse woorden en zinnen, met hun vertalingen in het Nederlands. Ideaal voor leerlingen in de onderbouw die hun Engelse vocabulaire willen uitbreiden.

OwlJulia3·30 Karteikarten·19 Fragen·1 Aufrufe
onderbouwlanguagesenglish
0
Gewusst
1 / 30
0
Lerne noch
Vorderseite

apple

Tippen zum Umdrehen
Rückseite

appel

Tippen zum Umdrehen
Gewusst
Lerne noch

Quiz(19 Fragen)

Frage 1 von 19

1. Wat betekent apple?

Begriffe in diesem Lernset(30)

apple

appel

book

boek

cat

kat

dog

hond

elephant

olifant

happy

blij

big

groot

small

klein

run

rennen

jump

springen

eat

eten

drink

drinken

hello

hallo

goodbye

tot ziens

thank you

dank je

please

alsjeblieft

yes

ja

no

nee

school

school

friend

vriend

family

familie

water

water

food

voedsel

car

auto

train

trein

bicycle

fiets

house

huis

city

stad

country

land

star

ster

Fragen in diesem Lernset(19)

1. Wat betekent apple?

A.appel
B.peer
C.banaan
D.kers

2. Welk woord betekent dog?

A.kat
B.hond
C.vogel
D.vis

3. Wat betekent happy?

A.blij
B.verdrietig
C.boos
D.bang

4. Welk woord betekent water?

A.melk
B.sap
C.water
D.thee

5. Wat betekent school?

A.school
B.universiteit
C.bibliotheek
D.klas

6. Welk woord betekent bicycle?

A.auto
B.fiets
C.bus
D.trein

7. Wat betekent goodbye?

A.hallo
B.doei
C.tot ziens
D.welkom

8. Welk woord betekent family?

A.familie
B.vrienden
C.buurt
D.groep

9. Wat betekent run?

A.rennen
B.lopen
C.zwemmen
D.springen

10. Welk woord betekent star?

A.ster
B.maan
C.zon
D.planeet

11. Wat betekent eat?

A.drinken
B.eten
C.slapen
D.spelen

12. Welk woord betekent city?

A.dorp
B.stad
C.land
D.gebied

13. Wat betekent no?

A.ja
B.nee
C.misschien
D.altijd

14. Welk woord betekent friend?

A.vriend
B.kennis
C.buur
D.familielid

15. Wat betekent drink?

A.eten
B.drinken
C.slapen
D.studeren

16. Welk woord betekent car?

A.fiets
B.trein
C.auto
D.bus

17. Wat betekent please?

A.dank je
B.alsjeblieft
C.sorry
D.goedemorgen

18. Welk woord betekent food?

A.voedsel
B.drank
C.snack
D.gerecht

19. Wat betekent elephant?

A.olifant
B.neushoorn
C.leeuw
D.tijger

Ähnliche Lernsets

Eigenes Lernset erstellen

Lade ein PDF hoch, füge Notizen ein oder beschreibe ein Thema – KI erstellt Karteikarten, Quizze und mehr in Sekunden.